Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Koninklijke Hoogovens in Velsen Noord

Nijverheid Industrie

Wenckebachstraat 1
1951JZ Velsen Noord (gemeente Velsen)
Noord Holland

Bouwjaar: ca. 1947-1951
Architect: W.M. Dudok


Beschrijving van Koninklijke Hoogovens

Inleiding KANTOORGEBOUW bestaande uit hoofdgebouw met tekenzaal (1947-1951) en directievleugel (1956), gebouwd als hoofdkantoor voor De Koninklijke Nederlandse Hoogovens en Staalfabrieken N.V. naar ontwerp van W.M. Dudok (1884-1974). In de Tweede Wereldoorlog liep het complex van de Hoogovens zware oorlogsschade op. Herstel van het complex kreeg hoge prioriteit van de regering en Hoogovens groeide uit tot de belangrijkste leverancier van staal voor de wederopbouw van het land. Het toenmalige hoofdkantoor, de villa Blijenhoeve, werd al snel te klein. De directie nodigde in 1947 vier architecten uit om een schetsontwerp te maken voor een nieuw representatief centraal hoofdkantoor bij de toegang van het bedrijfsterrein dat in fases gebouwd kon worden. Het ontwerp van de architect Dudok werd verkozen boven de ontwerpen van de architecten Oud, Roosenburg en Zwiers. Voor de bouw van het nieuwe hoofdkantoor was een terrein bij de hoofdtoegang van het bedrijf beschikbaar dat doorsneden werd door de hoofdtoegangsweg. Dudok positioneerde het hoofdgebouw loodrecht op de toegangsweg. Door het hoofdgebouw gedeeltelijk over de toegangsweg heen te bouwen, ontstond een monumentaal poortgebouw dat toegang geeft tot het achtergelegen bedrijfsterrein. Haaks op het noord-zuid gelegen hoofdgebouw werd aan de zuidkant de vleugel met de tekenzaal gebouwd. Dudok had het L-vormige hoofdkantoor zodanig ontworpen dat het uitgebreid kon worden. In 1956 werd de eerste uitbreiding opgeleverd. Dit betrof de directievleugel - de zogenoemde 'gouden' vleugel - die eveneens door Dudok ontworpen was. De directievleugel kwam aan de noordzijde in een knik ten opzichte van het hoofdgebouw te liggen. Met de bouw van de directievleugel werd het voorplein aan drie zijden door een vleugel begrensd en ontstond een besloten representatief entreeplein. In 1959 werd boven de hoofdentree van de directievleugel een bronzen sculptuur geplaatst van A.P. Schaller (1920-1981). De engel, de denker en de arbeider verbeelden de harmonie van het hoofd- en het handwerk van Hoogovens. Dudok ontwierp doelbewust een flexibel kantoorgebouw dat zowel uitgebreid als (intern) aangepast kon worden aan het dynamische staalbedrijf. Het hoofdkantoor is in de loop der jaren dan ook diverse malen aan de binnen- en de buitenzijde aangepast en verbouwd; er werden vleugels aangebouwd (de vleugels aan de achterzijde zijn na de jaren '50 gebouwd en vallen niet onder de bescherming), de interne indeling werd gewijzigd en de vleugel met de tekenzaal werd met 8 traveeën verlengd en later verbouwd tot restaurant en vergadercentrum en voorzien van een eigen entree aan de achterzijde. In 1999 onderging het hoofdkantoor een ingrijpende renovatie waarbij zowel het interieur als het exterieur aangepakt werden. Het gebouw kreeg een nieuwe hoofdentree die toegang geeft tot een nieuwe imposante hal. Het voorplein werd gedeeltelijk verhoogd waardoor het plein aan de zijde van de hoofdentree op het niveau van de begane grond van het hoofdgebouw kwam te liggen. De gevelbekleding is vervangen. Het transparante dak van de voormalige tekenzaal werd voorzien van aluminium dakbeplating. Met uitzondering van de ramen van de poort zijn de stalen ramen vervangen door aluminium ramen met dubbele beglazing. Het hoofdkantoor is nog steeds bij de rechtsopvolger van Hoogovens in gebruik. Hoogovens maakt thans onderdeel uit van Tata Steel. Omschrijving Het KANTOORGEBOUW van het hoofdkantoor bestaat uit het langwerpige hoofdgebouw, de vleugel die oorspronkelijk gebouwd was voor de tekenzaal en de directievleugel. De drie vleugels omsluiten het voorplein. Het kantoorgebouw is opgetrokken met een staalskelet. De gevels hebben geen dragende functie. Hierdoor konden de gevels zeer vlak gedetailleerd worden om de plastische werking van de poort te accentueren. De toegepaste materialen en kleuren versterken dit effect. De gevels van het hoofdgebouw en de tekenzaal zijn bekleed met vlakke warm bruine tegels. De gevels van de directie vleugel en de binnenwanden van de poort zijn bekleed met een vlakke witte Portland kalksteenbekleding. Hierdoor onderscheiden deze bijzondere onderdelen zich van de rest van het ensemble. De in witte (oorspronkelijk smalle) stalen kozijnen gevatte vensters zijn in het gevelvlak geplaatst. Het langwerpige hoofdgebouw telt zes bouwlagen; een kelder, vier verdiepingen en een doorgaande zolder. De bouwlagen worden afgedekt door een betonschaaldak. De architectuur is helder en