Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Sterkenburg: kasteel in Driebergen Rijsenburg

Kasteel Buitenplaats

Langbroekerdijk 10
3972ND Driebergen Rijsenburg (gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Utrecht

Bouwjaar: ca. 1196


Beschrijving van Sterkenburg: kasteel

Onderdeel 1 HOOFDGEBOUW (KASTEEL STERKENBURG) Kasteel Sterkenburg is een van oorsprong middeleeuws kasteel met thans een woonbebouwing uit het midden van de 19de-eeuw, op middeleeuwse en 18de-eeuwse fundamenten, ten oosten geflankeerd door een 13de-eeuwse ronde toren en ten westen door een vierkante toren uit 1867, gelegen op een rond kasteeleiland dat toegankelijk is middels een dubbele brug uit ca. 1850. Het 19de-eeuwse hoofdvolume van rode baksteen op rechthoekige grondslag, overkapt met een samengesteld schilddak gedekt met lei, in zgn. Duitse-dekking, heeft rondom een omgaande geprofileerde en verkropte kroonlijst, steunend op consoles. Ten oosten van het hoofdvolume ligt de middeleeuwse toren op ronde grondslag met bovenop een midden 19de-eeuwse belvédère en koperen dak. Ten westen een vierkante toren uit 1867 onder een hoog tentdak met lei gedekt, bekroond door een bakstenen schoorsteen met een smeedwerk en windvaan. In 1848 werd mr. K.J.F.C. Kneppelhout eigenaar van Sterkenburg en het kasteel onderging een grote verbouwing waarbij het zijn huidige uiterlijk in Willem II-gotiek kreeg. De middeleeuwse achtervleugel en de frontvleugel uit 1754-1767 werden afgebroken om het huidige representatieve en ruime blokvormige herenhuis te kunnen creëren. De middeleeuwse ronde toren en een deel van oude noordelijke muren, die als keermuur van het terras ging dienen, werden gespaard en ook de andere 18de-eeuwse bleven gehandhaafd. Op deze oude funderingen verrees tussen 1848 en 1851 op de plaats van de middeleeuwse en 18de-eeuwse vleugels de huidige blokvormige vleugels. Aan de zuidwestzijde kreeg de vleugel een symmetrische, vijf traveeën brede voorgevel waarvan de middenrisaliet bestaat uit de ingangspartij. Deze risaliet eindigt in een klokgevel waarop een zinken wapen van de ridderhofstad Sterkenburg is aangebracht. Deze klokgevel moet in 1854 zijn gerealiseerd, aangezien in het tympaan staat: "Hersteld 1854". De top wordt bekroond door een halfrond fronton waarop een loden vaas. De ingangspartij, bereikbaar via een dubbele brug, bestaat uit een dubbele glasdeur die samen met het bovenlicht met zinken neo-gotische decoratie, gevat is in een natuurstenen omlijsting met een segmentboog. Hierboven, eveneens binnen een natuurstenen omlijsting, een bolkozijn met neogotische decoratie. Boven alle vensters zijn segmentvormige ontlastingsbogen aangebracht. Aan weerszijden van de risaliet boven een omgaande natuurstenen lijst, zowel op de bel-etage als verdieping twee T-vensters, aan de binnenzijde voorzien van blinden. In de zuidoostelijke deel van het 19de-eeuwse gevel links op de bel-etage een T-venster en rechts in het gedeeltelijk schuin weglopende gevel een terugliggend balkon met zandstenen balustrade. Vanaf het balkon lopen twee zuilen omhoog naar de verdieping en dragen een balkon met zinken balustrade, links hiervan een T-venster. Beide balkons zijn toegankelijk middels grote schuifdeuren en voorzien van schuifblinden aan de binnenzijde. De achterzijde (noord) van het 19de-eeuwse deel heeft een onregelmatige vensterindeling en op de bel-etage een toegang tot het terras. Bij de verbouwing in de 19de-eeuw bleef de ronde toren vrijwel geheel intact, maar werd wel voorzien van een eigentijdse aankleding: onder invloed van de neo-gotiek is de ronde toren voorzien van een rondboogfries, een gekanteelde borstwering en diverse in de muren uitgehakte ramen: op de bel-etage bevinden zich twee spaarvelden, in elk twee vensters met glas in lood, gescheiden door