Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Sint Hubertus: Jachthuis Sint-Hubertus/buitenverblijf/landhuis in Otterlo

Kasteel Buitenplaats

Apeldoornseweg 258
6730AA Otterlo (gemeente Ede)
Gelderland

Bouwjaar: 1914-1916
Architect: H.P. Berlage

Top 100 monument

Sint Hubertus: Jachthuis Sint-Hubertus/buitenverblijf/landhuis

Otterlo, Jachtslot Sint Hubertus: gebouwd tussen de jaren 1915 en 1920 naar ontwerp van Dr. H.P. Berlage in opdracht van A.G. Kröller. Behalve het gebouw ontwierp Berlage ook het interieur met de voor zijn stijl kenmerkende materialen als geglazuurde en gekleurde baksteen; bovendien werd het meubilair door Berlage ontworpen. Het jachtslot, een in Nederland zelden voorkomende bouwopdracht, vertoont een interessante vorm waarin onder andere een hoge middentoren en uitspringende vleugels de plattegrond karakteriseren, in de vorm van het gewei van een hert, het hert, waaraan de legende van Sint Hubertus, patroon der jagers, refereert. Het jachtslot vormt zowel door zijn architectuur als door zijn inrichting in het oeuvre van Berlage een uitzonderlijk exponent, omdat veel van zijn ontwerpideeën hierin op onbekrompen wijze zijn verwezenlijkt. Aan de uitvoering werd door verschillende kunstenaars meegewerkt. De staat waarin dit alles tot ons is gekomen is onaangetast en volkomen gaaf. Het type "jachtslot" als bouwopdracht is voor Nederlandse begrippen uitzonderlijk en krijgt nog meer betekenis als men bedenkt dat deze schepping werd gebouwd voor een gefortuneerd bouwheer door een socialistisch bouwmeester.

