Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Catharijnebrug in Haarlem

Weg En Waterwerk

Koudenhorn 48
2011JD Haarlem
Noord Holland

Bouwjaar: 1902-1903


Beschrijving van Catharijnebrug

Inleiding De Catharijnebrug, een GELIJKARMIGE DRAAIBRUG, ligt over het Binnenspaarne en verbindt, in het verlengde van de Harmenjansweg, de oevers van de Koudenhorn en de Scheepmakersdijk. De Catharijnebrug werd in 1902-1903 gebouwd naar ontwerp van gemeentearchitect Jacques Leijh en verving de verouderde Catharijne- of Hoogebrug, die iets noordelijker was gesitueerd. De bouw van een nieuwe Catharijnebrug had te maken met de totstandkoming van de gemeentelijke 'Lichtfabrieken', het latere GEB, in de Veerpolder. De ontwikkeling van dit industriegebied maakte de aanleg van een kortere verbinding met de binnenstad noodzakelijk. De bovenbouw van de Catharijnebrug werd uitgevoerd door de Koninklijke Nederlandsche Grofsmederij uit Leiden. De onderbouw werd door B. Zuithof & Zonen uit Haarlem uitgevoerd. In de brug zijn stijlelementen uit de neo-Renaissance toegepast. Tot het oorspronkelijke ontwerp van de brug behoort ook het houten brugwachtershuisje. De draaibrug is in de loop der jaren op sommige punten gemoderniseerd c.q. gewijzigd. Zo zijn onder meer het onder- en bovendek geheel vernieuwd, het opzetwerk gedeeltelijk gemoderniseerd, de dubbele afsluithekken vervangen door automatische slagbomen, de oorspronkelijke lantaarnpalen vervangen door lichtmasten en de seinborden vervangen door moderne seinlichten. In 1933 werd de brug geëlectrificeerd, hiertoe werden electromotoren en toebehoren toegevoegd aan de draaiinrichting. N.B. De moderne toevoegingen als de automatische slagbomen, de lichtmasten, de seinlichten en dergelijke, vallen buiten de bescherming. Omschrijving De circa 28,26 meter lange en 10,10 meter brede Catharijnebrug is samengesteld uit een bovenbouw en een onderbouw. Tot de bovenbouw behoren de ijzeren draaiinrichting, de ijzeren brugdrager, het houten onderdek, de houten trottoirdekken, de houten rijvoering en de brugleuningen met piedestals. De onderbouw bestaat uit de landhoofden, de vleugelmuren, de grondkeermuren en de pijler waarop de draaiinrichting is geplaatst. Het apart staande houten brugwachtershuisje werd eveneens gebouwd door de aannemer van de onderbouw. De constructie van de brug bestaat uit langs- en dwarsliggers van gietijzer en staal. Daarboven ligt een onderdek dat is samengesteld uit eikehouten delen; de trottoirs zijn eveneens van eikehout. Het ruim zeven meter brede rijdek was oorspronkelijk bekleed met een rijvoering van teakhouten blokjes. (Tegenwoordig is dit geheel gemoderniseerd.) Tussen rijdek en trottoirs zijn twee ijzeren goten aangebracht. De twee buitenste liggers van de draagconstructie zijn aan de buitenzijde bekleed met gietijzeren versieringsplaten die met elkaar acht velden vormen. In de middelste twee velden zijn aan iedere zijde twee ijzeren borden bevestigd met respectievelijk het opschrift: 'Gemeente Haarlem/Anno 1902', en 'Kon. Ned. Grofsmederij/Leiden'. De draaipijler, de landhoofden en de vleugelmuren zijn gemetseld in miskleurige en grijze klinkers. De grondkeermuren bestaan uit miskleurige klinkers en rollagen van grijze klinkers. De landhoofden en de vleugelmuren zijn bekleed met natuurstenen dekzerken. De trottoirs bij het brugdek hebben eveneens een natuurstenen bekleding. De landhoofden, de vleugelmuren, de draaipijler en de plinten aan de waterlijn zijn voorzien van blokken en banden van Duits Graniet. De hoeken van de landhoofden zijn gedecoreerd met 'alla rustica' aangebrachte natuurstenen blokken. Oorspronkelijk waren de opritten en de vleugelmuren bestraat met keien. De ronde draaiinrichting is op een gemetselde, ovaalvormige pijler aangebracht die geplaatst is in de lengterichting van de rivier. De ronde brugdrager is van gietijzer. De draaiinrichting bestaat uit een verticale smeedijzeren koningsspil die aan de draaipijler is bevestigd, een gietijzeren spilhouder in de middenpijler en een gietijzeren rolring met tandreep. De bediening geschiedde oorspronkelijk met de hand vanaf de brug door