Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Vliegbasis Deelen/Zeven Provinciën: Terrein met aanleg in Arnhem

Militair Object

Deelen/Zeven Provinciën
6800AB Arnhem
Gelderland

Bouwjaar: 1941-1942


Beschrijving van Vliegbasis Deelen/Zeven Provinciën: Terrein met aanleg

Omschrijving TERREIN met AANLEG. De bodem van zeven Provinciën en omgeving bestaat uit zand en maakt deel uit van een relatief vlak deel in de door gletsjerijs opgestuwde zuidelijke Veluwe. Het kamp Zeven provinciën ligt noordelijk van de langs de zuidzijde van de Kemperberg, globaal oost-west lopende, rechte Koningsweg, ruwweg ten noordoosten van de boerderij Wildhoeve. De Koningsweg zou in rudimentaire vorm dateren uit het laatste kwart van de 17e eeuw - de tijd dat stadhouder Willem III koning van Engeland was. De Koningsweg is nog steeds als belangrijke verbinding en als een ruimtelijk structurerend element aanwezig, ook doordat hij als ontginnings- en nederzettingsbasis functioneerde. Oostelijk van de Kemperberg werden vanaf het midden van de 19e eeuw aan weerszijden van de Koningsweg, met name op uitgestrekte gronden van de locale adel en / of grootgrondbezitters, (ontginnings)landgoederen gesticht met daarop (pacht)boerderijen. In de praktijk bleek het boerenbedrijf op de schrale Veluwegronden niet gemakkelijk en hierdoor werd de bosbouw al gauw dominant en tevens werd er de op ruime schaal gejaagd op wild. Vooral ten noorden van de Koningsweg werd bovendien enige akkerbouw en veeteelt uitgeoefend, meestal op door beplante lanen omgeven terreinen. Verschillende van die open terreinen waren in de eerste helft van de 20e eeuw goed als zodanig herkenbaar. Het kampement Zeven Provinciën werd aangelegd op de zandgronden ten noordoosten van de ontginningsboerderij Wildhoeve. Het gebied werd rond 1940 doorsneden door een netwerk van vrijwel uitsluitend haaks op elkaar staande (bos)laantjes, met hier en daar ingeweven weiden en / of akkers. Voor Zeven Provinciën werd expliciet gekozen voor een opstelling van de zeven gebouwen rond een bestaand open, agrarisch terrein met een rechthoekige plattegrond. Het terrein was omgeven door een eveneens rechthoekig verlopende, eerder al bestaande rondweg, die - naar analogie met andere kampementen - vermoedelijk tegelijk met de bouw van de panden werd bestraat met klinkers. De gebouwen werden in twee korte rijtes, van respectievelijk vier (noord) en drie (zuid) aan de zuidzijde van oost- west gerichte delen van de lanen geplaatst, waardoor ze enigszins aan het zicht waren onttrokken door het opgaand groen. Hoewel er wel degelijk sprake is van 'Regelbau' en de gebouwen van Zeven Provinciën in lineair verband zijn geplaatst, werden de rooilijnen en de nokken van de daken niet gelijk gericht, terwijl toegangen en vensters ook in verschillend georiënteerde gevels zijn geplaatst. De zeven werden overwegend door zadeldaken gedekt en waren uitgevoerd als eenvoudige - zij het ruime woningen van een niet historiserend, maar min of meer eigentijds type. Door decoratieve toevoegingen aan deze schijnbaar ad hoc gebouwde, eenlaagse onderkomens poogde de bezetter een ijl landelijk gehucht bij een kleine akker- of weide omringd door opgaand groen te suggereren. Deze opzet werd onder meer versterkt door aanleg van tuinen, tuinmuurtjes, externe keldertrappen, siersmeedwerk, beschilderde luiken, enz. Tevens werden er paadjes van 30 x 30 cm betontegels rond en naar de bebouwing aangelegd. Het centrale open terrein werd geëffend, maar niet