Beschrijving van Sint Hubertus: Jachthuis Sint-Hubertus/buitenverblijf/landhuis

Omschrijving In het park 'De Hoge Veluwe' gelegen JACHTHUIS/ BUITENVERBLIJF/ LANDHUIS, onderdeel van de buitenplaats 'Sint Hubertus', naar ontwerp van H.P. Berlage (1914-1916) in opdracht van het echtpaar A.G. Kröller en H.E.L.J. Kröller-Müller. De bouw van het huis is uitgevoerd door de Haagse firma Nederlandsche Aannemings Maatschappij v/h H.F. Boersma. Architect H. van de Velde heeft, na het vertrek van Berlage in 1919, de werkzaamheden voltooid. Naast Berlage en Van de Velde hebben de kunstenaars B. van der Leck en professor A. Hennig uit Bunzlau een belangrijke bijdrage geleverd. B. van der Leck is verantwoordelijk voor de afwerking van de binnenruimten. A. Hennig ontwierp de glas-in-loodramen in de hal. Verschillende beeldhouwwerken zijn vervaardigd door J. Mendes da Costa en behoren tot de kunstcollectie van het Kröller-Müller Museum. Het huis bestaat uit een rechthoekig hoofdblok met een toren en twee vleugels. De belangrijkste woonvertrekken bevinden zich in het hoofdblok aan de vijverzijde (zuidwestgevel). Aan de hofzijde bevindt zich de entree aan een achtzijdig binnenhof, omsloten door de noordoostgevel van het hoofdblok, de twee geknikte vleugels, de toegangshekken en het achtergebouw (hondenverblijf, fietsenstalling, berging). De vleugels bevatten de slaap-, logeer- en dienstvertrekken. De binnenhof van het jachthuis is achtzijdig en wordt gevormd door een ruitvormig plein met afgeschuinde hoeken. De hof is bereikbaar via twee hekken. De vloer bestaat uit bakstenen klinkers met langs de gevels, op de vluchtheuvel en de buitenkennel estriken. Centraal in de symmetrische gevel aan de hofzijde bevindt zich op de begane grond de ingang in een inpandig portiek onder een luifel. De gevel op de verdieping ligt terug. Aan weerszijden van de entreepartij bevindt zich een vleugel bestaande uit een bouwlaag, die met een knik de binnenhof omsluit. Centraal in de gevel bevindt zich een fors dakhuis. Aan de uiteinden van de gevels twee knikken die aansluiten op de muren en hekken die vervolgens weer aansluiten op het tegenover de ingang gelegen achtergebouw. In de muren zijn banken en reliëfs aangebracht. Het centrale deel van de symmetrische gevel aan de vijverzijde bestaat uit twee bouwlagen met op de begane grond zeven regelmatig verdeelde vensters met aan weerszijden een uitgebouwde veranda. Het terras tussen de veranda's wordt overkapt door een pergola. Op de verdieping bevinden zich eveneens zeven regelmatig verdeelde vensters met aan weerszijden een balkon, bereikbaar via een deur met zijramen. De gevel wordt afgesloten door een schilddak, waarachter de toren zich bevindt. Aan de kopse kanten van de vijverzijde is een halfronde kamer uitgebouwd, afgesloten door een halfrond dak dat door een lage dakkapelstrook wordt doorbroken. De linkerkamer heeft een hoog in de gevel geplaatste reeks vensters, de rechter heeft omlopende vensters met dezelfde hoogte als die van de huiskamer. De zuidoostgevel is het gedeelte waar zich de voormalige privé vertrekken van het echtpaar Kröller-Müller bevinden. De gevel is, zij het spiegelbeeldig, vrijwel identiek aan de noordwestgevel. Uiterst links bevindt zich een halfronde theekamer gevolgd door de rechte zijde van het hoofdblok met op de begane grond, de in 1918 toegevoegde erker aan de zitkamer van mevrouw. Op de verdieping bevindt zich het brede dakhuis van de voormalige linnenkamer met daarboven de dakkapel van de biljartkamer. Rechts van de rechte gevel van het hoofdblok een hoge bouwmassa met balkon waarna de gevel wand schuin naar voren buigt ter hoogte van de zitkamer van mijnheer. Op de verdieping wederom een breed dakhuis, ditmaal van de vroegere kinderspeelkamer. De gevel buigt weer af, bestaande uit twee bouwlagen met hoekbalkons. De gevel eindigt in een laag, ondiep gedeelte dat aansluit op de muur en het hek die de binnenhof omsluiten. De noordwestgevel is, zij het in spiegelbeeld, vrijwel identiek aan de zuidoostgevel met uiterst links de korte kant die aansluit op de muur en het hek die de binnenhof omsluiten, een korte gevel, de lange gevel met dakhuis schuin ten