middel van een zogeheten 'sleutel'. Dit was een stalen staaf die door een opening in het brugdek met de draaiinrichting in verbinding kon worden gebracht. Om de druk van de brug op te kunnen vangen zijn op de beide landhoofden gietijzeren stootplaten aangebracht, alsmede ijzeren kussens voor het opzetwerk. De leuningen zijn doorgetrokken over de landhoofden en de vleugelmuren. Ze zijn gemaakt van smeed- en gietijzer en zijn vormgegeven in neo-renaissancistische stijl. Elke leuning is samengesteld uit ronde kolommen, een leuning, halfcirkelbogen, spijlen en piedestals aan de uiteinden. De kolommen zijn versierd met eromheen gewikkelde ranken en - boven de blokvormige voet - met bladmotieven. Tussen de kolommen is een gekoppelde arcade gemaakt met dunne ronde spijlen, in oorsprong alle bekroond door een eikel. De twee leuningen van het oostelijke landhoofd zijn doorgetrokken tot aan de belendende huizen. Ter hoogte van de Scheepmakersdijk is aan de zuidkant een trap met leuningen naar beneden gemaakt. De leuningen worden aan de uiteinden van de brug afgesloten door piedestals. (Oorspronkelijk stonden er op de achthoekige piedestals die het brugdek markeren lantaarnpalen met een koperen lantaarn). De achthoekige piedestals hebben afgeschuinde, uitstekende hoeken en zijn voorzien van een rechthoekige vlakverdeling. De overige piedestals zijn vierhoekig en hebben afgeschuinde hoeken en een rechthoekige vlakverdeling. De leuningen van de landhoofden worden ingeleid met iets eenvoudiger vormgegeven vierhoekige piedestals, die eveneens afgeschuinde hoeken en een rechthoekige vlakverdeling hebben. Aan de bovenzijde van de noordelijke brugleuning is een langwerpige ijzeren naamplaat aangebracht met het opschrift 'Catharijnebrug'. De zuidelijke brugleuning wordt ter hoogte van de draaiinrichting onderbroken door een stalen kast met daarin de elektrische bediening. Links van deze kast bevindt zich nog de originele grendel waarmee de brug wordt vastgezet; de grendel steekt in een stalen koker. Het brugwachtershuisje staat aan de oever van de Koudenhorn en hangt gedeeltelijk over het water op achthoekige grondvlak, met aan de waterkant ramen in alle hoeken. Aan de Koudenhorn is een rechthoekige uitbouw. Het raamwerk (stijlen en regels) bestaat uit grenehout. De buitenwanden zijn beschoten met grenen schroten, de binnenwanden en het plafond met vuren schroten. Het huisje wordt afgedekt met een overstekend tentdak bekleed met zink. De ramen hebben hun oorspronkelijke indeling behouden, die bestaat uit horizontale roeden; de ramen hebben luiken die wit zijn geschilderd. Aan de kant van de Koudenhorn bevindt zich de deur. Tot de oorspronkelijke inrichting behoren een privaat, een kast met onder meer kapstokken en een afsluitbare kist voor brandstoffen en zand. Waardering De Catharijnebrug is van algemeen belang wegens bouwhistorische en architectuur-historische waarde als zijnde een grotendeels gaaf bewaard voorbeeld van een begin 20ste-eeuwse, merendeels uit smeed- en gietijzer opgetrokken, gelijkarmige draaibrug. Daarnaast is de Catharijnebrug van algemeen belang wegens bouwtechnische, typologische en functionele zeldzaamheid, alsmede het materiaalgebruik. Ook is de brug van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde als zijnde een draaibare oeververbinding over het Spaarne, waarmee de begin 20ste-eeuwse ontwikkeling van het verkeersnet in Haarlem en het belang van het Spaarne als scheepvaartroute in die tijd, tot uitdrukking wordt gebracht. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 513353
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Catharijnebrug
De Catharijnebrug
De Catharijnebrug
Algemene gegevens
Locatie Haarlem
Coördinaten 52° 23′ NB, 4° 39′ OL
Overspant Binnen Spaarne
Lengte totaal 28,26 m
Breedte 10,10 m
Monumentale status Rijksmonument
Monumentnummer 513353
Bouw
Bouwperiode 1902-1903
Gebruik
Huidig gebruik Gemengd verkeer
Architectuur
Type Draaibrug
Architect(en) Jacques Leijh
Materiaal (Giet)ijzer[1], eikenhout, baksteen
Catharijnebrug (Haarlem)
Catharijnebrug (Haarlem)
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer

