Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Toegangshek Hoge Veluwe in Arnhem

Overig

Koningsweg 13
6816TC Arnhem
Gelderland

Bouwjaar: 1920
Architect: A.J. Kropholler


Beschrijving van Toegangshek Hoge Veluwe

Inleiding TOEGANGSHEK naar het landgoed De Hoge Veluwe, in 1920 ontworpen door A.J. Kropholler. Het hek leidt naar de Kemperbergeerweg en is gelegen in de zuidoostelijke afrastering van het landgoed ter hoogte van Schaarsbergen. Vanaf 1909 ontstond het landgoed De Hoge Veluwe door het opkopen en samenvoegen van gronden door het Rotterdamse fabrikantenechtpaar Helene Müller (1869-1939) en Anthony G. Kröller (1862-1941). De oude openbare wegen die over de gronden liepen werden afgesloten en op kosten van Kröller omgeleid. Om het nieuw ontstane, ruim 6800 ha grote landgoed kwam een afrastering. Deze door het echtpaar gecreëerde nieuwe buitenplaats fungeerde in de eerste plaats als jachtgebied en buitenverblijf voor de familie en hun gasten. Op het landgoed werd tevens een boerenbedrijf gevoerd. Daarnaast werd binnen De Hoge Veluwe het kunstzinnig ideaal verwezenlijkt dat Helene Müller voor ogen stond. Het terrein werd in haar opdracht ingericht met architectuur en kunstwerken, die allen op hun eigen manier de door haar voorgestane eenheid van kunst en natuur zichtbaar moesten maken. Tenslotte moest op het terrein een groot museumgebouw gerealiseerd worden, om de kunstcollectie van mevr. Kröller te huisvesten. Ten behoeve van het inrichten van het landgoed wist het echtpaar verschillende architecten aan zich te binden. Van H.P. BERLAGE, de Belg HENRY VAN DE VELDE en van A.J. KROPHOLLER werden daadwerkelijk gebouwen op het landgoed uitgevoerd. De in het complex op te nemen beeldhouwwerken zijn van de hand van de beeldhouwers J. MENDES DA COSTA en JOHN RAEDECKER. Na de economische crisis werd in 1928 het beheer van het landgoed overgedragen aan de Stichting Kröller-Müller. In 1935 ontstond de Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe. Het landgoed wordt begrensd door een kilometerslange afrastering, met monumentale TOEGANGSHEKKEN op belangrijke plaatsen. De toegangshekken zijn allen vergelijkbaar vormgegeven, met kleine varianten, naar ontwerpen van Kropholler uit 1920. Naast het bijeenhouden van wild waren de hekken en afrastering er een uitdrukking van dat het echtpaar hun verworven gebied als een eenheid zagen en zichzelf als grootgrondbezitters. Er waren plannen om bij de entrees kleine nederzettingen te realiseren. Hoewel dit nauwelijks tot stand is gekomen, is een dergelijke opzet wel in aanzet aanwezig bij de entree aan de Harskampweg en bij de dienstingang aan de Apeldoornseweg. Omschrijving TOEGANGSHEK bestaande uit vier bakstenen pijlers verbonden door smeedijzeren hekwerken, waarbij de middelste pijlers inrijhekken hebben. De vierkante pijlers zijn in baksteen gemetseld (kruisverband) en afgedekt met zandstenen dekstukken. De dekstukken van de middelste pijlers zijn hoger en aan de voorzijde behakt met de naam van het landgoed: 'Hooge"/'Veluwe'. De dekstukken van de buitenste pijlers springen ten opzichte van de pijler iets in. De smeedijzeren hekwerken zijn groengeschilderd. De vaste hekken staan op een bakstenen muurtje en hebben eenvoudige vertikale spijlen. De twee beweegbare hekken van het inrijhek zitten vast aan smeedijzeren kolommen, die weer verbonden zijn met smalle smeedijzeren tussenvleugels die op hun beurt met ijzeren banden aan de bakstenen pijlers vastzitten. Deze vleugels zijn zowel als de draaihekken aan de bovenzijde driezijdig afgesloten, en gevuld met geometrisch smeedwerk. Waardering TOEGANGSHEK aan de Koningsweg, omstreeks 1920 naar ontwerp van Kropholler - Van architectuurhistorische waarde als gaaf en goed typologisch voorbeeld van een entreehek uit de jaren twintig. Het hekwerk maakt deel uit van een aantal monumentale hekwerken in de afrastering van het landgoed De Hoge Veluwe, die alle op een vergelijkbare manier zijn vormgegeven, met bakstenen pijlers en decoratieve smeedijzeren hekwerken. - Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de omheining van het landgoed De Hoge Veluwe, waar ze op belangrijke punten op monumentale wijze de toegangen naar het landgoed markeren. - Van cultuurhistorische waarde als onderdeel van het landgoed De Hoge Veluwe dat vanaf 1909 door het echtpaar Kröller-Müller werd samengevoegd en ingericht. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 523567
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
De Hoge Veluwe
Nationaal park
Nationaal Park De Hoge Veluwe
Nationaal Park De Hoge Veluwe
Situering
Land Nederland
Locatie Gelderland
Coördinaten 52° 5′ NB, 5° 48′ OL
Informatie
IUCN-categorie II (Nationaal park)
Oppervlakte 55 km²
Opgericht 1935
Bezoekers 496.634 (in 2012)
Beheer Stichting Het Nationale Park De Hoge Veluwe
Foto's
Deelense Was
Deelense Was
Zandverstuiving
Zandverstuiving
Jong groen in het bos van De Hoge Veluwe
Jong groen in het bos van De Hoge Veluwe
Kaart van het nationaal park