opzichte van het hoofdblok en het hoofdblok zelf met een dakhuis. Uiterst rechts een halfronde rookkamer. De rijzige toren met vierkante plattegrond wordt afgesloten door een zadeldak. De toren staat ten opzichte van de bouwmassa vrij vanaf niveau 3. Op dat niveau bevindt zich aan de vijverzijde een driezijdig uitgebouwd trappenhuis met aan de zijkanten een driehoekige loggia. Ter hoogte van de niveaus 4 tot en met 6 zijn de gevels ongeleed en blind, met uitzondering van de schoorsteen aan de hofzijde en een smal, doorlopend venster aan de vijverzijde. Ter hoogte van niveau 7 kraagt de toren op de hoeken iets uit en is daar van smalle vensters voorzien. Niveau 8 bevat de torenkamer, voorzien van kleine hoekbalkons en aan alle zijden van glas, behalve ter plaatse van de schoorsteen en de trap. In de topgevel aan de vijverzijde is een gestileerde voorstelling een hertengewei met kruis. De gevels, vooral de oostgevel, hebben te lijden gehad van een mitrailleurbeschieting in september 1944. Het achtergebouw bestaande uit een bouwlaag is voorzien van een rechthoekige plattegrond met twee korte, schuin geplaatste vleugels. Aan de voorzijde is een buitenkennel voor honden omsloten door een hek. Centraal bevinden zich de toegangen tot de binnenkennel met daarboven een klok. Aan weerszijden van het hondenverblijf bevindt zich een berging met aan de achterzijde een autostandplaats. Aan de korte zijden bevindt zich een opening. Aan de vijverzijde bevindt zich een lange bakstenen keermuur met leistenen afdekking, die zich aan weerszijden van het huis uitstrekt met aan de uiteinden daarvan een identiek paviljoen. De paviljoens bestaan uit een lage bakstenen voet en een omlopende vensterstrook die slechts wordt onderbroken door de schoorsteen en de glazen ingangspartij die is georiënteerd op het huis. De paviljoens worden afgesloten door een rond tentdak gedekt met leien. Het interieur vormt samen met het exterieur een totaalconcept, waarbij het ontwerp voor de afwerking van de wanden is vervaardigd door B. van der Leck, het glas-in-loodwerk door A. Hennig en het meubilair zowel door Berlage als Van de Velde. Waardering JACHTHUIS/ BUITENVERBLIJF/ LANDHUIS als onderdeel van de buitenplaats 'Sint Hubertus', naar ontwerp van H.P. Berlage in 1914-1916 van bijzonder architectuurhistorisch, cultuurhistorisch en stedenbouwkundig belang: - wegens de gaafheid, - wegens de belangrijke plaats die het jachthuis inneemt in de Nederlandse architectuurgeschiedenis, - wegens de plaats in het oeuvre van de architect Berlage en Van de Velde en de kunstenaars B. van der Leck en A. Hennig - wegens de kwaliteit van het ontwerp, - wegens de kwaliteit van het materiaalgebruik, - wegens de kwaliteit van het interieur en onderdelen, - wegens de uiting van de verwezenlijking van de kunstzinnige en levensbeschouwelijke aspiraties van de opdrachtgevers. - wegens de architectuurhistorische waarde van het jachthuis als totaalconcept waarbij het gebouw, de inrichting en de afwerking van het interieur compleet met stoffering, meubilering en accessoires wegens de bijzondere samenhang tussen exterieur en interieur ineen hand is ontworpen en op elkaar is afgestemd. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 530190
Laatste wijziging: 2015-01-12 19:49:54.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Jachthuis Sint-Hubertus
Het Jachthuis Sint-Hubertus
Het Jachthuis Sint-Hubertus
Locatie Nationaal Park De Hoge Veluwe
Coördinaten 52° 7′ NB, 5° 50′ OL
Huidig gebruik verblijf voor gasten van de Staat
deels toegankelijk voor publiek
Start bouw 1915
Bouw gereed 1920
Monumentnummer 530190
Overig
Aantal liften 1
Architect Hendrik Petrus Berlage 1914-1919
Henry van de Velde 1919-1920
Eigenaar Stichting het Nationale Park de Hoge Veluwe
Detailkaart
Jachthuis Sint-Hubertus
Jachthuis Sint-Hubertus
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Jachthuis Sint-Hubertus (ook wel Jachtslot Sint-Hubertus genoemd) is een gebouw in het noorden van het Nederlands nationaal park De Hoge Veluwe, tussen Otterlo en Hoenderloo in. Het werd in 1914 ontworpen door architect Hendrik Petrus Berlage, in opdracht van het echtpaar Hélène en Anton Kröller-Müller.