strak. De gevelindeling wordt bepaald door de strakke ritmiek van de vensters van de vier verdiepingen en weerspiegelt de heldere opzet van het hoofdgebouw. De gevels worden verticaal geleed door de regenpijpen die vanaf de dakrand over de volle hoogte van de gevel lopen. Het meest karakteristieke element van het hoofdgebouw is de poort die zich links van het midden bevindt. Onder de poort door loopt de toegangsweg naar het achterliggende fabrieksterrein. De poort is vormgegeven als een gat in het gebouw dat zich uitstrekt over de volle hoogte van de vier verdiepingen. De kantoren aan weerszijden van de poort zijn verbonden door een ondergrondse gang en drie glazen loopbruggen boven elkaar die terugliggend in het midden van de poort geplaatst zijn. De dakrand boven de poort en de glazen luchtbruggen rusten op stalen witte pijlers. Op de glazen gevel van de luchtbruggen is in geel stalen letters de naam KONINKLIJKE HOOGOVENS aangebracht. Door de poort hoger te maken dan nodig is voor het passerende verkeer, de binnengevels van de poort met witte natuursteen te bekleden en de invulling van de poort in glas uit te voeren ontstaat een monumentale doorgang die door zijn omvang en transparantie het massieve hoofdgebouw een zekere lichtheid geeft. Oorspronkelijk was het hoofdgebouw toegankelijk via een entree met brede bordestrap en een omhoog golvende luifel op schuine kolommen die in de eerste travee ten noorden van de poort gesitueerd was. Deze hoofdentree is echter vervangen door een nieuwe, naar het noorden verschoven, ingangspartij. De vleugel die oorspronkelijk ontworpen was voor de tekenzaal telt twee bouwlagen. De noordgevel van deze vleugel heeft een transparant karakter door de grote vensters die zich over de twee bouwlagen uitstrekken. Van oorsprong had deze vleugel een langgerekte, concave lichtkoepel op stalen spanten, die van bovenaf voor gelijkmatige verlichting van de werkplekken in de tekenzaal zorgde. De directievleugel telt drie bouwlagen. De directievleugel is eveneens strak en helder vormgegeven maar oogt minder massief doordat de gevels van de onderste twee bouwlagen zijn bekleed met vlakke witte natuursteen platen. De bovenste bouwlaag is uitgevoerd in dezelfde bruine tegels als de rest van het hoofdkantoor. De begane grond en eerste verdieping zijn aan de oostzijde uitgebouwd richting het water. Dit deel van de vleugel kraagt uit over de lager gelegen groenstrook en rust op twee witte stalen kolommen. Een enkele deur die toegang geeft tot een balkonnetje met stalen hekwerk is de enige opening in de verder blinde gevel van de uitbouw. In het interieur is de luchtige stalen wenteltrap in het hoofdgebouw van belang. Deze trap bevindt zich in de verkeersruimte waar van oorsprong de entreehal was. Waardering Het KANTOORGEBOUW dat gebouwd is als hoofdkantoor voor De Koninklijke Nederlandse Hoogovens en Staalfabrieken N.V. is van algemeen belang als essentieel toonbeeld van de vroege Wederopbouw vanaf 1940 vanwege: - de cultuurhistorische waarde als hoofdkantoor van één van de belangrijkste industrieën van de wederopbouwperiode. Het gebouw is tevens van belang als een vroeg naoorlogs voorbeeld van een flexibel kantoorgebouw dat zowel intern als extern aangepast kan worden aan de dynamische bedrijfsvoering van een groot bedrijf; - de architectuurhistorische waarde als één van de belangrijkste gebouwen in het naoorlogse oeuvre van de architect W.M. Dudok. Het kantoorgebouw is tevens van belang vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het ontwerp waarbij de imposante poort in het hoofdgebouw in combinatie met de drie vleugels, die in een soort u-vorm rond het voorplein zijn gebouwd, een monumentaal entreegebouw voor het achtergelegen fabrieksterrein heeft opgeleverd. Daarnaast kent het gebouw een zorgvuldige detaillering; - de stedenbouwkundige waarde door de situering van de vleugels die aan drie zijden het entreeplein omsluiten waardoor een markant representatief entreeplein ontstaat dat toegang geeft tot het achterliggende fabrieksterrein. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 530948
Laatste wijziging: 2014-12-09 19:54:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Koninklijke Hoogovens
Hoogovens IJmuiden
Hoogovens IJmuiden
Onderdeel van Tata Steel Europe
Onderdeel sinds 2007
Oprichting 1918
Hoofdkantoor IJmuiden
Industrie staal
Portaal:  Economie
Hoofdgebouw Hoogovens
Het entreegebouw van Dudok
Het entreegebouw van Dudok
Locatie Velsen-Noord
Coördinaten 52° 28′ NB, 4° 37′ OL
Huidig gebruik Toegangspoort, kantoorgebouw
Start bouw 1947
Bouw gereed 1951
Verbouwing 1956 (directievleugel)
Monumentstatus Rijksmonument
Monumentnummer 530948
Architect Willem Dudok
Eigenaar Tata Steel Europe
Portaal:  Civiele techniek en bouwkunde