De Catharijnebrug is een rijksmonumentale draaibrug in het centrum van de Nederlandse stad Haarlem. De brug is tussen 1902 en 1903 gebouwd en werd op 27 juli 1999 aangewezen als rijksmonument. De aanwijzing als rijksmonument werd op 23 november van hetzelfde jaar omgezet in een inschrijving in het rijksmonumentenregister. Het monument is onder nummer 513353 ingeschreven in het register. De brug is een voorbeeld van een begin-20e-eeuwse draaibrug, bestaande uit smeed- en gietijzer. Bij het benoemen tot rijksmonument werd ook meegenomen dat de brug zeldzaam is op het gebied van bouwtechniek, typologie, functionaliteit en materiaalgebruik. De brug is voor de stad Haarlem ook belangrijk en ook dat werd in de besluitvorming meegenomen.

De brug verbindt de oevers van de Koudenhorn en de Scheepmakersdijk, als vervanging van de Catharijne- of Hoogebrug die iets noordelijker gelegen was. De brug is ontworpen door gemeentearchitect Jacques Leijh.

Geschiedenis

Voorloper van de huidige brug

De nieuwe Catharijnebrug werd gebouwd om het centrum van Haarlem qua verkeer te ontlasten. Er werd namelijk een lichtfabriek (het latere Gemeentelijk energiebedrijf) gebouwd in de Veerpolder. De brug is in zijn geheel ontworpen door Jacques Leijh, maar de boven- en onderbouw zijn gebouwd door verschillende bedrijven. De bovenbouw is gebouwd door de Koninklijke Nederlandsche Grofsmederij en de onderbouw door B. Zuithof & Zonen.

Na de bouw zijn verschillende delen van de brug gemoderniseerd, of gewijzigd. Zo zijn onder andere de dubbele afsluithekken vervangen door slagbomen, de lantaarnpalen door lichtmasten en de oude seinborden door seinlichten. In 1933 werd de brug geëlektrificeerd. Al deze toevoegingen en wijzigingen maken geen onderdeel uit van het rijksmonument.

Boven- en onderbouw

De brug is grofweg op te delen in twee stukken, de zogenaamde boven- en onderbouw.

Bovenbouw

De piëdestals goed zichtbaar. Foto genomen voor de renovatie.

De bovenbouw zijn de onderdelen die gebruikt worden, zoals de wegdekken, draai-inrichting en de piëdestals. De brug bestaat uit langs- en dwarsliggers van gietijzer en staal. Bovenop ligt een onderdek opgebouwd uit eikenhouten delen, ook de trottoirs zijn van eikenhout. Wel hebben de trottoirs bij het brugdek een natuurstenen bekleding. Het moderne wegdek werd voorafgegaan door een rijdek bestaande uit teakhouten blokjes, tussen het wegdek en de trottoirs liggen ijzeren goten.

Op de brug zijn versieringsplaten aangebracht die samen acht velden vormen. In de middelste twee velden zijn aan beide zijden borden aangebracht waarop valt te lezen: Gemeente Haarlem/ Anno 1902 en Kon. Ned. Grofsmederij/Leiden.