duidelijk is wanner dat ie gebeurd. Opmerkelijk hierbij zijn de steilranden, die wijzen op de afvoer van zand. Rond het terrein werd een draadhekwerk gespannen dat door betonnen palen werd gedragen. Zeven Provinciën is het enige kamp binnen Vliegveld Deelen dat werd uitgevoerd als een relatief open en met een voor luchtverkenning onbeschermd karakter. De vijf overgebleven panden en hun ruimtelijke context vormen hiermee een uitzonderlijk stadium in de ontwikkeling van het vliegveld. Van de zeven gebouwen zijn er vijf bewaard, terwijl de aanleg van het terrein in hoofdzaak intact bleef, inclusief resten van tuinaanleg. De staat waarin de gebouwen verkeren is zeer verschillend, maar een deel is tot vrij recent in gebruik geweest of nog steeds in gebruik. De gebouwen 2 en 7 zijn gesloopt en vervangen door nieuwe panden, die wat toegepaste schaal betreft redelijk in het bestaande beeld passen. Aan de noordoostzijde is, haaks op de bestaande assen een grootschaliger legeringsgebouw bijgeplaatst. De ringweg is van een asfalt slijtlaag voorzien en is via een van oudsher bestaand tracé in verbinding gebracht met de toegangweg van Koningsweg-Noord. De hekwerkpalen zijn grotendeels gehandhaafd, al zijn er aanpassingen in de beveiliging van het terrein uitgevoerd. Verschillende voor functionele doeleinden en / of als onderdeel van camouflage op het kamp tot stand gebrachte artefacten zijn nog in het terrein herkenbaar of zo goed als ongeschonden aanwezig. Het betreft uiteraard in de eerste plaats de vijf legeringsgebouwen, maar ook de vele relicten van tuinaanleg en tegelpaadjes, de rechthoekige groene middenzone (exercitieterrein?), het rechthoekig wegenstelsel en de hekwerken vormen nog markante facetten van de uit 1941-1942 daterende inrichting van Zeven Provinciën. Waardering TERREIN met AANLEG van Zeven Provinciën, van algemeen belang als vrij gaaf onderdeel van een uit de Tweede Wereldoorlog stammend en door de Duitse bezetter opgezet groot militair vliegveld, vanwege: architectuurhistorische, stedenbouwkundige, historisch-geografische krijgs- en cultuurhistorische en complex- en ensemblewaarden, die onder meer kunnen blijken uit de overwegend op de vigerende, sobere en vooral doelmatige, op de heersende bouwtrant gebaseerde vormentaal van de door zadeldaken gedekte éénlaagse gebouwen, uit de voor de bouwtijd kenmerkende onderdelen en details, uit de in het concept verwerkte, deels reeds in het landschap aanwezige en deels daarop geïnspireerde elementen, uit het gehandhaafde en geaccentueerde beloop en de dito uitvoering van wegen en paden, uit de vanwege camouflageoverwegingen in twee korte assen, opgezette bebouwingsstructuur en uit de samenhang van en met het totale militaire vliegveldconcept en de ruimtelijke hoofdlijnen en onderdelen van het kampement. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 529797
Laatste wijziging: 2014-10-12 10:13:45.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Militair Luchtvaart Terrein Deelen
IATA: ICAO: EHDL
Algemene informatie
Opgericht 1913
Type forward operating base
Eigenaar ministerie van defensie
Plaats Deelen, Ede/ Arnhem
Coördinaten 52° 4′ NB, 05° 52′ OL
Openingstijden gesloten voor alle vliegverkeer; alleen open na vooraankondiging tbv oefeningen
Locatie in Nederland
Vliegbasis Deelen
Vliegbasis Deelen
Startbanen
   Baan      Lengte   Materiaal
02-20 2400 m beton
Lijst van luchthavens
Portaal  Portaalicoon   Luchtvaart
Junkers Ju 88
RF-84F Thunderflash
Hiller Raven
Alouette II

