Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Augustinianum in Eindhoven

Kerkelijk Gebouw

Kanaalstraat 6
5611CT Eindhoven
Noord Brabant

Bouwjaar: 1913, 1924
Architect: P.L.D. Bellot


Beschrijving van Augustinianum

Inleiding Geheel van KAPEL en PENSIONAAT van de paters Augustijnen, nu studentenkerk en Hogeschool Eindhoven. Gelegen aan de Kanaalstraat, grenzend aan de eveneens beschermde Paterskerk en het al eerder (gedeeltelijk) beschermde klooster van de paters Augustijnen in het centrum van Eindhoven (monumentnummer 14627). Het geheel wordt gevormd door een aantal haaks op elkaar geplaatste bouwmassa's. Het oudste gedeelte bestaat uit een vleugel die schuin ten opzichte van de Kanaalstraat is geplaatst. Deze is verbonden met een tweede bouwmassa met hoofdingang aan de Kanaalstraat en haaks op de straat geplaatst, welke is uitgevoerd in een Berlagiaanse Overgangsstijl door J. Hegener. Aangrenzend, parallel aan de straat, is in 1924 naar ontwerp van Dom.Paul Bellot een vleugel met kapel gebouwd. De kapel is iets terugliggend, haaks op de straat gebouwd. Deze vleugel en de kapel vertonen kenmerken van Expressionistische architectuur. Binnen deze bouwmassa's ligt een bestraat terrein. Omschrijving Het oudste gedeelte is vier lagen hoog op een rechthoekige plattegrond onder een plat dak. Dit gedeelte, uitgevoerd in baksteen, is voorzien van lisenen en gepleisterde banden op de eerste en tweede verdieping. Het geheel heeft zesruitsramen onder segmentbogen, ter plekke van het trappehuis zijn getoogde ramen van J. Hegener aangebracht. De daaraan grenzende vleugel, met ingangspartij, is twee lagen hoog (de verdiepingen hebben een grote verdiepingshoogte) op een rechthoekige plattegrond onder afgeplat schilddak. Het dak is voorzien van een gootlijst op klossen en gedekt met leisteen. Het pand is uitgevoerd in baksteen en heeft een uitstekende plint, voorzien van een natuurstenen afdekrand. De speklagen in de gevel aan straatzijde zijn in bricornasteen gemaakt. De gevel wordt afgesloten door een gepleisterde lijst. De ingang, een houten paneeldeur, ligt in een portiek. Het portiek heeft een natuurstenen lambrizering en omlijsting. Een bordes en trapje met aan weerszijden gesloten balustrade, is eveneens in natuursteen uitgevoerd. In de natuursteen zijn lijnen en geometrische patronen gekapt. Boven het portiek bevindt zich een granieten plaat met opschrift GYMNASIUM AUGUSTIANUM, de plaat wordt bekroond door een gebogen lijst met kruis. In de voorgevel zijn zesruitsramen met natuurstenen lateien, onder segmentbogen aangebracht. In de zijgevel zijn samengestelde ramen aangebracht, de zijgevel die aan de binnenplaats grenst, heeft zesruitsramen, een dubbele paneeldeur verschaft toegang vanaf de binnenplaats. In het interieur verkeren de indeling en delen van de inrichting in oorspronkelijke staat. Na de ingang zijn in de hal klapdeuren met bovenlichten gevuld met glas-in-lood. De gang (op begane grond en verdieping) ligt tegen de buitenmuur aan de binnenplaatsen heeft een granieten vloer. De wanden van de gang zijn voorzien van pilasters. In de lokalen zijn paneeldeuren bewaard gebleven. In de meeste gevallen zijn de oorspronkelijke trappen aanwezig, met ijzeren balustrade, een houten leuning en hardstenen trapplaten. De vleugel, parallel aan de Kanaalstraat naar ontwerp van Dom. P. Bellot is langgerekt en twee verdiepingen hoog onder een schilddak met wolfseinde. Het geheel is uitgevoerd in baksteen en voorzien van een iets uitstekende plint. De gevel wordt verticaal geleed door lisenen die onder de dakrand overgaan in baksteen lijsten. Boven de lijsten is een band met polychroom metselmozaiek