Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Museum Kam in Nijmegen

Gebouw

Museum Kamstraat 45
6522GB Nijmegen
Gelderland

Bouwjaar: 1922
Architect: O. Leeuw


Beschrijving van Museum Kam

Omschrijving 1. Het MUSEUM heeft een rechthoekige plattegrond met een vooruitspringende, rechthoekige voorbouw met vooruitspringende ingangspartij. Het museum heeft een basilicale opbouw en telt een souterrain en één c.q. twee bouwlagen onder platte daken, die zijn voorzien van glazen lichtkappen. Het museum is opgetrokken uit gesinterde bakstenen, gemetseld in kruisverband. De voorgevel heeft een sokkel, die bestaat uit blokken tufsteen. De lekdorpels, lateien en de meeste geveldecoraties zijn eveneens van tufsteen. De overige versieringen zijn van baksteen. De zijgevels, de achtergevel, de pergola's, de conciërgewoning en de hekpijlers hebben enkel baksteenversieringen. De diepliggende vensters zijn lang en smal en hebben afgezien van de voorgevel lekdorpels van baksteen en anderhalf steens rollagen. De ijzeren ramen zijn enkele jaren geleden grotendeels vervangen. De symmetrisch ingedeelde VOORGEVEL heeft een tweelaags vooruitspringende voorbouw van drie traveeën breed. De middentravee heeft een vooruitspringende éénlaags ingangspartij. De ingangspartij heeft een rondboogportiek met een dubbele houten deur, die is versierd met tweemaal twee gecanneleerde pilasters met Ionische kapitelen. De deuropening wordt afgesloten met een naar het midden toe hoger oplopende latei, die bestaat uit blokken tufsteen. In de middelste steen staat het inschrift: "SPQR". Het rondboogbovenlicht is voorzien van een smeedijzeren rooster, waartegen in koper de Romeinse wolvin is bevestigd. De boog heeft een omlijsting van siermetselwerk. De deur wordt aan weerszijden geflankeerd door de hoek omlopende pilasters met gestileerde tufsteen basementen en kapitelen. Hierboven bevinden zich een omlopende band, een uitspringende band in het verlengde van de latei en hoekversieringen in de vorm van gevelsculpturen met een voorstelling van een adelaar met uitgespreide vleugels, alles van tufsteen. De ingangspartij wordt afgesloten met een tufstenen kroonlijst. Boven de ingangspartij bevinden zich achtereenvolgens zes langwerpige velden met siermetselwerk, een tufstenen plaat in een met het opschrift: "MUSEUM KAM", zes vensters met een doorlopende tufstenen lekdorpel en 3-ruits ramen met verticale roedenverdeling en zes velden met siermetselwerk. De gevel wordt afgesloten met een geprofileerde houten kroonlijst op gepaarde, bewerkte consoles met guttae. Het middendeel wordt aan weerszijden geflankeerd door vierkante torens, waarin zich in de eerste bouwlaag drie vensters bevinden, die d.m.v. een tufstenen lekdorpel en een bewerkte tufstenen latei zijn gekoppeld. Ter hoogte van de tweede bouwlaag bevinden zich door gestileerde pilasters van siermetselwerk omgeven velden. In de velden bevinden zich de naar Romeinse munten gebeeldhouwde medaillons met voorstellingen van (v.l.n.r.) Nero, Ceres die een hoorn des overvloeds krijgt aangeboden, Vespasianus en vermoedelijk. Mars met een kleine Victoria in zijn hand. De velden hebben een tufstenen lekdorpel en worden afgesloten door een sierlijst en een volutenkapiteel van tufsteen. Boven de kapitelen springt de toren op de hoeken trapsgewijs in d.m.v. tufstenen pendentieven en gaat over in een cilindervorm, die bestaat uit een tamboer met gebeeldhouwde lauwerkrans en een corona muralis, beide deels van tufsteen. De vooruitspringende voorbouw wordt aan weerszijden geflankeerd door de éénlaags zijvleugels. De gevels van de zijvleugels tellen twee traveeën, gescheiden door pilasters van siermetselwerk. De gevels worden afgesloten door een brede band siermetselwerk, die boven de pilasters hoger is, waardoor een soort kantelen ontstaan. Op de hoekpilasters zijn rijk geornamenteerde smeedijzeren houders voor vlaggestokken aangebracht. De LINKER ZIJGEVEL telt zeven traveeën, waarvan de eerste en de vijfde smaller zijn dan de overige. De traveeën worden gescheiden door pilasters van siermetselwerk. De gevels worden afgesloten door een brede band siermetselwerk, die boven de pilasters hoger is, waardoor een soort kantelen ontstaan. Alleen het souterrain is voorzien van vensters, drie in de tweede, derde, vierde en zevende travee en één in de zesde. In de vijfde travee bevindt zich een deur met bovenlicht in een vooruitspringende bakstenen omlijsting. Boven de voorste vijf traveeën verheft zich de lichtbeuk van de centrale ruimte. Deze heeft in de