Nationaal Park De Hoge Veluwe (of 'Het Nationale Park De Hoge Veluwe'[1]) is een nationaal park in de Nederlandse provincie Gelderland. Het ligt grotendeels op het grondgebied van de gemeente Ede en voor een klein deel in de gemeente Arnhem.[2] Het park is tegenwoordig circa 5.400 hectare groot en beslaat ongeveer vijf procent van de Veluwe, het grootste laaglandnatuurterrein in Noordwest-Europa. Op De Hoge Veluwe is ruimte ingeruimd voor cultuurhistorische elementen, architectuur en beeldende kunst. Zo maakt het wereldberoemde Kröller-Müller Museum deel uit van het park. Een andere bijzonderheid is dat het park vrijwel zonder overheidssubsidie geëxploiteerd wordt, het is het enige nationale park in Nederland waar de verkoop van entreekaarten een belangrijke inkomstenbron vormt. Het park is in 1935 ontstaan.

Ontstaan

Het natuurgebied is gelegen op de zandgronden van de Veluwe en is grotendeels gevormd door water, ijs en wind. De stuwwallen zijn ontstaan in de voorlaatste ijstijd, het Saalien, tussen 200.000 en 105.000 jaar geleden. De dekzandruggen en smeltwaterdalen dateren uit de laatste ijstijd, het Weichselien, tussen 70.000 en 10.000 jaar geleden. In de Middeleeuwen ontstonden in het dekzand onder menselijke invloed grote stuifzandcomplexen, die aan het eind van de 19e eeuw door bebossing weer grotendeels werden vastgelegd.[3] Het gebied is eeuwenlang in beheer geweest voor bosbouw en landbouw en omvatte enkele kleine nederzettingen. Aan het begin van de 20e eeuw bestond het gebied uit zandverstuivingen, heide en verschillende typen bos met grove den, vliegden en verschillende loofbomen. Een van de bewaarde kleine nederzettingen is Oud Reemst.

