Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Dubbel woonhuis uit 1919-1920 opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant met bijbehorende schuur in Alkmaar

Woonhuis

Nassauplein 12
1815GM Alkmaar
Noord Holland

Bouwjaar: 1919-1920
Architect: Jan Wils


Beschrijving van Dubbel woonhuis uit 1919-1920 opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant met bijbehorende schuur

Inleiding DUBBEL WOONHUIS uit 1919-1920 opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant met bijbehorende SCHUUR. Het uit blokvormige bouwvolumes opgebouwde hoekpand werd ontworpen door de architect Jan Wils (Alkmaar 1891 - Voorburg 1971). Opdrachtgever was de Alkmaarder mr. W. Kaas. Vermoedelijk onder invloed van de De Stijl-groep paste Wils bij dit gebouw voor het eerst platte daken toe. Voor de hal van de tussenwoning (Nassauplein 12) ontwierp de Stijlkunstenaar Vilmos Huszár omstreeks 1920 een Ruimte-Kleur-Compositie. Het is onduidelijk of deze is uitgevoerd. Wel is bekend dat de woon- en eetkamer van het hoekhuis (Nassauplein 13) voorzien waren van een muurschildering samengesteld uit kleurige driehoeken. Het pand ligt op de hoek van het Nassauplein en de Lamoraalstraat, de aan de Lamoraalstraat gelegen schuur achter Nassauplein 13 behoort tot de oorspronkelijke aanleg en maakt deel uit van de bescherming. Omschrijving Op onregelmatig grondplan opgetrokken halfvrijstaand hoekpand samengesteld uit verspringende blokvormige bouwvolumes van één, twee, of drie bouwlagen. De achterste helft van het gebouw bestaat uit drie in oppervlakte ongeveer vierkante volumes van drie bouwlagen hoog: rechts een groot bouwblok waartegen rechtsvoor een hoekrisaliet, en links hiervan, ter hoogte van nr. 13, twee kleinere, verder naar achteren geplaatste volumes. In de hoeken tussen deze bouwdelen zijn aan de voorzijde drie monumentale rechthoekige schoorstenen gemetseld die belangrijke vertikale accenten vormen in de compositie. De brede middelste schoorsteen staat evenals de rechter haaks op de voorgevel; de linker is zeer breed en loopt evenwijdig aan de voorgevel. Tegen de hoge, getrapt verspringende achterste drie blokken zijn middenvoor twee lagere bouwvolumes opgetrokken, beide twee bouwlagen hoog en voorzien van een dakterras: links een grote met aan de voorzijde een erker met balkon en tegen de linkerzijde een portaaluitbouw met balkon, en rechts hiervan een kleiner, naar voren geplaatst volume. Tegen de laatste is rechts een uitgebouwd portaal aangebracht waarboven een balkon. Het buitenmuurwek is voorzien van een plint en opgetrokken in roodgele machinale baksteen (formaat ca. 20,5 x 5 cm) in Vlaams verband. Het metselwerk van de diverse bouwdelen (waaronder de schoorstenen en de balkons) wordt afgesloten door een uitkragende deklijst van uitgewassen grindbeton (bij nr. 13 recent vernieuwd waarbij in plaats van grind aan de voor- en onderzijde grind aan de voor- en bovenzijde is aangebracht). De lekdorpels en lateien van de vensters op de begane grond en de eerste verdieping zijn op dezelfde wijze uitgevoerd. Boven de eerste verdiepingsvensters is een omgaande latei aangebracht die de verschillende bouwvolumes als het ware samenbindt. Het merendeel van de vensters op de begane grond en de eerste verdieping is uitgevoerd als een liggend raam tussen staande draairamen (ter weerszijden één of twee) en daarboven één langgerekt en laag bovenlicht. Het liggende raam in het venster rechtsonder in de achtergevel kon naar beneden geschoven worden door de vensterbank naar voren te trekken. Dit was wellicht bij meerdere vensters het geval. In de voorzijde van de portaaluitbouw op de hoek van de voor- (ZO) en de linkerzijgevel (ZW) is een paneeldeur aangebracht, evenals de moderne voordeur in de portaaluitbouw rechts tegen de voorgevel, voorzien van een laag bovenlicht, ter weerszijden uit het gevelvlak komende stijlen, en smalle zijramen. In de linker gevel van de eerstgenoemde uitbouw bevindt zich een klein liggend venster. Het balkon erboven is bereikbaar via een vernieuwde deur met laag bovenlicht in de linkerzijgevel; het balkon boven het andere portaal door een in de voorgevel aangebrachte balkondeur met glaspaneel, laag bovenlicht en smalle zijramen. Hierboven bevindt zich op de tweede verdieping een liggend venster met bovenlicht (valraam). Links hiervan geeft een lage paneeldeur toegang tot het dakterras. De tweede verdieping heeft verder geen deur- of vensteropeningen aan de voorkant. Het balkon boven de erker is toegankelijk via een dubbele deur met een laag bovenlicht en in elke deurvleugel een glaspaneel. Ter weerszijden van deze balkondeur is een staand venster aangebracht. De erker zelf heeft aan de voorzijde een gemetselde bloembak en links een vierkante hoekpijler. In de linkerzijgevel (ZW) bevindt zich ter weerszijden van het uitgebouwde hoekportaal zowel beneden als boven een samengesteld venster als genoemd. Het venster linksonder is geplaatst in een ondiepe middenrisaliet die zich voortzet tot onder het verdiepingsvenster. De lekdorpel hiervan en de latei en lekdorpel van het venster beneden strekken zich uit over de volle breedte van de risaliet. Boven het verdiepingsvenster is op de tweede verdieping een breed en laag vierdelig venster aangebracht. De achtergevel (NW) telt op de tweede verdieping vier lage brede vensters voorzien van een buiten het gevelvlak komend liggend onderraam waarboven een laag bovenlicht (het onderraam van het rechter venster is vijfdelig). De vensters op de begane grond en de eerste verdieping zijn van hetzelfde type als in de voor- en linkerzijgevel. Links bevindt zich een klein uitgebouwd portaal waarin de achterdeur met glaspaneel en waarboven een balkon. De oorspronkelijke dubbele balkondeur op de eerste verdieping is vervangen door een enkele deur met glaspaneel en, evenals de achterdeur, een laag bovenlicht en smal zijraam. Het tot het hoekpand behorende middelste bouwvolume is op de begane grond uitgebouwd en linksboven voorzien van een rechthoekige schoorsteeen. Rechts in de genoemde uitbouw bevindt zich de terugliggende achteringang. Het balkon erboven is zowel vanuit het middelste bouwvolume als vanuit het rechter bouwvolume bereikbaar via een door smalle zijramen geflankeerde balkondeur met glaspaneel en laag bovenlicht. INTERIEUR. Beide panden hebben een verschillende indeling die deels nog oorspronkelijk is. Het hoekhuis (Nassauplein 13) heeft onder meer een centraal trappenhuis met een bordestrap voorzien van een lattenleuning, originele eikenhouten parketvloeren in de woonkamer, de eetkamer en het trappenhuis, sobere schouwen met een (onder)rand van zwarte tegeltjes en een zwartgeschilderde of zwartmarmeren plaat in de woonkamer, de eetkamer, de slaapkamer bovenachter en de boven de woonkamer gesitueerde voormalige studeerkamer, en in de eetkamer een brede nis met achterin een kastenwand voorzien van een doorgeefluik naar de keuken en ter weerszijden een vitrinekast met dubbele glazen deuren (ruitjes van blank glas-in-lood). De achterkant van de paneeldeur naar de bergruimte linksvoor op de tweede verdieping is vermoedelijk voorzien van de oorspronkelijke kleuren: groene panelen en zwart stijl- en regelwerk. Het ingebouwde pand (Nassauplein 12) is eveneens voorzien van de oorspronkelijke indeling met op de begane grond, links van de vestibule en de in het verlengde daarvan gelegen hal, twee kamers en suite waartussen een half in de hal uitkomende rechte steektrap naar de eerste verdieping. De kamers op de eerste en de tweede verdieping hebben onder meer originele vierpaneelsdeuren met een (zwarte) houten deurknop. Naar verluidt waren deze panelen vroeger grijs geschilderd en was het stijl- en regelwerk van de deuren zwart. Langs de trap naar de tweede verdieping en rond de door een bovenlicht verlichte overloop op deze verdieping bevindt zich een lattenbalustrade. De uit de bouwtijd daterende schuur linksachter Nassaulaan 13 heeft een rechthoekige plattegrond en een plat dak met overstek. De schuur is gemetseld in dezelfde baksteen als het huis en toegankelijk via een paneeldeur in het midden van de noordoostgevel. In de aan de Lamoraalstraat grenzende gevel (ZW) bevindt zich een liggend bovenlicht (twee ramen waartussen twee luiken) waaronder een cordonband van uitgewassen grindbeton. De korte zijgevels van de schuur zijn gesloten. Waardering Het dubbel woonhuis uit 1919-1920 met bijbehorend interieur en met schuur is van algemeen belang wegens cultuur- en architectuurhistorisch waarde als gaaf bewaard voorbeeld van moderne woonhuisarchitectuur uit het eerste kwart van de 20ste-eeuw, opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant. Tevens is het pand van belang als karakteristiek onderdeel uit het oeuvre van de architect Jan Wils. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 524932
Laatste wijziging: 2014-10-02 18:33:51.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Monumenten in de buurt van Dubbel woonhuis uit 1919-1920 opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant met bijbehorende schuur in Alkmaar