Koninklijke Hoogovens, voluit: Koninklijke Nederlandse Hoogovens en Staalfabrieken NV (kortweg Hoogovens of KNHS) was een staal, later ook aluminium producerend bedrijf in Velsen en Beverwijk. Tegenwoordig is het onder de naam Tata Steel IJmuiden een onderdeel van Tata Steel Europe.

Het bedrijf werd opgericht op 20 september 1918. Het bedrijf werd gefinancierd door de Nederlandse Staat, de Gemeente Amsterdam, Nederlandse ondernemingen en grote particuliere investeerders. Het werd gesitueerd in IJmuiden, vanwege de goede ligging aan zee en afvoermogelijkheden via het Noordzeekanaal. Voor de overheid diende het "eigen" staalbedrijf om de afhankelijkheid van geïmporteerd staal te dempen; de Nederlandse staat zou zich tot in de jaren 90 met het bedrijf bemoeien in de vorm van financiële steun.[1] In 1999 fuseerde het met British Steel tot Corus.

Onder schaakliefhebbers is het vooral bekend als hoofdsponsor van het Hoogovens Schaaktoernooi, tegenwoordig Tata Steel-toernooi, een van de sterkst bezette schaaktoernooien ter wereld.

Geschiedenis

Opbouw

Omstreeks 1914 ontstonden de eerste denkbeelden aangaande een Nederlands hoogovenbedrijf, als initiatieven van de ondernemer H.J.E. Wenkebach en ingenieur Jan C. Ankersmit. In 1916 vertrok Ankersmit naar de Verenigde Staten, maar Wenkebach zette de plannen door. De bedoeling hiervan was om Nederland minder afhankelijk te maken van de import van staal. Door toedoen van de Eerste Wereldoorlog werden deze plannen actueel en in 1917 werd het Comité voor de oprichting van een Hoogoven- Staal- en Walswerk in Nederland opgericht.