Stichters van het park

Het gebied dat nu De Hoge Veluwe vormt, dankt zijn status aan het echtpaar Helene Müller en Anton Kröller. Zij kochten tussen 1909 en 1921 verschillende landerijen aan met als belangrijkste functie het bieden van een privéjachtterrein. Voor de jacht werden onder andere moeflons, wilde zwijnen en edelherten uitgezet en zelfs enige tijd kangoeroes. Ook de bosexploitatie werd voortgezet. Toen het echtpaar begin jaren dertig in financiële problemen raakte, werd een poging gedaan het landgoed te verkopen aan Natuurmonumenten. Dit mislukte, waarna het Rijk de benodigde 810.000 gulden vrijmaakte uit een fonds dat zij beheerde, een en ander buiten de Tweede Kamer om. Dit geld kwam in beheer bij een stichting die het park in 1935 van N.V. Wm. H. Müller & Co kocht. Deze stichting is nog steeds eigenaar. Destijds had de Hoge Veluwe een oppervlakte van circa 6.800 hectare. Als tegenprestatie voor de donatie kreeg het Rijk de kunstcollectie van mevrouw Kröller-Müller in eigendom, op voorwaarde dat een nieuw museum in het park werd gebouwd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het park verkleind doordat uitgestrekte gebieden onder militair beheer werden gesteld. Een deel daarvan maakt nu deel uit van het Infanterie Schietkamp de Harskamp, gesticht in 1899, een ander deel is nu onderdeel van de Vliegbasis Deelen.

Landschappen

Oorspronkelijke was het een bebost gebied, maar door menselijk toedoen (houtkap en begrazing) zijn heide en stuifzanden ontstaan. Later zijn weer bossen aangeplant, maar toen de stuifzanden dreigden te verdwijnen is midden in het park een gebied ontbost, De Pollen, om alle soorten natuur die ooit in dit gebied geweest zijn te behouden. Heide is vooral ten zuiden en oosten hiervan en bos vooral ten noorden, waar ook het bezoekerscentrum is.

In het oosten van het park ligt het Deelense Veld, een heideveld, met daarin een aantal vennen, waaronder het Deelense Was en de Gietense Flessen. Deze vennen zijn ontstaan doordat zich op het zand een ondoordringbare laag heeft gevormd, waarin het regenwater niet wegzakt. De naam Deelense Was wijst erop dat de schaapherders vroeger hun schapen in dit ven gingen wassen. In en rond het ven, dat dus alleen regenwater bevat, groeien in Nederland bijzondere planten, zoals veenpluis, knolrus en veenmos.

Ten zuidwesten hiervan ligt het Deelense Zand, een uitgestrekte, deels met vliegdennen dichtgegroeide zandverstuiving, en ten westen daarvan, midden in het park, De Pollen.

Een ander groot heideveld is het Oud Reemster Veld in het zuiden, dat naar het noorden overgaat in het uitgestrekte, met vliegdennen vrijwel dichtgegroeide Oud Reemster Zand.

In het noordwesten is het schijnbaar vrijwel onbegroeide Otterlose Zand, waar een standbeeld van generaal Christiaan de Wet is geplaatst.

Beheer natuur

Het beheer van dit gebied onderscheidt zich in verschillende opzichten van dat van andere natuurgebieden. Een van de redenen is dat de stichting die het park beheert zich altijd verzette tegen overheidssubsidie, al werd het park in 1935 met steun van het rijk aangekocht. Daardoor moesten er op andere manieren inkomsten gegenereerd worden, bijvoorbeeld uit houtteelt, maar in toenemende mate uit entreegelden van de bezoekers. Het is daarmee het enige natuurterrein van de Veluwe waarvoor bezoekers moeten betalen. Het was noodzakelijk het gebied te omgeven met hoge hekken, waarin drie doorgangen met kassa's zijn. Het hek garandeerde ook dat dieren als moeflons en edelherten binnen het park bleven en de bezoekers in aanraking konden komen met wild.

Rastering

Het park beslaat binnen de rasters ongeveer 50 km². Dat is ongeveer vijf procent van de Veluwe, dat op zijn beurt met een oppervlakte van 1000 km² verreweg het grootste aaneengesloten natuurterrein van Nederland is. In 2013 zijn rasterverlagingen gerealiseerd aan de oost- en de westzijde van De Hoge Veluwe waar edelherten en reeën overheen kunnen springen. Het project Hart van de Veluwe[4] voorziet, naast rasterverlagingen, verder in een ecoduct over de drukke weg Otterlo-Schaarsbergen, langs de westzijde van het park. Voor het eerst sinds 1932 is er hierdoor weer wildmigratie mogelijk tussen De Hoge Veluwe en het deel van de Veluwe in de driehoek Ede-Otterlo-Oosterbeek. Met het ecoduct is in 2011 een begin gemaakt en de rasterverlaging tussen De Hoge Veluwe en het Deelerwoud is aangelegd, iets ten noorden van Deelen. In 2013 zijn de in- en uitsprongen bij deze wildpassages geopend. De hekken rond De Hoge Veluwe zijn de laatste decennia omstreden omdat ze de eenheid van de Veluwe als geheel verstoren, mede door de centrale ligging van De Hoge Veluwe.