aangebracht. Tussen de lisenen bevinden zich clusters smalle, dicht naast elkaar geplaatste ramen die de verticale indruk versterken. Boven deze ramen zijn keperbogen aangebracht, op de begane grond met grind-betonnen lateien en polychroom metselwerk in de boogvelden. De ramen op de begane grond zelf zijn samengesteld, de bovenste en onderste lichten zijn gevuld met kathedraalglas. De ramen op de verdieping zijn uitgevoerd met driehoekige bovenlichten onder keperbogen. Het dak is gedekt met rode pannen waarbij zich vanaf de nok een brede rand met keperbogen, uitgevoerd in zwarte pannen, aftekent. Op de hoeken zijn pirons zichtbaar. Aan de straatzijde grenzen de klaslokalen, met elkaar verbonden door een gang parallel aan de buitenmuur, aan het binnenterrein. De kapel bestaat uit een tweelaagse bouwmassa, op een rechthoekige plattegrond onder zadeldak waarvan de nok haaks op de straat staat. Ervoor is een lager tweelaags blokvormig portaal onder plat dak geplaatst. Een smalle travee tegen de kapel is hoger opgetrokken. De dakrand is opgemetseld en heeft kantelen met piramidevormige bekroning, uitgevoerd in natuursteen. De bakstenen gevels worden geleed door lisenen. In het midden van de voorgevel bevindt zich een dubbele houten paneeldeur, aan weerszijden daarvan en in de zijgevel zijn kleine ramen, gevuld met glas-in-lood, op een natuurstenen vensterbank aangebracht. Boven de deur en ramen zijn grind-betonnen lateien zichtbaar. De hoger in de voor- en zijgevel gelegen ramen hebben een keperboogvormige bovenkant, omgeven door polychroom metselwerk in dezelfde vorm. De ramen zijn gevuld met glas-in-lood. In het voorportaal is een grote bakstenen trap met hardstenen treden en een opengewerkte baksteen balustrade aanwezig. De kapel heeft in de zijgevels drie traveeën, elk met een topgevel. De traveeën worden van elkaar gescheiden door lisenen. Grote ruitvormige ramen zijn uitgevoerd in glas-in-lood. Aan de zijde van het binnenterrein zijn dubbele deuren in de gevel aangebracht. In het interieur zijn de wanden en kruisribgewelven in schoon metselwerk uitgevoerd. Grote metalen luchters met verlichting hangen in de ruimte. Het koor, aan de korte zijde van de kapel, bevindt zich op hoogte, onder een rondboog over de gehele breedte en is voorzien van een baksteen balustrade. Onder de kapel is een foyer aanwezig waar de muren tot lambrizeringshoogte in een metselmozaiek met polychroom, geglazuurde baksteen zijn uitgevoerd. Waardering Het pensionaat met kapel is van van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als voorbeeld van een geestelijke ontwikkeling, namelijk de bloei van orden en congregaties voor het katholiek onderwijs en is tevens van belang als voorbeeld van de typologische ontwikkeling van het internaat. Het is architectuurhistorisch van belang vanwege de stijl, het bijzondere materiaalgebruik en de ornamentiek in baksteen en is tevens van belang als voorbeeld bij uitnemendheid van het werk van Dom Bellot. Het heeft ensemblewaarden vanwege de samenhang met de eveneens voorgedragen kerk en het reeds eerder beschermde kloostergebouw. Het is gaaf bewaard gebleven en als voorbeeld van een internaat van Dom Bellot uiterst zeldzaam. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 518791
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Scholengemeenschap Augustinianum
Augustinianum.JPG
Algemeen
Locatie Van Wassenhovestraat 26 5613 LL Eindhoven
Opgericht 1898
Type gymnasium, atheneum, havo
Denominatie katholiek
Bevoegd gezag Stichting Carmelcollege
Personen
Rector Maarten de Veth
Overig
Afkorting het Aug
Schoolkrant Primula
Website http://www.augustinianum.nl/
Portaal  Portaalicoon   Onderwijs