Vliegbasis Deelen ligt iets ten noorden van de stad Arnhem in de provincie Gelderland. Het is een voormalig Nederlands militair hulpvliegveld dat vlak voor de Eerste Wereldoorlog werd opgeleverd. In de Tweede Wereldoorlog werd het vliegveld ten behoeve van de Luftwaffe grondig verbouwd tot Fliegerhorst en werd Fliegerhorst Deelen het grootste Duitse vliegveld van Nederland.[1] Na de bevrijding werd het een vliegbasis van de Koninklijke Luchtmacht. Het terrein ligt voor het grootste deel op het grondgebied van de gemeente Ede en voor een kleiner deel op dat van Arnhem.

Bijzonderheden

  • Startbaan 02-20; 50m breed en 2400m lang uit beton en asfalt. De asfalt toplaag van de baan is verwijderd waardoor deze ongeschikt is geworden voor gebruik door zware vliegtuigen.
  • Het verkeersleidingsgebied van Deelen (de "Controlzone") strekt zich boven het veld uit tot 3000 voet boven zeeniveau. Naar het noorden tot Apeldoorn Zuid, naar het zuiden tot Elst, naar het westen tot Ede en naar het oosten tot Dieren.
  • Zweefvliegactiviteiten en activiteiten met modelvliegtuigen vanaf de grasdelen van het veld. Ca. 2 NM (4 km) oostelijk van Deelen ligt het zweefvliegveld Terlet.
  • Navigatiebaken: het militaire TACAN baken is nog steeds in gebruik.
  • Instrument Landing System: De ILS van de gesloten basis Soesterberg EHSB is opgesteld op baan 20.
  • Communicatie; torenfrequenties: VHF 129.925 122.1 MHz en UHF 279.925 en 257.8 MHz

Geschiedenis

In juli 1913 kreeg de in Soesterberg opgerichte Luchtvaartafdeeling der Koninklijke Landmacht (LVA) als taak het patrouilleren langs de landsgrenzen ter handhaving van de neutraliteit. Voor de uitvoering van die taak was het vliegveld Soesterberg niet toereikend. Daarom werden hulpvliegvelden ingericht bij Arnhem, Nieuw-Milligen, Gilze-Rijen, Venlo en Vlissingen.
Het vliegkamp van de LVA lag pal ten noordoosten van landgoed Vrijland in de gemeente Arnhem. De onverharde startbanen ervan werden in april 1940 omgeploegd om gebruik door de Duitsers te beletten.[bron?]

Voor de Luftwaffe werd tussen mei 1940 en september 1944 ten noordwesten van Vrijland - in de gemeente Ede, deels op 2.000 ha van park De Hoge Veluwe - een nieuw vliegveld van 4.000 ha met een omtrek van 25 km gebouwd onder de naam Fliegerhorst Deelen (codenaam: Alster). Dit werd het grootste Duitse vliegveld van Nederland, maar stond hiërarchisch onder 'Leithorst' Schiphol. Nederland - door de Luftwaffe aangeduid als 'Luftgau Holland'. Nederland vormde een van de voornaamste uitvalsbases van de Luftwaffe voor de aanvallen op Engeland en de eerste verdedigingslinie tegen de geallieerde luchtaanvallen op nazi-Duitsland.

Duitse inrichting

Het ontwerp was naar de toen modernste Luftwaffe maatstaven, waaronder bombescherming en verregaande geïntegreerde camouflage. Ook op Deelen werd het verharde startbanenstelsel aangelegd in de vorm van de hoofdletter A: één baan van 1.700, en twee banen van 1.300 m.[2] Er kwamen 60 overdekte opstelplaatsen voor vliegtuigen en 100 andere gebouwen, onder meer in twee dorpen. Verder ook twee 'Werfte', verwarmde reparatiehallen voor uitgebreide reparaties, zoals vervanging van complete motoren. Deze gebouwen werden door Nederlandse aannemers en (vrijwillige) Nederlandse arbeiders gebouwd[2], overigens in strijd met het geldende Landoorlogreglement. De bouw werd voor een groot deel uitgevoerd door de CONBA (Combinatie Barakkenbouw Arnhem), een samenwerkingsverband van Arnhemse aannemers. De gebouwen kregen veelal het uiterlijk van boerderijen, maar hadden muren van 50 cm beton.[3] Ook een echte boerderij voor de voedselvoorziening en de kweek van o.m. angorakonijnen voor bontvoering werd opgericht.

