Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Gelder Esch: T-boerderij in Winterswijk Meddo

Boerderij

Geldereschweg 96
7104AL Winterswijk Meddo (gemeente Winterswijk)
Gelderland

Bouwjaar: 1860


Beschrijving van Gelder Esch: T-boerderij

Omschrijving onderdeel A T-BOERDERIJ op rechthoekig grondplan, bestaande uit een twee bouwlagen en een zolderverdieping tellend blokvormig voorhuis, onder afgeplat schilddak belegd met gesmoorde oudhollandse pannen. Het gebouw heeft een achterhuis met een middenlangsdeel onder zadeldak, belegd met gesmoorde oudhollandse pannen. De rechts aangebouwde, ver terugliggende stalruimte met eigen achterhuis is een bouwlaag en een zolderverdieping hoog onder een zadeldak belegd met gesmoorde oudhollandse pannen. De gevels van de boerderij en de stal zijn opgetrokken in rode baksteen in kruisverband en hebben een gepleisterde plint. In de gevels bevinden zich enkele smeedijzeren ankers. De gevels van het voorhuis worden beëindigd door een gekorniste bakgoot op klossen. Op de rechter gevelhoek bevindt zich een oude smeedijzeren lantaarn. De symmetrisch ingedeelde VOORGEVEL van het voorhuis telt tussen gemetselde hoekpilasters vijf assen en heeft een licht risalerende middenpartij waarin zich in de eerste bouwlaag een voordeur bevindt, omgeven door een houten, geprofileerde pilasteromlijsting. De houten paneeldeur heeft een ovaal kijkvenster en een tweeruits bovenlicht. De omlijsting is voorzien van casementen, vierpasmotieven en wordt afgesloten door een hoofdgestel met hierin de naam `Gelder Esch' verwerkt. Op de verdieping bevindt zich een stolpvenster met tweeruits bovenlicht, dat wordt benadrukt door een houten geprofileerde omlijsting, afgesloten door een hoofdgestel met boogfries en kroonlijst. In het voorschild bevindt zich een dakkapel met gemetselde zijwanden onder een aangekapt zadeldak, belegd met gesmoorde oudhollandse pannen. De dakkapel is voorzien van een fronton en heeft een stolpvenster met een rondbogige roedeverdeling. Aan weerszijden van het middenrisaliet bevinden zich vensters onder strekse bogen en met grijze onderdorpels. In de eerste bouwlaag zijn dit vier achtruits schuifvensters (2x(3+1)) en op de verdieping vier stolpvensters met enkelruits bovenlichten. De VOORGEVEL van de aangebouwde stalruimte heeft ter weerszijden van de centraalgeplaatste opgeklampte deur met tweeruits bovenlicht, een zesruits schuifvenster (2x(2+1)). Voor de zolder bevinden zich drie liggende tweeruits vensters. Alle vensters bezitten aan de onderzijde een grijze onderdorpel en worden aan de bovenzijde afgesloten door een strekse boog. De puntgevel bezit een in de kleur groen geschilderde beschieting boven een gemetselde tandlijst. De RECHTER ZIJGEVEL van het voorhuis telt tussen gemetselde hoekpilasters één vensteras waarin zich boven elkaar schuifvensters bevinden zoals beschreven in de voorgevel. In het achterhuis bevindt zich links een achtruits schuifvenster (2x(3+1)) en rechts een hoger geplaatst vierruits opkamervenster (2x (1+1)) boven een klein vierruits kelderraam. Alle vensters hebben aan de bovenzijde een strekse boog. Geheel rechts in de gevel bevindt zich een klein gietijzeren stalraam. In de rechter zijgevel van de aangebouwde stalruimte bevinden zich twee wit geschilderde opgeklampte staldeuren onder korfbogen. De korfbogen zijn voorzien van gepleisterde geboorte- en sluitstenen. De rechter staldeur wordt geflankeerd door twee niet-oorspronkelijke stalramen. Links van de linker staldeur bevindt zich een oorspronkelijk halfrond gietijzeren stalraam. De LINKER ZIJGEVEL is ter hoogte van het voorhuis identiek aan de rechter zijgevel. In de rechter hoekpilasters is halverwege een gevelsteen aangebracht met tussen twee familiewapens het jaartal 1863 en eronder de namen: A.G. Tenckinck en J.B. Roerdinck. In het achterhuis bevinden zich rechts drie grote achtruits schuifvensters met witgeschilderde luiken, een lage witgeschilderde opgeklampte deur en vervolgens vijf assen met vierkante meerruits gietijzeren stalraampjes (tuimel) met erboven rondbogig afgesloten gietijzeren stalraampjes. De ACHTERGEVEL bestaat uit de twee van beschoten topgevels voorziene achtergevels van boerderij en de aangebouwde stalruimte. De rechter gevel heeft diep terugliggende nendeuren (`onderschoer') onder korfboog geflankeerd door staldeuren onder korfbogen. Boven de deeldeur bevinden zich drie korfboogvormig afgesloten blindnissen. De grijsgeschilderde topgevelbeschieting bevindt zich boven een gemetselde muizetand, die onder de dakrand doorloopt. De sluit- en geboortestenen van de korfbogen zijn grijsgepleisterd, de opgeklampte deel- en staldeuren zijn wit geschilderd. Het linker geveldeel heeft een topgevelbeschieting en muizetandfries zoals rechts beschreven. Hieronder bevindt zich een grijsgeschilderd opgeklampt laadluik, onder een korfboog met grijsgepleisterde boogstenen. In eerste bouwlaag bevinden zich twee zesruits stalvensters met gietijzeren roedeverdeling. Waardering BOERDERIJ (complexonderdeel A) gebouwd omstreeks 1860 met aangebouwde stalruimte -Van architectuurhistorisch belang als gaaf en goed voorbeeld van een negentiende-eeuwse scholteboerderij met een imposant blokvormig voorhuis. De boerderij valt op vanwege deze gave hoofdvorm en de bijzondere detaillering die onder andere bestaat uit classicistische sierelementen in hout rond deuren en vensters. -Van stedenbouwkundige waarde als hoofdonderdeel van het boerderijcomplex Gelder Esch, waarin de boerderij mede door het imposante voorhuis een beeldbepalende rol speelt. -Van cultuurhistorische waarde als onderdeel van het boerderijcomplex Gelder Esch. De boerderij weerspiegelt de werk- en wooncultuur van een negentiende-eeuwse scholtenboer. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 523434
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
T-Boerderij in het Nederlands Openluchtmuseum met de opvallende dakoversteek.
T-boerderij in Overasselt