Historie

In 1914 besloot het echtpaar Kröller-Müller tot de bouw van een buitenhuis op hun pas verworven landgoed De Hoge Veluwe. Het ontwerp werd gegund aan de vooraanstaande architect Hendrik Petrus Berlage. Hij ontwierp niet alleen het huis, maar ook het interieur, de meubels, de tuinen, dienstgebouwen en zelfs een brug bij het jachthuis. Zo ontstond er een samenhangend geheel, een Gesamtkunstwerk.

De bouw duurde van 1915 tot 1920. Het was een enorme opdracht, waar veel geld mee gemoeid was. Berlage was vrij in zijn ontwerp, waardoor zijn ideeën over vormgeving volledig tot uiting konden komen. Later ontstond echter een gevoel van onvrede bij Berlage nadat het opdrachtgevende paar zich steeds maar opnieuw met de ontwerpen bemoeide, wat tot voortdurende aanpassingen leidde. De wens om aan het bijna voltooide gebouw alsnog een serre toe te voegen, was voor Berlage aanleiding om zich terug te trekken. Henry Van de Velde nam zijn werk over.

Het gebouw bleef tot 1935 in bezit van het echtpaar Kröller om vervolgens aan de Staat der Nederlanden geschonken te worden. Het wordt gebruikt als verblijf voor gasten van de Staat. Van 14 tot 24 april 1946 werd het jachthuis gebruikt voor overleg tussen een Nederlandse en een Republikeinse delegatie over de toekomst van Nederlands-Indië. In de jaren vijftig van de twintigste eeuw werd het gebruikt als vakantieverblijf voor de Nederlandse ministers en hun gezinnen. Politicus Louis Beel logeerde er jaarlijks in de zomer een week met zijn gezin.[1]

De zorg voor de inventaris is opgedragen aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de zorg voor het gebouw aan het Rijksvastgoedbedrijf. Het jachthuis staat tegenwoordig deels open voor publiek.

In het najaar van 2012 werd begonnen met een grote restauratie van het monument. De eerste fase liep tot juni 2013. De tweede van september 2013 tot april 2014. Tijdens de eerste fase werd het jachthuis gesloten voor het publiek. Alle leidingen en elektrische bedrading werden vervangen. Zo lagen de oorspronkelijke elektriciteitsleidingen onder de vloeren nog in gedroogd zeewier. De 26.000 speciaal voor het gebouw gemaakte glazen vloertegeltjes van de eetzaal werden eerst verwijderd - vierhonderd werden vervangen - en teruggelegd. Bij het schilderwerk werd het oorspronkelijke kleurenplan in ere hersteld. Hiervoor werden dezelfde materialen gebruikt als bij de bouw. De deurklinken werden opnieuw gegoten en de ongeveer 80.000 dakleien werden vervangen door leien uit Wales. Van de buitenmuren werden 15.000 tot 20.000 bakstenen vernieuwd.[2] Aan de renovatie van de tuin werd in september 2011 al begonnen en deze zou tot na de restauratie van het gebouw lopen.

Architectuur

H.P. Berlage, eerste ontwerp

Het hele gebouw is opgetrokken uit baksteen, binnen vaak geglazuurd, en leisteen. Berlage ontwierp niet alleen het gebouw, maar ook het interieur. Alles in het interieur is op elkaar afgestemd: de tegels, de lampen, meubels en zelfs het servies en bestek zijn tot in detail door Berlage ontworpen. Het gebouw vertelt het verhaal van de heilige Hubertus van Luik. De vorm van het jachthuis heeft ook alles van doen met de legende van Sint Hubertus. In het midden staat een hoge toren en het gebouw heeft twee zijvleugels die de binnenplaats "omarmen". Hierdoor heeft het jachthuis de vorm van een hertengewei. Of Berlage dit bewust heeft gedaan, is niet bekend. Op de toren in het midden van het gebouw staat een kruis afgebeeld. De grote glas-in-loodramen in de hal geven het verhaal van Hubertus weer. De Hal, eetkamer, bibliotheek en theekamer hebben verschillende kleurthema's die de fasen in het leven van Hubertus symboliseren.