smalle traveeën enkele vensters en in de brede traveeën gekoppelde vensters in een inspringende omlijsting van metselwerk. Tussen de vensters en het platte dak van de linker "zijbeuk" bevinden zich door siermetselwerk omlijstte velden. De gevel wordt afgesloten met een geprofileerde houten kroonlijst op gepaarde, bewerkte consoles met guttae. De RECHTER ZIJGEVEL is op nagenoeg dezelfde wijze uitgevoerd als de linker zijgevel. Doordat het terrein in oostelijke richting oploopt zijn hier echter geen souterrainvensters. De ACHTERGEVEL telt zeven traveeën. De centrale ruimte springt iets naar voren en heeft er drie, twee smalle en een brede. De zijbeuken hebben ieder twee smallere. De gevel is op dezelfde wijze gedetailleerd als de linker zijgevel. Zowel het souterrain als de eerste bouwlaag zijn voorzien van vensters. In de smalle traveeën bevinden zich drie en in de brede travee zeven vensters. Enkel het middendeel heeft vensters in de eerste bouwlaag. De achtergevel van de hoge centrale ruimte is blind uitgevoerd. Hier bevinden zich drie door siermetselwerk omlijste velden. Deze gevel wordt afgesloten met een geprofileerde houten kroonlijst op gepaarde, bewerkte consoles met guttae. Tegen de beide zijgevels van het museum zijn PERGOLA'S gebouwd. Deze bestaan uit dubbele gemetselde rondbogen en muurtjes met openingen, die met elkaar verbonden worden d.m.v. houten balken. Bij de linker zijgevel bevindt zich in de pergola een trap naar beneden om het hoogteverschil te overbruggen. De rechter pergola verbindt het museum met de conciërgewoning. Beide pergola's zijn voorzien van siermetselwerk. Het INTERIEUR van het museum is grotendeels bewaard gebleven. De hoge centrale ruimte wordt omgeven door tentoonstellingszalen, die ook onderling met elkaar in verbinding staan. Achterin de centrale ruimte geeft een dubbele bordestrap toegang tot een door pijlers gedragen galerij. Onder het bordes leidt een dubbele trap naar het souterrain, dat vanwege de helling van het terrein aan de west- en de noordzijde gelijkvloers ligt. De ruimten in de middenas van het museum worden gekenmerkt door rijke stucdecoraties, die zijn ontleend aan de klassieke orden. In de voorhal dragen Toscaanse zuilen een tongewelf met aan weerszijden twee kleinere dwars-tongewelven. In de centrale hal dragen pijlers met Ionische kapitelen een Dorisch hoofdgestel, waar tussen de trigliefen de namen van elf Romeinse keizers zijn aangebracht. De galerij heeft een arcade, waarvan de bogen rusten op deels gekoppelde zuilen met Ionische kapitelen. De granieten trappen en de galerij hebben sten balustrades, waarbij in stuc diagonale hekwerkjes zijn nagebootst. De pijlers in de achterzaal hebben Corinthische kapitelen. Behalve in de voorhal heeft Oscar Leeuw overal cassettenplafonds toegepast, die in de centrale hal en de tentoonstellingszalen deels met glas zijn gevuld. Alle publieksruimten hebben een grijs-witte terrazzovloer, die is versierd met een geometrisch patroon van zwarte banden. De oorspronkelijke vitrinekasten zijn bewaard gebleven. Waardering MUSEUM uit 1922. - Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf voorbeeld van een voor een specifieke, archeologische collectie gebouwd museum, waarbij in de stijl en detaillering van het museum het karakter van de verzameling wordt getoond. Het museum vertoont naast historiserende tendensen ook expressionistische en Art Deco-stijlinvloeden. Het museum heeft architectuurhistorische waarde vanwege de esthetische kwaliteiten van het ontwerp zoals goede verhoudingen, bijzonder materiaalgebruik en een rijke ornamentering. Het museum is van belang binnen het oeuvre van Oscar Leeuw, omdat het samen met de Israëlitische begraafplaats het einde van zijn tweede periode markeert. - Van stedenbouwkundige waarde vanwege de markante ligging in de Museum Kamstraat. - Van ensemblewaarde als functioneel onderdeel van het Museum Kamcomplex. - Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een in de loop van de 19de eeuw ontstane culturele en typologische ontwikkeling nl. het voor publiek openstellen van privé-collecties en het onstaan van het museum als bouwopgave in het algemeen. Het museum is van cultuurhistorische belang als bijzondere uitdrukking van een cultureel-maatschappelijke ontwikkeling nl. de belangstelling van Nijmegen voor haar Romeinse verleden en de identiteit die de stad daaraan ontleent. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 522950
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Vooraanzicht van het gebouw