Een T-boerderij of een Betuwse boerderij is een uit het hallenhuis voortgekomen Nederlands boerderijtype dat te vinden is in de Betuwe en het overige rivierengebied. Van daaruit waaierde het type uit naar omliggende gebieden zoals het noordoosten van Noord-Brabant (Brabantse Maaskant), maar ook naar de IJsselvallei in het grensgebied tussen Gelderland en Overijssel.

Ontstaan

De T-boerderij is via de krukboerderij ontstaan uit het hallenhuis. Aangezien in de Betuwe de grond vruchtbaar is, genoten de boeren een zekere welvaart. Mede onder invloed van de stedelijke cultuur nam de behoefte aan woonruimte toe en werd het woonhuis uitgebreid. Dit gebeurde eerst in één richting, waardoor de krukboerderij ontstond. Later werd het huis in beide richtingen uitgebreid. Vanaf de 18e eeuw werden de T-boerderijen direct als zodanig gebouwd. In de loop van de 19e eeuw waaierde het gebruik uit naar de Noord-Brabantse zandgronden en we vinden zelfs enkele T-boerderijen in het dorp Zeeland en op landgoed Tongelaar.

Vaak werd het woonhuis nog verhoogd, om bescherming te bieden tegen overstromingen en om over de dijk heen te kijken als de boerderij daar tegenaan was gebouwd.

Het woongedeelte had meestal aan de ene zijde een pronkkamer en aan de andere zijde een opkamer die boven een kelder was gelegen.

Bedrijfsvoering

In de T-boerderijen werd vaak een gemengd bedrijf uitgeoefend. Er was een langsdeel in de driebeukige schuur. Aan weerszijden waren de stallen waarin de dieren met hun kop naar de deel stonden. Het kon om (melk-)koeien dan wel om paarden gaan. De laatste werden in de 19e eeuw gefokt voor de verkoop. De zuivelboeren haden vaak een grupstal en wel één van het Hollandse type.

Op de deel werd gedorst. In de achtergevel waren grote deeldeuren aangebracht, waardoor de oogst naar binnen kon worden gereden. Typisch voor het rivierengebied was de opvallende dakoversteek, waardoor de wagens, die vaak hooi bevatten, droog konden worden uitgeladen. In het dakschild was daartoe een luik aangebracht waardoor de oogst droog op de zolder kon worden gebracht.

Boven de deel lagen de slieten, rechte dunne gladde boomstammen waarop het hooi, het stro en het graan kon worden opgeslagen. Ook was het mogelijk om het hooi in een hooiberg op te slaan dan wel in een schuur met verhoogde tasvloer. De ruimte hieronder kon dan weer worden gebruikt als wagenberging of om de kalveren te huisvesten.

Externe link


Monumenten in de buurt van Gelder Esch: T-boerderij in Winterswijk Meddo

Gelder Esch: Spin- en Weefhuis

Geldereschweg 96
Winterswijk Meddo (Gemeente Winterswijk)
Omschrijving onderdeel B Voormalig SPIN- en WEEFHUIS van het type hallehuis, opgetrokken op een rechthoekige plattegrond onder een zadeldak ..

Gelder Esch: schuur

Geldereschweg 96
Winterswijk Meddo (Gemeente Winterswijk)
Omschrijving onderdeel C SCHUUR op rechthoekige plattegrond, met gevels in rode baksteen (veldovensteen) binnen houten vakwerk. De schuur i..

Gelder Esch, waterpomp

Geldereschweg 96
Winterswijk Meddo (Gemeente Winterswijk)
Omschrijving onderdeel D Vrij op het erf gesitueerde WATERPOMP met een witgeschilderde, vierzijdige houten kast. De kast is aan de bovenzijd..

Gelder Esch: Kippenschuur

Geldereschweg 96
Winterswijk Meddo (Gemeente Winterswijk)
Omschrijving onderdeel E KIPPENSCHUUR opgetrokken in rode baksteen en hout op een rechthoekige plattegrond. De schuur is gedekt door een zad..

Molen van Sellink

Geldereschweg 3
Winterswijk Meddo (Gemeente Winterswijk)
Inleiding MOLENROMP. De oorspronkelijk als beltmolen uitgevoerde ronde stenen molen met de naam 'molen van Sellink' uit een onbekend b..

Kaart & Routeplanner

Route naar Gelder Esch: T-boerderij in Winterswijk Meddo

Foto's (4)