De leuningen van de brug beginnen op de landhoofden en vleugelmuren. Ze zijn van smeed- en gietijzer. De decoratiestijl is Neorenaissancistisch. De leuningen aan de oostelijke landhoofd lopen door tot aan de aangrenzende huizen. De leuningen staan op ronde, met ranken versierde, kolommen en tussen de kolommen rondbogen. Vlak boven de voeten van de kolommen hebben de ranken een bladmotief. Aan het einde spijlen en piëdestals. De piëdestals aan het einde van de leuningen zijn vierkant en de piëdestals op de brug zelf achthoekig. Op de achthoekige piëdestals stonden vroeger lantaarnpalen met daarop koperen lantaarns.

Op de noordelijke brugleuning is een ijzeren naamplaat aangebracht. De zuidelijke brugleuning wordt ter hoogte van de draai-inrichting onderbroken door een stalen kast met daarin de elektrische bediening. Aan de linkerzijde van deze kast bevindt zich nog de originele grendel waarmee de brug op slot gezet kon worden.

Onderbouw

De onderbouw bestaat uit de landhoofden, vleugelmuren en de pijler waar de draai-inrichting op staat. Alle zijn gemetseld in miskleurige en grijze klinkers. De grondkeermuren bestaan uit dezelfde miskleurige klinkers, maar ook uit rollagen van grijze klinkers. De landhoofden en vleugelmuren zijn bekleed met natuurstenen dekzerken. Duits graniet is gebruikt ter bekleding van de landhoofden, vleugelmuren, draaipijler en de plinten aan de waterlijn. De hoeken van de landhoofden hebben decoraties met natuurstenen blokken.

De pijler in het midden van de brug is ovaalvormig en is geplaatst in de lengterichting van de rivier. De brugdrager zelf is rond en van gietijzer. De brug werd vroeger met de hand vanaf de brug zelf bediend. De bediening gebeurde met een zogenaamde sleutel, dat was een stalen staaf die door het brugdek met de draai-inrichting verbonden werd. Om bij het draaien de brug af te remmen zijn aan de landhoofden gietijzeren stootplaten aangebracht.

Brugwachtershuisje

Het brugwachtershuisje staat niet op de brug zelf, deze staat aan de oever van de Koudenhorn en hangt gedeeltelijk over het water heen. Het gebouw heeft een achthoekig grondvlak. Aan de waterkant heeft het ramen, met stijlen en regels van grenenhout, in alle hoeken en aan de straatkant een rechthoekige uitbouw. De buitenwanden zijn bedekt met schroten van grenen, de binnenwanden en plafonds hebben schroten van vurenhout. Aan de buitenkant zijn wit geschilderde luiken aangebracht en het dak is een zinken tentdak.

Van het brugwachtershuis is ook een deel van het interieur bewaard gebleven. Een privaat, een kast en een afsluitbare kist voor brandstof en zand zijn nog altijd aanwezig.

Trivia

Bij de restauratie is besloten om de brug in gesloten toestand te vergrendelen.



Monumenten in de buurt van Catharijnebrug in Haarlem

Pand met lijstgevel, beneden gemoderniseerde onderpui, bovenverdieping met hoge bogen met blokken, eveneens de randen geblokt

Koudenhorn 44
Haarlem
Pand met lijstgevel, beneden gemoderniseerde onderpui, bovenverdieping met hoge bogen met blokken, eveneens de randen geblokt. Hoog zadeldak..

Pand met lijstgevel

Koudenhorn 42
Haarlem
Pand met lijstgevel, 19e eeuw.

Pand met lijstgevel

Koudenhorn 40
Haarlem
Pand met lijstgevel, 19e eeuw.

Pand met gekoppelde dubbele trapgevel met dodekop behandeld

Koudenhorn 66
Haarlem
Pand met gekoppelde dubbele trapgevel met dodekop behandeld, eerste helft 17e eeuw.

Pand met brede lijstgevel, kroonlijst door consoles gedragen, brede ingang, versierde voordeur met bovenlicht

Koudenhorn 32
Haarlem
Pand met brede lijstgevel, kroonlijst door consoles gedragen, brede ingang, versierde voordeur met bovenlicht, midden 18e eeuw.

Kaart & Routeplanner

Route naar Catharijnebrug in Haarlem

Foto's (5)