Later werd zuidelijk van het vliegveld ook de grote bunker Diogenes gebouwd, het operationele vluchtleidingscentrum voor Nederland, België en Noord-Frankrijk, terwijl in de richting van Terlet de eerste Duitse radiopeilstations (Teerose I, II en III) werden gebouwd. Vanwege deze inrichtingen kwamen er 3 groepen luchtafweergeschut.[2] Op het hoogtepunt van de luchtoorlog boven Nederland in 1943 waren hier 110 Duitse toestellen gestationeerd, meer dan op welk ander Duitse vliegveld in Nederland ook. Er werkten toen op de basis tegen 3.000 Duitse militairen.[2]

Spoor

Vanaf 1942 was de Fliegerhorst ook bereikbaar per spoor, wat een eis was voor Duitse hoofdvliegvelden. Vanaf Wolfheze (beginpunt op het westelijke deel van het spoorwegemplacement) werden volspoor rails aangelegd, het zogeheten bommenlijntje. Aan de zuidkant van het vliegveld waren rangeersporen, meerdere laad- en losperrons en twee grote opslagloodsen (Hobaghalle en Junckershalle).
Er werd vanaf het rangeerterrein in Arnhem dagelijks naar het vliegveld gereden met een diesel-elektrische locomotor van het type Sik. Voor zwaar transport werden stoomlocomotieven gebruikt.
Eén aftakking van de spoorlijn liep noordwaarts tot in het park De Hoge Veluwe. Daar bevonden zich brandstof- en munitiedepots met eigen laadperron. Een ander aftakking liep naar het zuiden tot de (ontginnings)boerderij Rijzenburg (aan de Koningsweg) en diende voor de bouw van de Grossraum-Gefechtsstand: de enorme, nog bestaande Diogenesbunker, ten zuiden grenzend aan het Divisionsdorf. Hier werden de operationele gegevens van geallieerde en Duitse vliegtuigen gecoördineerd en bevelen gegeven.

Eenheden

Van 1940 - 1945 waren diverse Luftwaffe eenheden op de Fliegerhorst Deelen gelegerd[4]. Hier werd ook het eerste eskader van de Luftwaffe voor de gespecialiseerde nachtjagers met 36 toestellen gevestigd en was tevens de staf van de nachtjagers in Nederland gevestigd.

Eenheden:

Een deel van de voormalige Duitse baan (gekenmerkt door de bakstenen) is nog steeds goed zichtbaar en werd tot in de jaren tachtig voor scholing en training gebruikt door de afdeling Rapid Runway Repair.

Voorafgaand aan Operatie Market Garden werd Deelen op 15 augustus en op 3 september 1944 zwaar gebombardeerd waarna de Luftwaffe eenheden de basis verlieten. Het bleef open als hulpvliegveld en als V1 opslagplaats. Dit duurde tot maart 1945 waarna alle Duitse militaire activiteiten rond Deelen werden gestaakt.

Vanaf 1946-1950 werd Deelen gebruikt als opslagplaats voor allerlei onbruikbaar defensie materieel. In die periode stond letterlijk van alles op het veld gestald, variërend van buitgemaakt Duits materieel tot overtollige Engelse en Amerikaanse voorraden. Daaronder het gehele voertuigenpark van de Canadese militairen in Nederland. In totaal ging het om 37.000 voertuigen: motoren, jeeps, lichte en zware vrachtwagens, geschut, tanks[5]

Na 1950

Na 1950 wilde men het vliegveld weer gereedmaken voor gebruik en werd het oude materieel van het vliegveld verwijderd; een deel ligt echter nog steeds begraven in stortplaatsen.

  • In 1951 werd 298 squadron (sqn) van de Groep Lichte Vliegtuigen (GPLV) op de basis gelegerd; men vloog met De Havilland Beavers.
  • In 1955 werd 298 sqn uitgebreid met de eerste helikopters van het type Hiller-23B Raven.
  • In 1956 werd 299 sqn opgericht en ging opereren met Piper Super Cubs en Hiller-23B Ravens.
  • In 1957 werden beide sqns overgeplaatst naar Vliegveld Ypenburg in verband met de komst van 306 sqn.
  • Van 1957-1963 was 306 sqn met RF-84F Thunderflash fotoverkenners op de basis gelegerd.
  • In 1963 werd 306 sqn overgeplaatst naar de vliegbasis Twenthe en keerde de GPLV terug uitgerust met de Aérospatiale Alouette II.