Bos, heide en stuifzand

Het beheer van het landschap is gericht op handhaving van de huidige situatie en in enkele gevallen op herstel van eerdere situaties. De exploitatie van het bos is de laatste decennia economisch niet meer een hoofdzaak. Wel wil men de cultuurbossen in standhouden en een deel van het economisch beheer handhaven. Er wordt de laatste decennia geëxperimenteerd met een meer natuurlijk bosbeheer, gericht op meer variatie in leeftijd en samenstelling. Het gaat hier op een veel kleinere schaal dan in gebieden van Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer.

Ondanks de grote inspanningen die ermee gemoeid zijn, wordt door het park veel belang gehecht aan handhaving van de heide en de stuifzanden. Op verschillende manieren wordt geprobeerd de heide en de zanden open te houden omdat deze landschappen als typisch voor de Veluwe en het park worden gezien.

Flora en fauna

De Hoge Veluwe dankt zijn faunafaam van oudsher aan de relatief grote zoogdieren, in het bijzonder het edelhert en de moeflon. Het park herbergt echter ook bijzondere vogelsoorten en insecten.

Het beheer van flora en fauna is vooral gericht op behoud van de huidige situatie en in een enkel geval op verbetering van de leefsituatie van sommige soorten. Zo wordt gewerkt aan de terugkeer van het korhoen. Terwijl in veel natuurgebieden geprobeerd wordt exoten (dier- en plantensoorten die uit andere regio's zijn gekomen met behulp van menselijk handelen) te bestrijden, zijn exoten in het park welkom. De belangrijkste exoot is wellicht de Corsicaanse moeflon, maar er zijn ook Amerikaanse eiken en verscheidene naaldboomsoorten die gekoesterd worden.

Hoe welkom de exoten ook zijn, sommige worden wel bejaagd. In het park vindt jacht plaats om de populaties van alle grote zoogdieren te reguleren, ook die van de moeflons. Deze jacht is niet onomstreden. De directie is er zeer op gebrand deze dieren te handhaven maar te grote aantallen zijn onwenselijk, onder meer met het oog op schade aan de vegetatie. Hierdoor is jacht noodzakelijk. Drijfjachten vinden niet meer plaats maar jacht wordt wel als een onlosmakelijk onderdeel van de identiteit van het park gezien.

Heidebrand 2014

1rightarrow blue.svg Zie Natuurbrand Park De Hoge Veluwe 2014 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 20 april 2014 brandde in het park een gebied van 300 à 350 hectare met gras, heide en struiken af.[5] De brand was 's morgens rond 8.00 uur ontstaan en breidde zich door harde wind snel uit. Tijdens de brand werden het park en het museum ontruimd. De brandweer sprak van de grootste natuurbrand in Gelderland sinds 1976.

Cultuur en recreatie

Kröller-Müller Museum

1rightarrow blue.svg Zie Kröller-Müller Museum voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De kunstcollectie van het echtpaar Kröller-Müller vormde de basis voor het in het park gelegen Kröller-Müller Museum. Het is in opdracht van de Kröllers ontworpen door de Belgische architect Henry Van de Velde. Het museum bevat schilderijen, met name van Vincent van Gogh, Pablo Picasso, Fernand Leger, en Piet Mondriaan.

Beeldenpark Kröller-Müller

Het beeldenpark is een van de grootste van Europa, en bevat werken van onder andere Auguste Rodin, Henry Moore, Richard Serra, en Claes Oldenburg.