een smal zuiltje, waarboven een neo-gotische driepas en op de verdieping een dubbel venster met neo-gotische decoratie. Aan de noordkant van de ronde toren ligt de grote zaal waarin drie empire-glasdeuren toegang geven tot een ruim balkon met gietijzeren bodem en zinken balustrade gedragen door vier gedecoreerde, forse terracotta consoles. Op de verdieping drie empirevensters en onder het balkon bevindt zich een toegang tot de kelder. Aan de noordzijde van het nieuwe 19de-eeuwse hoofdgebouw lagen de fundamenten van de voormalige, omstreeks 1767 grotendeels afgebroken 14de-eeuwse vierkante toren. In 1867 werd een nieuwe vierkante toren gebouwd, evenals de ronde toren voorzien van een rondboogfries en een gekanteelde borstwering. De toren is ontworpen door de architect N.J. Kamperdijk volgens een mathematisch opgezet ontwerpsysteem. De toren werd ten opzichte van zijn voorganger naar voren geplaatst en ging als tegenhanger van de ronde toren dienen. De vierkante toren heeft een onderdoorgang voorzien van een zinken sluitsteendekplaat met wapenschild en in de gevels een regelmatige vensterindeling met ondermeer empire-schuifvensters. Het kasteel is toegankelijk via een dubbele brug, aan beide zijden met bakstenen landhoofden en daarop en tussen een dek van hardsteen en hout. De brug was voorzien van een neo-gotische balustrade van gegoten zink in dezelfde stijl en vormgeving als de zinken balustrade van de brug naar het voorplein. De onderbrug gaf toegang tot de dienstruimtes, de bovenbrug tot de bel-etage. Aan de achterzijde van het huis, op de plaats van een der middeleeuwse vleugels, werd een terras aangelegd, slechts begrensd door een lage muur -de oorspronkelijke weermuur- die de omtrek van de middeleeuwse bebouwing aangeeft. Het terras is vanuit de aan de ronde toren grenzende, grote zaal aan de achterzijde te bereiken. INTERIEUR- Het interieur is voorzien van vele originele details, ondermeer binnenblinden, lambrizeringen, houten en natuurstenen vloeren, deuren, en schouwen. In 1848 werd gekozen voor een centrale ingang, met links en rechts van de vestibule ruimtes van dezelfde grote. De vestibule komt uit op een hall met een trap met dubbele opgang. Opvallend is dat de monumentale hall en de monumentale trap niet in elkaars verlengde liggen, maar ten aanzien van elkaar verspringen. Bovenaan de trap zijn twee bijzondere glas-in-loodvensters. De hall geeft rechts toegang tot de voormalige eetkamer met aan de buitenzijde een balkon. De voormalige middeleeuwse binnenplaats aan de linkerzijde van de hall wordt geheel in beslag genomen door de kook- en spoelkeukens. Waardering HOOFDHUIS (Kasteel Sterkenburg) behorende tot de historische buitenplaats Sterkenburg, van algemeen belang: - vanwege de ouderdom; - vanwege de architectonische vormgeving; - vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur en het interieur; - als fraai voorbeeld van een in oorsprong uit de tweede helft van de 13de-eeuw daterend kasteel, dat in de loop der eeuwen werd uitgebreid en gewijzigd en in de 19de-eeuw het huidige karakter kreeg; - vanwege de bijzondere en ruime toepassing van gegoten zink; - vanwege de functioneel-ruimtelijke relatie met de andere onderdelen van de buitenplaats; - vanwege de kenmerkende ligging binnen de parkaanleg in landschapsstijl, gecreëerd binnen een formele 17de- en 18de-eeuwse hoofdstructuur. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 511806
Laatste wijziging: 2014-12-09 19:54:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Sterkenburg
Sterkenburg
Sterkenburg
Locatie Driebergen-Rijsenburg
Algemeen
Eigenaar Stichting Behoud Sterkenburg
Huidige functie woning
Gebouwd in rond 1196
Monumentale status Rijksmonument
Monumentnummer  511806
Bijzonderheden ridderhofstad
Landgoed an de overzijde
Landgoed an de overzijde