Op 20 september 1918 werd de Koninklijke Nederlandsche Hoogovens en Staalfabrieken NV opgericht en in 1920 begonnen de werkzaamheden, waartoe wel een prachtig duingebied, De Breesaap geheten, werd opgeofferd. Lid van het oprichtingscomité was ook Dolph Kessler. In 1920 werd hij benoemd tot directeur en vanaf 1924 werd hij president-directeur. Dit zou hij blijven tot zijn dood in augustus 1945, met uitzondering van een periode tijdens de Tweede Wereldoorlog waarin hij door de Duitse bezetters vanwege zijn principiële houding op non-actief werd gesteld. Andere bestuurders uit de beginjaren waren Arnold Hugo Ingen Housz, Johan Frederik ten Doesschate en Willem van Vloten.

Na veel discussie over de juiste locatie van de fabrieken werd uiteindelijk de voorkeur gegeven aan IJmuiden boven Rotterdam. De ligging aan het Noordzeekanaal maakt immers de aanvoer van grondstoffen en de afvoer van eindproducten zeer goed mogelijk. In november 1918 werden enkele honderden hectaren duin- en bosgrond aangekocht direct ten noorden van de sluizen. In september 1919 werd begonnen met de aanleg van een haven voor de aanvoer van steenkool en ijzererts. Om deze haven te bereiken was het niet nodig de sluizen van IJmuiden te passeren. Weer een jaar later startte de bouw van een cokesfabriek en twee hoogovens, voldoende voor een productie van 200.000 ton ruwijzer per jaar. Medio 1923 was de bouw afgerond. De eerste 4.000 ton Zweeds ijzererts werd gelost op 6 september 1923, en op 22 januari 1924 werd Hoogoven nummer 1 aangestoken en het eerste ijzer geproduceerd[2]. De tweede hoogoven werd in 1926 in werking gesteld en begin jaren 30 van de 20e eeuw de derde.

Industrieel complex

Beelden uit 1967 van ingebruikneming van zesde hoogoven van de Hoogovens te Velsen, de grootste in Europa.
Reportage uit 1969 over de nieuwe blok- en warmbandwalserij van de Hoogovens te IJmuiden.

Al in een vroeg stadium ontstond er een industrieel complex, waarbij ook de reststoffen werden verwerkt tot nuttige producten. Zo werd in 1924 de Bijproductenfabriek in werking gesteld, waar het kooksovengas gereinigd werd van steenkoolteer. Dit laatste werd naar de Cindu te Uithoorn verscheept voor verdere verwerking. Het gas werd in de eigen energiecentrale verstookt of als stadsgas aan naburige gemeenten geleverd.

Ook in 1924 werd de Phoenix Steenfabriek opgezet, die metselstenen uit hoogovenslakken vervaardigde. Hiervan werden diverse gebouwen op het Hoogoventerrein opgetrokken, maar de productie bleek niet economisch levensvatbaar en werd in 1927 gestaakt.

In 1928 werd de Maatschappij tot Exploitatie van Kooksovengassen (Mekog) opgericht. Later ging dit bedrijf ook kunstmest maken uit slakken. Het Provinciaal Elektriciteitsbedrijf van Noord-Holland (P.E.N.) bouwde in 1931 een krachtcentrale te Velsen-Noord. Deze verbrandde de restgassen.

In 1930 kwam de Cementfabriek IJmuiden (Cemij) tot stand, die slakken tot cement verwerkte.

De papierfabriek van Van Gelder maakte gebruik van de afgewerkte stoom van het Hoogovenbedrijf. De Papierfabriek was reeds in 1896 te Velsen gebouwd, nadat het Noordzeekanaal was gegraven.

Op 21 oktober 1939 werden de eerste aandelen van de Koninklijke Nederlandsche Hoogovens en Staalfabrieken NV op de Amsterdamse effectenbeurs genoteerd.

Verdere uitbouw

Terrein van Hoogovens in Beverwijk.
Bioscoopjournaal uit 1947: Tijdens de Tweede Wereldoorlog voerden de Duitsers alle installaties van de walserij voor zware platen van de Hoogovens te IJmuiden weg naar Duitsland. Alles is nu bij de rechtmatige eigenaar terug en weer in bedrijf.