Het Museum Kam, waarin sinds 1999 het Gelders Archeologisch Centrum G.M. Kam gevestigd is, is een voormalig archeologisch museum in de Nederlandse stad Nijmegen. In het gebouw is een studiecentrum gevestigd met een uitgebreide archeologische bibliotheek (ca. 11.000 titels[1]). Het gebouw van architect Oscar Leeuw uit 1919-1922 is een rijksmonument. Het bevindt zich aan de Museum Kamstraat in de wijk Hunnerberg.

Geschiedenis

Gerard Marius Kam (1836-1922), een Rotterdamse ondernemer (mede-oprichter van de staalhandel Gebr. Kam) die sinds 1897 in Nijmegen woonde, en aldaar een amateurarcheoloog werd. Hij schonk zijn collectie in 1919 aan de staat en liet op eigen kosten een museumgebouw optrekken.

Hij verzette zich als bewoner van Delfshaven tegen de vereniging van Delfshaven met Rotterdam. Na de annexatie per 1 januari 1886 verzette hij zich als raadslid (1886 - 1897) van Rotterdam tegen de ontwikkeling van de voormalige Delfshavense Coolpolder. Net als bij de annexatie kwam hij daarbij tegenover de Directeur der Gemeentwerken van Rotterdam G.J. de Jongh te staan, welke laatste uiteindelijk de Rotterdamse gemeenteraad aan zijn zijde kreeg.

In 1906 werd hij, Kam, benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Zijn museumgebouw in Nijmegen werd in de Tweede Wereldoorlog beschadigd, en het kon daardoor pas in 1951 weer opengaan. In 1998 fuseerde het Museum Kam met de Commanderie van Sint-Jan tot Museum Het Valkhof, dat in een nieuw gebouw aan het Kelfkensbos werd gevestigd. Het gebouw aan de Museum Kamstraat ging dienstdoen als archeologisch studiecentrum.

In november 2008 werd de statutaire naam van Museum Het Valkhof gewijzigd in Stichting Museum Het Valkhof-Kam. Dit was het resultaat van een jarenlange procedure van de erven Kam tegen de overheid[2].

Gebouw

Het gebouw is opgetrokken uit baksteen met tufstenen versieringen. Het heeft twee torens met gebeeldhouwde medaillons met afbeeldingen van Romeinse munten. Het museuminterieur is voor een groot deel in oorspronkelijke staat bewaard gebleven.


Monumenten in de buurt van Museum Kam in Nijmegen

Hekwerk Museum Kam

Museum Kamstraat 45
Nijmegen
Omschrijving 3. Het HEKWERK. De tuin van het museum wordt aan de west- en de zuidzijde (straatzijde) begrensd door een bakstenen muur, die ..

Conciërgewoning Museum Kam

Museum Kamstraat 47
Nijmegen
Omschrijving 2. De CONCIERGEWONING heeft een rechthoekig grondplan, een kelder en twee bouwlagen onder een plat overstekend dak. Materialen..

Canisius College

Berg en Dalseweg 81
Nijmegen
Het "Canisiuscollege", genoemd naar de in 1521 te Nijmegen geboren en in 1925 heilig verklaarde Jezuiet Petrus Canisius: in 1898-1900 naar o..

Militaire versterkingen t.b.v. legioenen

-
Nijmegen
Militaire versterkingen t.b.v. legioenen. Datering: 1e - 2e eeuw na Chr. (gedeeltelijke bescherming, zie bijlage C).

Café Trianon

Berg en Dalseweg 33
Nijmegen
Inleiding CAFÉ Trianon, voorheen bekend als café Buitenlust of café Cornelissen, is gebouwd in 1910 door P.G. Buskens (*1873) in een sti..

Kaart & Routeplanner

Route naar Museum Kam in Nijmegen

Foto's (4)