Kasteel Sterkenburg is een ridderhofstad in de voormalige gemeente Sterkenburg bij Driebergen-Rijsenburg, nu deel van de gemeente Utrechtse Heuvelrug in de Nederlandse provincie Utrecht.

Geschiedenis

De oudste vermelding van Sterkenburg dateert uit 1261, toen bepaald werd dat graaf Otto II van Gelre van de Utrechtse bisschop Hendrik van Vianden het “castrum Langebruch” (ofwel burcht in het Langbroek) zou krijgen. Het kasteel Sterkenburg zou gedurende vele eeuwen een leen van Gelre blijven, de landerijen waren leenroerig aan de bisschop.

Heren van Wulven

De eerste heren van Sterkenburg stamden uit het roemruchte huis der heren van Wulven, een machtige Stichtse familie waar vele ridderhofsteden uit de omgeving hun oorsprong aan danken, zoals Hindersteyn, Nederhorst den Berg (voorheen Ter Horst), Wulverhorst, Amelisweerd en Heemstede.

Sterkenburg

Vóór 1300 is de geschiedenis van Sterkenburg nog enigszins in nevelen gehuld, de mededelingen van diverse historici, genealogen en auteurs spreken elkaar soms tegen. De eerste aantoonbare heer van Sterkenburg, tussen 1307 en 1324 vermeld, was Ernst van Sterkenburg, die wellicht één en dezelfde persoon is als de tussen 1286 en 1311 vermelde Ernst van Wulven. De meest waarschijnlijke hypothese, welke aansluit bij de geschriften van de Utrechtse genealoog Cornelis Booth (1605-1678), is dat ridder Gijsbrecht van Wulven (vermeld van 1238 tot 1250) zou zijn begonnen met de bouw van Sterkenburg, waarna diens zoon ridder Ernst van Wulven (vermeld van 1265 tot 1295) het kasteel zou hebben voltooid. De drie zonen van deze Ernst zouden “den naem van Sterckenbergh aengenomen hebben”. In 1309 werd Ernst van Sterkenburg inderdaad met twee broers vermeld, Hendrik en Gijsbrecht en bovendien hadden zowel Ernst van Wulven als diens vermoedelijke zoon Ernst van Sterkenburg de helft van de Hollandse heerlijkheid Berkel in hun bezit.

Het geslacht Van Sterkenburg stierf in de vijftiende eeuw uit met Catharina van Sterkenburg, die bij haar huwelijk in 1456 met Wouter van Isendoorn van haar vader Gijsbrecht “dat huys ende herlicheyt tot Sterckenborgh met sijner hofstat” ontving. Hun achterkleindochter Mechteld van Isendoorn trad in 1564 in het huwelijk met de Gelderse edelman Reinier van Aeswijn (1544-1620). In 1536 was het kasteel Sterkenburg als ridderhofstad erkend.

Brute moord

In de geschiedenis van Sterkenburg spreekt de familie Van Aeswijn met name tot de verbeelding vanwege de brute moord op Anthonis van Aeswijn, die in juni 1647 – enkele maanden na zijn huwelijk met Margaretha Torck – dood werd teruggevonden in het bos van Sterkenburg. Ondanks hoge beloningen is deze moord nooit opgehelderd.

In 1666 huwde zijn postuum geboren dochter Antonetta van Aeswijn (1647-1669), erfvrouwe van Sterkenburg, met Gijsbrecht van Mathenesse (1645-1670). Na enige erfenisperikelen en nog meer vroegtijdige overlijdens kwam Sterkenburg in 1681 uiteindelijk in handen van Florentina van Mathenesse (1663-1729), gehuwd met Johan baron van Hardenbroek. Zij verkocht de ridderhofstad en heerlijkheid Sterkenburg in 1725 aan Catharina van Heusden, ten behoeve van haar zoon Mr Jan Frederik Mamuchet van Houdringe (1692-1740). Johanna Catharina Mamuchet van Houdringe (1690-1772), die in 1709 was gehuwd met Mr Jan Jacob van Westrenen (1685-1769), erfde Sterkenburg in 1740 van haar ongehuwde broer, waarna het tot in de negentiende eeuw in het bezit van deze Utrechtse regentenfamilie zou blijven. Na de dood van Mr Jan Jacob van Westrenen van Sterkenburg (1802-1827), die ongehuwd te Florence overleed, werd Sterkenburg in 1829 uit diens boedel gekocht door zijn halfzuster Anna Maria Cornelia van Westrenen (1782-1856) en haar echtgenoot Pieter Anthony Hinlópen (1780-1849).