In 1936 startte de productie van gietijzeren buizen, en in 1939 begon de staalproductie in de Martin Staalfabriek (MSF). In 1972 werd deze fabriek stilgelegd. Daarvoor in de plaats kwam het oxystaalproces. Oxystaalfabriek 1 werd in 1958 geopend en oxystaalfabriek 2 in 1968.

In 1938 werd besloten om een walserij voor scheepsplaat op te zetten, de Walserij West. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de machines door de bezetter naar Duitsland verplaatst, en ze kwamen in 1946 weer terug. In 1947 werd deze fabriek in gebruik genomen. Ze werd gesloten in 1992.

In 1937 startte Van Leer's Walsbedrijven op het terrein van Hoogovens met een fabriek. Deze werd in 1941 door Hoogovens overgenomen als Walserij Oost. In 1953 werd deze uit productie genomen.

In 1950 werd de Breedband N.V. opgezet, dat mede door de Marshallhulp werd gefinancierd. Het kreeg een afzonderlijke structuur. De fabriek bestond uit een warmband- en koudbandwalserij en een dompelvertinnerij. De fabriek werd in 1953 geopend. Producten waren onder meer plaatstaal en blik. In 1958 werd een elektrolytische vertinbaan in gebruik genomen. In 1965 werd Breedband geheel door KNHS overgenomen.

Men overwoog de staalproductie uit te breiden. Dit leidde tot de bouw van Hoogoven 4 en 5. Deze kwamen achtereenvolgens in 1958 en 1961 in gebruik. De oudere hoogovens werden nu voor speciale producten gebruikt. In 1964 werd de Staaf- en Draadwalserij (SDW) in bedrijf genomen, doch deze werd in 2000 weer stilgelegd. Dit gebouw was anderhalve kilometer lang.

In de jaren 60 van de 20e eeuw besloot men te diversificeren. In 1966 werd daartoe de aluminiumsmelter Aldel te Delfzijl in gebruik genomen. Later in dat jaar publiceerde Hoogovens grootse plannen om vier miljoen ton staal per jaar te gaan produceren. Over de volle breedte van het productieproces zijn nieuw installaties gepland waaronder hoogoven 6, oxystaalfabriek 2, blokwalserij 3, warmbandwalserij 2 en koudbandwalserij 2.

Omstreeks 1970 werd een plan gelanceerd een Hoogovens-vestiging in het Rijnmondgebied te vestigen. Onder meer door protesten van actiegroepen ging dit niet door.

In 1972 fuseerde de Koninklijke Hoogovens met het Duitse Hoesch tot het Estel-concern. Al in 1982 werd deze fusie ongedaan gemaakt.

In 1981 werd de eerste continugietmachine voor staal in gebruik genomen. Dit betekende het einde van het blokgieten en de blokwalserijen. Als eerste ging dat jaar blokwalserij 1 dicht. In 1984 werd in oxystaalfabriek 2 de eerste vacuümpanbehandelingsinstallatie geïnstalleerd waarmee de kwaliteit van het staal verbeterde. In 1991 werden Hoogovens 3, 4 en 5 gesloten. De laatste van deze drie werd in 1997 ontmanteld en alleen de grote Hoogovens 6 en 7 produceren nog ruwijzer.

Gebouwen

Het hoofdgebouw uit 1951 is een ontwerp van de Nederlandse architect Willem Dudok in samenwerking met zijn compagnon Robert Magnée. Zij wonnen een prijsvraag die voor het ontwerp was uitgeschreven in 1947. Het hoofdgebouw bestaat uit een langwerpig kantoorgebouw van drie verdiepingen dat onderbroken wordt door een bijna even hoge glazen poort die toegang geeft tot het productieterrein. Links voor de poort was de eerste vleugel. Hierin bevond zich de tekenkamer. Een tweede vleugel is de zogenaamde gouden vleugel, de plaats van de directie. Hoofdgebouw, tekenkamer en gouden vleugel vormen de drie wanden van een plein dat de entree vormt. Aan de 'achterkant' van het gebouw, aan de kant van de productie, zijn in de loop der jaren nog drie vleugels aangebouwd. Een van de redenen dat het ontwerp van Dudok de prijsvraag won, is dat het hoofdgebouw zich goed leende voor uitbreiding. De buitenkant van de gebouwen is bekleed met bruine tegelstrips om de aanslag van luchtvervuiling niet direct zichtbaar te laten zijn. Alleen de zogenaamde gouden vleugel is bekleed met wit natuursteen. In het hoofdgebouw was er tot voor kort een werkende paternosterlift.