Architectuur

Het park omvat een groot aantal rijksmonumenten. Zie de lijst van rijksmonumenten op De Hoge Veluwe voor een overzicht. Hiervan is naast Kröller-Müller Museum het Jachthuis Sint-Hubertus het belangrijkst. Het is door architect Berlage in 1914 als woonhuis ontworpen en in 1919 opgeleverd. Ten zuiden van het Kröller-Müller Museum bevinden zich de restanten van het Grote Museum dat net als het huidige museum door de Belgische architect Henry Van de Velde is ontworpen maar vanwege geldgebrek nooit afgebouwd is.

Recreatie en educatie

De wortels van een 135 jaar oude boom bewaard in het Museonder

Omdat hoge bezoekersaantallen wezenlijk zijn voor het voortbestaan van het park, krijgen recreatie en educatie veel aandacht. Jaarlijks bezoeken ongeveer 600.000 mensen het park. De belangrijkste publiekstrekker is het Kröller-Müller Museum. In natuurmuseum Museonder in het centrum van het park is het bezoekerscentrum gevestigd en daar begint ook een natuureducatiepad. In Jachthuis Sint-Hubertus worden bijna dagelijks rondleidingen gehouden.

Voorzieningen

Hoewel het park (beperkt) toegankelijk is voor auto's en openbaar vervoer, is de fiets er hét vervoermiddel. Op verschillende plaatsen in het park bevinden zich depots voor witte fietsen. De fietsen kunnen gratis worden gebruikt, maar mogen niet op slot worden gezet en mogen het park niet verlaten. Daarnaast zijn er veel wandelpaden, waar men sinds 1 januari 2016 met de invoering van het struinverbod niet meer vanaf mag wijken.

Ongeveer een derde van het park is niet toegankelijk voor het publiek, om het wild en andere dieren rust te gunnen. In die gebieden zijn wel wildobservatieposten.

Naast de musea, zijn er allerlei voorzieningen en activiteiten in het park, zoals wildsafari's en kinderspeurtochten. Een autobusparkeerplaats nabij het Bezoekerscentrum en Parkrestaurant en een grote kinderspeelplaats bieden faciliteiten voor school- en andere groepsreizen.

Trivia

Literatuur

  • Beukhof, H., Essen, F. van, Pelzers, E., Sevink, J. (2005) Hoge Veluwe: Natuur en kunst, Waanders Uitgeverij, Zwolle.
  • Alings, W. (red.) (1985) Het bewaarde landschap, het nationale park De Hoge Veluwe 1935 - 1985, Koninklijke Uitgeverij G.J. Thieme, Nijmegen

Externe links


Monumenten in de buurt van Toegangshek Hoge Veluwe in Arnhem

De Groote Kweek

Harderwijkerweg 3
Arnhem
Omschrijving Gedeeltelijk onderkelderde grote BOERDERIJ van het hallehuistype van één bouwlaag en een zolderverdieping op rechthoekig gro..

Schuur bij de boerderij De Groote Kweek

Harderwijkerweg 3
Arnhem
Omschrijving De SCHUUR / STAL is gesitueerd op enkele tientallen meters achter het achterhuis van de boerderij. Het gebouw ligt met de nok ..

Buitenhuis met alleen begane grond met schilddak en links een puntgevel

Koningsweg 27
Arnhem
Buitenhuis met alleen begane grond met schilddak en links een puntgevel, gedateerd 1846. Vensters met goede roedenverdeling en luiken.

Vliegbasis Deelen/Klein-Heidekamp: Gebouw 1-28, officierswoning met schuur of garage

Deelen/Klein-Heidekamp
Arnhem
Inleiding Gebouw 1-28 ligt vrijstaand tegen een bosachtige achtergrond in de westelijke oksel van de T-kruising van de oostelijke van de be..

Vliegbasis Deelen/Klein-Heidekamp: Gebouw 1-7, officierswoning met schuur en garage

Deelen/Klein-Heidekamp
Arnhem
Inleiding Gebouw 1-7 c.a. ligt vrijstaand in een bosachtige omgeving, globaal tussen de nummers 1-6, 1-9 en 1-12, aan een gebogen en geknik..

Kaart & Routeplanner

Route naar Toegangshek Hoge Veluwe in Arnhem

Foto's (1)