Het Scholengemeenschap Augustinianum is een katholieke school voor havo, atheneum en gymnasium.

De school is in 1898 opgericht en daarmee de oudste middelbare school in Eindhoven. De school telde aan het begin van het schooljaar 2015-2016 precies 1000 leerlingen.

Geschiedenis

Het internaat uit 1913 op Kanaalstraat 8 met boven de deur nog steeds de tekst "Gymnasium Augustinianum"; links de Paterskerk.

Beginjaren

Nadat de bouw van de Paterskerk in 1898 voltooid werd, richtten de paters Augustijnen van klooster Mariënhage de aanliggende noodkerk aan de Kanaalstraat in als gymnasium voor jongens. Doel was het opleiden van jongens die later de toe zouden treden tot de augustijnen, en het voorbereiden op hogere studies. De school werd gevestigd in gebouwen op het kloosterterrein (geografische ligging: 51° 26′ 17″ NB, 5° 29′ 6″ OL). De naam was toen Gymnasium Augustinianum. Deze naam is nog steeds te vinden boven de deur van het pand Kanaalstraat 8, waar zich het in 1913 in gebruik genomen internaat bevond.

Op 3 oktober 1898 opende de school. Er waren 10 leerlingen, allemaal in de eerste klas. In het derde schooljaar waren er 14 leerlingen, waarvan er zes priester zijn geworden. Er werd een woonhuis aan de Willemstraat ingericht als internaat, maar vanaf 1906 betrokken de internen weer kosthuizen. De lessen werden gegeven door paters, waarbij door gebrek aan leerkrachten de vakkundigheid soms te wensen overliet. Dit werd aangepakt door toekomstige leraren universitair te scholen; in 1914 rondden meerdere leraren hun studie af. In 1912 werd begonnen met de bouw van een nieuw internaat aan de Kanaalstraat. Dit werd in 1913 in gebruik genomen door 15 internen.

In de Eerste Wereldoorlog steeg het leerlingenaantal tot 80, o.a. door toestroom van kinderen van vluchtelingen uit België. De oude lokalen in de noodkerk werden afgebroken en een nieuw gebouw van vier verdiepingen werd gebouwd. De eerste lekenleraar werd aangenomen in 1914, in 1918 waren het er ca. 6. In 1917 werd een Koninklijk Besluit genomen dat de school gelijkstelde met openbare gymnasia, onder de naam "R.K. Gymnasium te Eindhoven". De school had toen 75 leerlingen.

Uitbouw

Kapel Augustinianum

In 1923 had de school al 143 leerlingen. Ze werd daarom in 1924 uitgebreid met een nieuwe vleugel, naast het internaat, naar ontwerp van monnik/architect Dom Paul Bellot en in 1925 kwam er een recreatiezaal met een kapel erboven, eveneens ontworpen door Bellot, die hiervoor samenwerkte met Pierre Cuypers jr.. Anno 2007 wordt de kapel, op adres Kanaalstraat 6, gebruikt door de Eindhovense Studentenkerk (ESK).

In 1928 werd de school verheven tot een nieuw convent, het Klooster van O.L.V. van Troost. Daarmee werd de band met klooster Mariënhage verbroken.

In 1933 kwam de toenmalige minister van Oorlog Deckers op bezoek bij de school. In die tijd stond de school goed bekend en was er lof voor het werk van de Augustijnen. De keerzijde van het hoge niveau was een vrij hoog aantal afvallers, gemiddeld 20 per jaar.

Ook met culturele activiteiten werd publiciteit behaald. Zo was er een jaarlijkse toneeluitvoering die goede kritieken kreeg, een debatingclub, een fanfare en een verkennersvereniging.

In 1934 vormden de internen voor het eerst een minderheid der leerlingen. Het schoolblad "Primula" verscheen voor het eerst in 1935. Hierin werden twee eerdere schoolbladen samengevoegd. Geleidelijk nam het aantal leerlingen toe, het bedroeg 240 in 1937.

Oorlogsjaren

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden in 1942 het klooster en de school door de Duitsers gevorderd. De lessen werden toen elders gegeven, en ook de internen moesten ergens anders heen, eerst in Eindhoven, maar ten slotte werd in Deurne lesgegeven.

Na de bevrijding werd de school als militair hospitaal gebruikt, en daarna als tijdelijk onderdak voor uit Duitsland teruggekeerde arbeiders. Ondanks de gedeeltelijke benutting door de Repatriëringsdienst kreeg de school weer een deel van het gebouw terug en op 2 oktober 1946 kwamen de schoolgebouwen weer helemaal ter beschikking van de school.

Naoorlogse tijd

De school kwam in opspraak toen in 1947 een Tweede Kamerlid van de CHU een beschuldiging van fraude bij de eindexamens uitsprak. Deze affaire liep met een sisser af. De school had in dat jaar 258 leerlingen, en dit groeide door tot 370 in 1957.

De gestage groei van het aantal leerlingen leidde tot uitbreidingsplannen op de toenmalige locatie. In 1953 werden die doorkruist door plannen van de gemeente, die verdere uitbreiding onmogelijk maakten.

Een en ander leidde tot plannen voor verhuizing naar de Geldropseweg. De gemeenteraad keurde deze plannen goed in 1953 en stelde in 1957 extra geld ter beschikking.