Corus en Tata Steel Europe

1rightarrow blue.svg Zie Tata Steel Europe voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 6 oktober 1999 fuseerde Koninklijke Hoogovens met de Britse sectorgenoot British Steel. Koninklijke Hoogovens vertegenwoordigde vervolgens een aandeel van 38,3% in het gevormde Corus[3] dat toen de op twee na grootste staalproducent ter wereld werd.

Mijlpalen

  • 1914: Eerste plannen.
  • 1918: Oprichting van Hoogovens.
  • 1920: Start van de bouw van het bedrijf.
  • 1924: Ingebruikname van de eerste hoogoven.
  • 1926: Ingebruikname van de tweede hoogoven.
  • 1928: Oprichting van de Maatschappij tot exploitatie van Kooksovengassen (Mekog).
  • 1930: Oprichting van de Cementfabriek IJmuiden (Cemij) door Hoogovens. Ingebruikname van de derde hoogoven.
  • 1931: Oprichting van het Staalstudiebureau voor onderzoek naar verdere uitbreiding van het bedrijf. Bouw van de PEN-centrale.
  • 1935: Bouw van een staalfabriek volgens het Siemens-Martinproces en een walserij voor dikke plaat.
  • 1936: Start van de productie van gietijzeren buizen.
  • 1938: Ingebruikname van de plaatwalserij.
  • 1939: Ingebruikname van de profiel- en strippenwalserij en de staalfabriek.
  • 1939: Notering aan de Amsterdamse effectenbeurs.
  • 1941: Overname van Van Leer's Walsbedrijven door Hoogovens, hernoemd tot Walserij Oost.
  • 1948: Ingebruikname van de ruwijzergietmachine.
  • 1951: Opening van het hoofdgebouw naar ontwerp van Willem Dudok.
  • 1953: Beëindiging van de productie van Walserij Oost.
  • 1958: Ingebruikname van de vierde hoogoven.
Bioscoopjournaal uit 1961. Ingebruikneming van de vijfde hoogoven door dhr. Spies, voorzitter van het college van adjunct-directeuren.
  • 1961: Ingebruikname van de vijfde hoogoven.
  • 1963: Invoering van het zeester-logo.
  • 1965: Overname van foliewalserij Aluminium Vaassen.
  • 1966: Ingebruikname van aluminiumsmelter Aldel te Delfzijl.
  • 1972: Fusie van Hoogovens en Hoesch tot Estel.
  • 1972: Beëindiging van de productie van de drie oudste hoogovens.
  • 1975: Sloop van de drie oudste hoogovens (de fundamenten werden pas in 1989 verwijderd).
  • 1982: Fusie van Hoogovens en Hoesch wordt ongedaan gemaakt.
  • 1987: Overname van Kaiser Aluminium, waarmee Hoogovens tot de grootste vier aluminiumproducenten van Europa gaat behoren.
  • 1989: Koopt een 20% aandelenbelang in Aluminerie Alouette (Canada). In juni 1992 start de productie.
  • 1999: Fusie van Hoogovens en British Steel tot Corus.
  • 2007: Overname van Corus door Tata Steel.
  • 2010: Hernoeming van Corus in Tata Steel Europe.

Resultaten

Bioscoopjournaal uit 1980: Bij Hoogovens zijn steeds meer vrouwen werkzaam. Het bedrijf is via personeelsadvertenties nadrukkelijk op zoek naar vrouwelijke werknemers.