Het Jachthuis is een buitenplaats geïnspireerd op het zogenoemde English country house. Voorbeelden van kenmerken die daar op wijzen zijn de speciale vertrekken voor ieder gezinslid, net als de bibliotheek, rookkamer, boudoirs en de biljartkamer. De 31 meter hoge toren[3] van het Jachthuis past niet bij het genre van het Engelse Country House. Het is vooral een kenmerk van veel van Berlages gebouwen. De toren hoort ook bij de wens van het echtpaar Kröller-Müller om een weids uitzicht over de omgeving te hebben.[4]

Het gebouw is erg luxueus uitgevoerd. Zo had het een eigen generator voor elektriciteit (tegenwoordig is het aangesloten op het algemene elektriciteitsnet), warm en koud stromend water uit eigen bron, een centraal stofzuigersysteem, een centraal geregeld klokkensysteem en een lift die nog steeds functioneert.

De ramen op de begane grond kunnen in hun geheel wegzakken in de keldermuur, net als in oude treinstellen. Verder beschikt ieder raam over een teakhouten rolluik.

Naast Berlage heeft nog een aantal kunstenaars meegewerkt aan de bouw van Jachthuis Sint Hubertus:

Vijver

De aanleg van de vijver voor het jachthuis bleek een tegenvaller. Op ongeveer anderhalve meter diepte van het moerassige gebied lag een oerlaag die geen water doorliet, zeer geschikt dus als bodem voor de door Berlage ontworpen vijver. De bovenlaag met vegetatie werd afgegraven, maar de vijver die ontstond liep langzaam leeg. Door blootstelling aan zonnewarmte en vorst was de waterdichte grondlaag gebarsten en poreus geworden. Daarop werd een kleilaag aangebracht, maar ook dat bleek niet afdoende. Uiteindelijk werd de bodem bedekt met dakvilt, dat in gigantische rollen werd aangevoerd, en met mastiek aan elkaar werd geplakt.

Galerij

Literatuur

  • Bram Haak, Roelof Siegers, Het Jachthuis Sint Hubertus - van ontwerp tot monument, 2003, ISBN 90-807875-1-5

Externe links



Monumenten in de buurt van Sint Hubertus: Jachthuis Sint-Hubertus/buitenverblijf/landhuis in Otterlo

Grafteken voor de hond Schufterl

kern Otterlo
Otterlo (Gemeente Ede)
Omschrijving GRAFTEKEN als onderdeel van de buitenplaats 'Sint Hubertus' als markering van de overleden en begraven tekkel van mevrouw Krö..

Waterpomp (St. Hubertus)

Kronkelweg
Otterlo (Gemeente Ede)
Omschrijving POMPHUISJE als onderdeel van de buitenplaats 'Sint Hubertus' in 1923 gebouwd naar ontwerp van H. VAN DE VELDE in opdracht van..

Sint Hubertus: dienstgebouw, wachthuisje en toegangshek

Apeldoornseweg 256
Otterlo (Gemeente Ede)
Inleiding Het dienstgebouw en het wachthuisje kenmerken zich in tegenstelling tot de stijl van het jachthuis, door een op Frank Lloyd Wrig..

Sint Hubertus: kleine brug

In de Kronkelweg, over de verbindingssloot
Otterlo (Gemeente Ede)
Omschrijving Kleine BRUG (1919/1920) naar ontwerp van H.P. Berlage als onderdeel van de buitenplaats 'Sint Hubertus'. De brug is opgetrokke..

De Hoge Veluwe: dienstwoning

Harskampweg 17
Hoenderloo (Gemeente Apeldoorn)
Inleiding DIENSTWONING in 1920-1925 gebouwd naar ontwerp uit 1920 van de architect A.J. KROPHOLLER. De woning is een van de zgn. 'Vijf wo..

Kaart & Routeplanner

Route naar Sint Hubertus: Jachthuis Sint-Hubertus/buitenverblijf/landhuis in Otterlo

Foto's (37)

Alle 37 foto's weergeven