De nieuwe school met kapel, internaat en klooster werd ontworpen door de Utrechtste architect Nico de Jong. De bouw begon op 1 april 1958. De hoeksteen werd gelegd op 13 november 1958 en de verhuizing vond plaats op 15 t/m 26 augustus 1959. Voor de school werd een bronzen beeld van twee meter hoog geplaatst naar ontwerp van Marius van Beek: een oprijzende jongen met een adelaar op de schouders (geïnspireerd door Vers 3 van Psalm 103). Ook de reliëfs naast het toneel in de aula zijn van Van Beek.

In het begin van de 20e eeuw waren de meeste leerlingen afkomstig uit de rijkere milieus, vooral bij de internen; later werd dat minder het geval. De eerste keer dat een vader als beroep "arbeider" opgaf, was in 1958.

In 1960 daalde het aantal internen tot beneden de 100. De school had toen 450 leerlingen. Reeds kort na de verhuizing werden noodlokalen geplaatst.

In 1966 werden voor het eerst meisjes toegelaten. De school groeide in deze periode naar 1200 leerlingen. Naast gymnasium kwam er in 1966 een HBS, en bij de inwerkingtreding van de Mammoetwet werd de school een lyceum met gymnasium en atheneum. In de jaren 60 en 70 van de 20e eeuw kwamen er weer zes noodlokalen bij op de plaats waar later het Atrium verrees. In 1968 werd het internaat opgeheven. De internaatsvleugel kwam echter niet ter beschikking van de school, maar werd door de Augustijnen verhuurd aan diverse opleidingsinstituten.

Einde van de invloed der Augustijnen

Het bestuur van de school werd in 1976 door de Augustijnen overgedragen aan de Stichting voor Katholiek Onderwijs Augustinianum te Eindhoven. In 1979 keerde de laatste pater die aan de school verbonden was terug naar Klooster Mariënhage en hield het Convent op te bestaan.

De stichting probeerde de internaats- en kloostervleugels ter beschikking te krijgen, maar het Ministerie van Onderwijs gaf daarvoor geen toestemming: men moest het stellen met noodlokalen.

Door de inzet van rector Jos Maassen gingen plannen voor sloop van die vleugels niet door en kon de school ze, na verbouwing, in gebruik nemen. Zo werden slaapzalen omgebouwd tot leslokalen. Wel verdwenen de kapel en tennisbanen. In 1989 werd op de plaats daarvan een woonwijk gebouwd. In 1991 werden de noodlokalen gesloopt en kwam er een kantine, Atrium genaamd.

In 1997 werd het bestuur van de school door de eerder genoemde Stichting overgedragen aan de Stichting Carmelcollege.

Bij het 100-jarig bestaan in 1998 werd een boek uitgegeven (zie Noten) met daarin onder andere een bijdrage van oud-leerling Dries van Agt.[1]

Bekende oud-Augustianen

Noten

  1. Voor een deel van de historie werd als bron gebruikt: Joop van 't Hooft en Peter van Overbruggen (1998): Een eeuw (eeuwige jeugd) Augustinianum, ISBN 90 9011 813 6

Externe links


Monumenten in de buurt van Augustinianum in Eindhoven

Klooster Mariënhage

Augustijnendreef 15
Eindhoven
Augustinianum. Augustijnenklooster, oorspronkelijk "Marienhage" geheten. Binnen het 19e eeuws en modern complex een vleugel van het 15e eeuw..

Heilig-Hart of Paterskerk

Tramstraat 37
Eindhoven
Inleiding R.K. Heilig Hart- of Paterskerk, gebouwd in 1897-1898 in Neo-Gotische stijl. P.J. Bekkers en J.P.I. Hegener. De kerk ligt op de ..

Dubbele dienstwoning bij villa De Laak

Nachtegaallaan 2
Eindhoven
Omschrijving DUBBELE DIENSTWONING, eenlaags pand op een rechthoekige plattegrond, voorzien van een zadeldak waarvan de nok evenwijdig aan d..

Huize de Laak: koetshuis

Nachtegaallaan 2A
Eindhoven
Omschrijving KOETSHUIS, uit ca. 1907 gebouwd door J.W. Hanrath met Hollands Classicistische elementen. Eénlaags, vrijstaand pand op een r..

Huize de Laak: oranjerie

Nachtegaallaan 2A
Eindhoven
Omschrijving ORANJERIE uit ca. 1907, gebouwd door J.W. Hanrath met Hollands Classicistische elementen. Vrijstaand éénlaags pand op een re..

Kaart & Routeplanner

Route naar Augustinianum in Eindhoven

Foto's (3)