Hoogovens heeft de laatste tien jaren voor de fusie met British Steel goede resultaten behaald. In slechts één jaar, 1992, leed het bedrijf een negatief bedrijfsresultaat van ƒ 41 miljoen. De staalproductie was het laagst in 1991 en het hoogste in 1998, bijna 7 miljoen ton. De productie van aluminium in de twee eigen smelters was in deze tien jaar gestegen van 175.000 ton op jaarbasis naar 225.000 ton. Hoogovens verkocht ongeveer de dubbele hoeveelheid aan bewerkte aluminiumproducten. In 1992 stond de staalmarkt onder zware druk, de Sovjet-Unie was uit elkaar gevallen en ook uit de voormalige Oostbloklanden werd veel staal geëxporteerd waardoor de prijs in West-Europa in elkaar stortte. Hoogovens nam in 1992 een grote buitengewone last van bijna ƒ 600 miljoen om kostenbesparende maatregelen te nemen; de daling van de werkgelegenheid van bijna 27.000 in 1992 naar minder dan 20.000 in 1994 wordt hierdoor verklaard.

Jaar[4] Netto omzet Bedrijfsresultaat Nettoresultaat Werknemers[5] Staalproductie
1989 ƒ 9.011 miljoen ƒ 997 miljoen ƒ 751 miljoen 27.872 5,4 miljoen ton
1990 ƒ 8.429 miljoen ƒ 660 miljoen ƒ 298 miljoen 27.443 5,2 miljoen ton
1991 ƒ 8.095 miljoen ƒ 215 miljoen ƒ (51) miljoen 27.546 4,9 miljoen ton
1992 ƒ 7.722 miljoen ƒ (41) miljoen ƒ (595) miljoen 26.799 5,2 miljoen ton
1993 ƒ 7.219 miljoen ƒ 41 miljoen ƒ (234) miljoen 23.875 5,8 miljoen ton
1994 ƒ 7.934 miljoen ƒ 597 miljoen ƒ 354 miljoen 19.968 5,9 miljoen ton
1995 ƒ 8.100 miljoen ƒ 960 miljoen ƒ 507 miljoen 19.387 6,1 miljoen ton
1996 ƒ 7.933 miljoen ƒ 573 miljoen ƒ 326 miljoen 19.167 6,2 miljoen ton
1997 ƒ 9.996 miljoen ƒ 813 miljoen ƒ 498 miljoen 22.800 6,7 miljoen ton
1998 ƒ 10.811 miljoen ƒ 850 miljoen ƒ 415 miljoen 22.790 6,7 miljoen ton
1998 € 4.906 miljoen € 188 miljoen
2005 € 2.200 miljoen 9500 6,9 miljoen ton
2007 € 695,6 miljoen
2014/2015 € 344,4 miljoen[6] 9000
2015/2016 € 155,7 miljoen[6] 9000 7 miljoen ton[7]
2017[8] 9000 7 miljoen

Zie ook

Naslagwerken

  • Dr. J.J. Dankers e.a., Hoogovens 1945-1993, Sdu Uitgeverij Den Haag, 1993, ISBN 90 12 08030 4
  • W. Nieuwenhuys, Concern in beweging: 75 jaar Hoogovens, Hoogovens Groep 1993, ISBN 90 6611 023 6

Externe links


Monumenten in de buurt van Koninklijke Hoogovens in Velsen Noord

Watertoren

Evertsenstraat 2
IJmuiden (Gemeente Velsen)
Inleiding WATERTOREN uit 1914-1915, deel uitmakend van het waterleidingcomplex Evertsenstraat. In 1953 is de toren bepleisterd. Omschrijv..

Filtergebouw

Evertsenstraat 2
IJmuiden (Gemeente Velsen)
Inleiding FILTERGEBOUW uit 1914-1915, deel uitmakend van het waterleidingcomplex Evertsenstraat. N.B. De latere aanbouwen tegen de linker..

Pompgebouw

Evertsenstraat 2
IJmuiden (Gemeente Velsen)
Inleiding POMPGEBOUW uit 1914-1915, deel uitmakend van het waterleidingcomplex Evertsenstraat. In XXd zijn de meerruits ijzeren vensters di..

raadhuis

raadhuisstraat 20
ijmuiden (Gemeente velsen)
Raadhuis met binnenplaats.

St. Joseph

Wijkerstraatweg 55
Velsen Noord (Gemeente Velsen)
Inleiding Op een ruim perceel tussen de Wijkerstraatweg en de Grote Hout- of Koningsweg gesitueerde rooms-katholieke KERK gewijd aan Sint J..

Kaart & Routeplanner