Van 1964-1995 werd Vliegbasis Deelen weer gebruikt door de GPLV en waren 298, 299, 300 en het logistiek squadron op de basis gehuisvest (298 en het Logistiek SQN werd in 1966 overgeplaatst naar vliegbasis Soesterberg met alleen Alouette III. Het 300 Sqn kwam vanuit Ypenburg (dat werd gesloten) naar Deelen en zette aldaar de operationele taak alsmede de opleiding tot helikoptervlieger voort. Tevens werden de Piper Super Cubs van 298 en 299 Sqn aan 300 Sqn toegevoegd. Het 300 Sqn bevatte een bijzondere vlucht met mobilisabele Piper Cub Vliegers, die in oorlogstijd het 301 en 302 Sqn zouden bemannen. Naast de AL III en de Piper Super Cub werd er tot 1974 ook gevlogen met De Havilland Beaver. Later schakelde 299 sqn over op de BO-105 van Messerschmitt-Bölkow-Blohm.
Tussen 1973 - 1995 was Deelen thuisbasis van het helikopter demoteam The Grasshoppers. Ook verleende de basis ondersteuning aan de nabijgelegen voormalige Luchtmacht Electronische en Technische School (LETS).

In februari 1992 kwam Deelen in het nieuws doordat een actiegroep op de vliegbasis BO-105 helikopters in brand stak en er een deel van verwoestte. Er werd grote schade aangericht maar niemand raakte gewond.

Het einde van de Koude Oorlog resulteerde in sluiting van de vliegbasis in 1995. Deelen werd herbestemd als Militair Luchtvaartterrein (MLT) en werd incidenteel gebruikt als Forward Operating Base (FOB). Na de sluiting van vliegbasis Soesterberg werd deze herbestemming ongedaan gemaakt en werd Deelen weer een vliegbasis echter zonder permanent gelegerd vliegende eenheden.

De Apache, Chinook en Cougar helikopters van de Koninklijke Luchtmacht bezoeken Deelen regelmatig voor training voor uitzending van het Koninklijke Landmacht personeel van de Luchtmobiele Brigade. Tevens vindt ook de afstemming van het KL personeel plaats op de operaties met de KLu tactische aanvals en transporthelicopters. MLT Deelen ligt even ten noorden van Schaarsbergen, waar 11 en 12 Luchtmobiele bataljon in de Oranjekazerne zijn gelegerd, en ligt op korte afstand van de oefenterreinen Ederheide en Ginkelse Heide.

Architectuur

Een van de toegepaste architectuurstijlen op de Fliegerhorst is de zogenaamde Heimatschutz Architektur, een klassieke architectuurstroming verwant aan de Delftse School. Voor de boerderijachtige bebouwing is gebruikgemaakt van rode baksteen, met zadel- schild- en wolfsdaken. De Duitse bebouwing is ingepast in het landschap. Betonnen bunkers en hangars zijn vermomd als stijlvolle boerderijen langs bochtige weggetjes, en gebouwencomplexen zijn als brinkdorpjes in het bos gebouwd. Versterkte muren van 1 meter dik, geschilderde nepvensters, plaatstalen luiken en Duitse teksten verraden echter hun geschiedenis. Van deze bebouwing is relatief veel intact gebleven en dit alles verleent Deelen een unieke structuur.

In januari 2007 wees de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) het vliegveld, met in totaal 191 objecten en structuren verdeeld over 9 complexen aan als Rijksmonument.