Bloeiperiode

Vanaf 1841 verhuurden zij Sterkenburg aan de weduwe Johanna Maria Kneppelhout-de Gijselaar (1787-1851) en enkele jaren later zou er voor de ridderhofstad een ongekende bloeiperiode aanbreken. Haar zoon Mr Karel Jan Frederik Cornelius (Kees) Kneppelhout (1818-1885), die zich door zijn aanzienlijke vermogen geheel kon wijden aan de kunsten en letterkunde, kocht Sterkenburg in 1848 van het echtpaar Hinlópen. Kneppelhout liet het huis nog in datzelfde jaar ingrijpend verbouwen, waarmee hij het kasteel zijn huidige uiterlijk gaf. Aanvankelijk was Sterkenburg voor de familie Kneppelhout voornamelijk een buitenplaats: in de wintermaanden woonde de familie te Leiden, gedurende de zomermaanden vertoefden zij op het door hen zo gekoesterde landgoed. In 1867 liet Kees Kneppelhout aan de westzijde van het kasteel een vierkante toren bouwen (met een voor die tijd moderne badkamer en waterhuishouding) en vanaf 1870 bewoonde hij Sterkenburg met zijn gezin en personeel permanent.

Tot eind jaren 1920 zou Sterkenburg nog door de familie Kneppelhout bewoond worden. In 1959 werd Sterkenburg onverdeeld bezit van de erven Kneppelhout, waaronder Anna Rutheria Steengracht van Oostcapelle-Kneppelhout (1898-1966) en haar kinderen. Vanaf 1970 was het gehele landgoed in handen van de familie Steengracht. Vanaf 1948 had Sterkenburg, dat in een behoorlijk deplorabele staat begon te verkeren, dienstgedaan als kostschool, onderwijsinstituut (Stichting Jeugdland) en conferentieoord.

Stichting Behoud Sterkenburg

SterkenburgCastle.jpg

In 1978 verkocht de familie Steengracht het kasteel met bijgebouwen, waaronder de tuinmanswoning en het deels afgebrande westelijk koetshuis, met ruim 5 hectare grond aan de heer Hendrik de Groot (1919-2000) te Utrecht. De Groot splitste het kasteel en de tuinmanswoning op in diverse wooneenheden, die tot voor kort door vele personen bewoond zouden worden.

Na zijn overlijden liet de heer De Groot het kasteel na aan de door hem opgerichte Stichting "De Kiem", die het in 2004 doorverkocht aan de huidige eigenaar. Deze heeft het, in de laatste driekwart eeuw steeds meer onderkomen, landgoed ondergebracht in een NSW-BV. Het beheer van het kasteel en landgoed is in handen van de hiertoe opgerichte Stichting Behoud Sterkenburg, welke ook de uitvoerige restauratiewerkzaamheden coördineert. Sterkenburg is recentelijk gerestaureerd, mede met subsidies van de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM).


Monumenten in de buurt van Sterkenburg: kasteel in Driebergen Rijsenburg

Sterkenburg: parkaanleg

Langbroekerdijk 10
Driebergen Rijsenburg (Gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Onderdeel 2 HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG. De eerste aanleg van de HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG rondom kasteel Sterkenburg gaat verm..

Sterkenburg: brug

Langbroekerdijk 10
Driebergen Rijsenburg (Gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Onderdeel 7 BRUG Brug tussen oprijlaan en voorplein ten zuiden van het kasteel uit 1859 met gegoten zinken leuningen door Ludwig Schutz ui..

Sterkenburg: brug

Langbroekerdijk 10
Driebergen Rijsenburg (Gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Onderdeel 8 BRUG Brug nabij vijver en wilgenlaan ten noordwesten van het kasteel uit omstreeks 1856 met gegoten zinken leuningen door Ludw..

Sterkenburg: moestuin

Langbroekerdijk 10
Driebergen Rijsenburg (Gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Onderdeel 9 MOESTUINMUREN, KAS, KOUDE BAK EN SPALIERHEKKEN In de loop van de 18de-eeuw gebouwde rood bakstenen moestuinmuur en twee delen ..

Sterkenburg: twee schamppalen aan weerszijden van de oprijlaan

Langbroekerdijk 10
Driebergen Rijsenburg (Gemeente Utrechtse Heuvelrug)
Onderdeel 10 SCHAMPPALEN De twee vroeg 17de-eeuwse hardstenen SCHAMPPALEN bevinden zich links en rechts van de oprijlaan ten oosten v..

Kaart & Routeplanner

Route naar Sterkenburg: kasteel in Driebergen Rijsenburg