In de Lisbonsvaerder

Nassauplein 23
Alkmaar
Inleiding STADSVILLA in de trant van de Nieuwe Haagse School met bijbehorende TUINAANLEG in Nieuwe Architectonische Tuinstijl uit 1927 ontw..

Voormalige jongensschool

Koornlaan 23
Alkmaar
Inleiding SCHOOLGEBOUW van de voormalige jongensschool uit 1927, behorend tot het rooms-katholiek scholencomplex "Koornlaan". N.B. D..

Conciergewoning

Westerweg 1
Alkmaar
Omschrijving Op rechthoekig grondplan opgetrokken CONCIERGEWONING van één bouwlaag onder een met zwartgeglazuurde verbeterde Hollandse pa..

St. Theresiaschool/St. Agnesschool

Koornlaan 2
Alkmaar
Inleiding SCHOOLGEBOUW uit 1927 behorende tot het schoolcomplex aan de Koornlaan. In het gebouw waren twee scholen ondergebracht: een meisj..

Arendshof

Geestersingel 11
Alkmaar
Arendshof. Pand onder dwars schilddak met in blokken gepleisterde lijstgevel; rechts een achthoekige koepel onder tentdak met een arend als ..

Kaart & Routeplanner

Route naar Dubbel woonhuis uit 1919-1920 opgetrokken in kubistisch-expressionistische trant met bijbehorende schuur in Alkmaar