Complexen rond de basis

Museum Deelen, in de voormalige onderofficiersmess.
  • Klein-Heidekamp (tijdens WOII Klein-Heidelager)
Diende als officierskamp. Daarna waren Leger Lucht Waarnemer School (LLWS), later Opleidings Centrum Grond-Lucht Samenwerking (OCGLS) en de Kon. Marechaussee Brigade Schaarsbergen er gevestigd. De overige gebouwen waren verhuurd aan particulieren - vnl van defensiepersoneel. In 2008 werd het Klein-Heidekamp totaal verbouwd tbv legering voor de Luchtmobiele Brigade en daarna samengevoegd bij de Oranjekazerne.
  • Groot-Heidekamp (tijdens WOII Gross-Heidelager)
Diende als manschappenlegering. In 1952 werd de Radio Radar School (RRS) van de luchtmacht hier gevestigd. Na de samenvoeging in 1957 met de Luchtmacht Technische School (LTS), ging het complex Groot Heidekamp verder als Luchtmacht Electronische en Technische School (LETS). Door bezuiniging werd de LETS medio jaren 90 geïntegreerd in de KMSL te Woensdrecht. Het vrijgekomen Groot Heidekamp is samengetrokken met de Oranjekazerne en huisvest het schoolbataljon Luchtmobiel van het OCIO.
  • Vrijland
Huisvestte in en na WOII technische en logistieke werkplaatsen. Als onderdeel van de LTS en LETS waren hier leslokalen voor theorie en praktijk gehuisvest (onder andere Elektriciteit- en Instrumenttechniek). Het complex is nu in gebruik door de Staf Luchtmobiele Brigade en het kerndetachement van Vlb. Deelen.
  • Kop van Deelen
Tijdens en ook na WOII commandocentrum van de vliegbasis. Was vanaf midden jaren 90 tot 2004 asielzoekerscentrum. De oude onderofficiersmess is nu Museum Vliegbasis Deelen. De gehele Kop van Deelen is verkocht aan de jeugdzorg instelling Hoenderloo Groep.
Nu in gebruik als depot van het Rijksarchief
Terrein nu in gebruik is als camping en waarop nog enkele gebouwen uit de Tweede Wereldoorlog in gebruik zijn
  • meerdere Wärmehalle (verwarmde werkplaatsen)
  • meerdere Splitterboxen (opstelplaats met aarden wal tegen granaatinslag)
  • meerdere Flakstelle (bunkers voor luchtafweer)
  • een Compenseerschijf (draaischijf voor ijking boordkompas)
  • Teerosen I, II en III maakten geen deel uit van de fliegerhorst Deelen maar waren veldstellingen op Terlet, de Rheder- en Worth-Rheder heide en de Imbosch. Dit waren radiopeilstations om geallieerde bommenwerpers richting het Ruhrgebied te lokaliseren waarna deze werden onderschept.
  • Kaderschool (aan de Koningsweg). Initieel legering voor Duitse Luftnachrichtenhelferinnen die gedurende de oorlog in de commandobunker Diogenes werkten. Na de oorlog werd er de Radio Radar School van de Luchtmacht gevestigd. Vervolgens werd het de Luchtmacht Kaderschool (LKS) en de Koninklijke Kaderschool Luchtmacht (KKSL). Na een kortstondig gebruik door de Staf Luchtmobiele Brigade is het kamp, samen met gebouwencomplex "Zeven Provinciën", nu tijdelijk in gebruik als "kunstenaars-kolonie KKN23" en staat te koop. Tevens is dit momenteel de thuisbasis van de Arnhemse Hackerspace.
  • Zeven Provinciën. Gebouwencomplex gebouwd in de Tweede Wereldoorlog en daarna onderdeel van de KKSL waar onder andere de medische dienst was gehuisvest. Dit complex is nu, samen met de voormalige kaderschool, tijdelijk in gebruik als "kunstenaars-kolonie KKN23" en staat te koop.

Actualiteit

Na de sluiting van de Vlb. Soesterberg op 1 januari 2009 werd de status van MLT weer gewijzigd in Vliegbasis Deelen en valt de basis nu onder commando van het Defensie Helikopter Commando gevestigd op de Vliegbasis Gilze-Rijen. Deelen is weer beschikbaar als vliegbasis en dit houdt in dat het veld periodiek wordt gebruikt met een kernbezetting van de verkeersleiding, brandweer en MGD. Tevens is er een permanent detachement, hoofdzakelijk bewaking, aanwezig. De uren van openstelling (oefenen van DHC en 11 Luchtmobiele Brigade AASLT) zijn vaak 's avonds en worden via de lokale media bekend gesteld.

Externe links


Kaart & Routeplanner

Route naar Vliegbasis Deelen/Zeven Provinciën: Terrein met aanleg in Arnhem