Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Bijbelschool De Wittenberg (voorheen Christelijk Jongensinternaat) in Zeist

Gebouw

Krakelingweg 10
3707HV Zeist
Utrecht

Bouwjaar: 1920
Architect: G. van Hoogevest Hoogevest G. van Hoogevest


Beschrijving van Bijbelschool De Wittenberg (voorheen Christelijk Jongensinternaat)

Inleiding Internaat met conciergewoning, gebouwd in 1920 als Christelijk Internaat voor jongens t.b.v. het aan de Lindenlaan te Zeist gelegen Christelijk Lyceum, naar ontwerp van architect G. van Hoogevest. In 1933 is het internaat uitgebreid met een direkteurswoning, die reeds in het oorspronkelijke ontwerp was voorzien, waardoor het gebouw een symmetrische opzet heeft gekregen. De oorspronkelijke hoofdfunctie van het gebouw is, met uitzondering van de bestemming van de diverse ruimten, nooit verloren gegaan. Bovendien verkeert het gebouw zowel inwendig als uitwendig in bijna geheel originele staat. Het internaat is opgetrokken in een traditionele bouwstijl met zowel in het exterieur als het interieur een rijke decoratie in de trant van de Amsterdamse School. De decoratie bestaat onder andere uit baksteenmetselwerk, terra-cotta sculpturen, ornamenten en tegelwerk, allen vervaardigd door W.C. Brouwer uit Leiderdorp. Omschrijving Evenwijdig aan de weg gelegen INTERNAAT van twee bouwlagen op samengestelde plattegrond onder een samengesteld overstekend aangekapt schilddak, dat gedekt is met gesmoorde Hollandse pannen. De dakschilden zijn op regelmatige afstand van elkaar doorbroken door dakkapellen. De nok van de middenpartij is hoger dan die van de vleugels en wordt bekroond door een achthoekige monumentale schoorsteenpartij met omloop. Het pand kent een symmetrische hoofdopzet bestaande uit een middenpartij met vleugels, evenwijdig aan de Krakelingweg gelegen, waaraan aan de uiteinden woningen zijn gebouwd. Deze woningen zijn qua plattegrond en gevelopbouw verschillend. De gevels zijn bijna overal symmetrisch ingedeeld en bevatten diverse typen vensters, allen met kozijnen met aan de bovenzijde doorlopende oren en vensters voorzien van glas-in-lood. Sommige vensters zijn voorzien van paneelluiken of persiennes. De vooruitstekende middenpartij van de voorgevel of noordgevel is geleed door twee zich verjongende steunberen die onder de daklijst worden bekroond door terra-cotta sculpturen in de vorm van gestileerde hoofden. De steunberen zijn aan de onderzijde geflankeerd door plantenbakken die de drie treden hoge stoep naar de entree inklemmen. Deze hoofdentree bestaat uit stolpende houten deuren met vensters in een inpandig portiek dat is omgeven door een monumentale strekkenlaag van terra-cotta. De sluitsteen is voorzien van een gestileerde sculptuur, evenals de in terra-cotta uitgevoerde hoeken van het portiek. De vormgeving van de sluitsteen is nagenoeg identiek aan de gevelversiering van het gebouw `Cultura' in Den Haag (1921) van dezelfde W.C. Brouwer. Tussen de decoraties op de hoeken en de strekkenlaag bevindt zich een horizontale profiellijst. Ter weerszijden van het portiek bevinden zich twee kleine vensters. Dit geveldeel bevat voorts drielichtsvensters. De zijgevels van het risalerende middendeel bevatten driezijdige erkers alsmede grote halvensters in gebrandschilderd glas-in-lood. De vleugels bevatten vierlichtsvensters alsmede risalerende bouwdelen onder steekkappen met kleine vensters. De direkteurs- en conciergewoning verschillen van elkaar wat betreft de indeling van de plattegrond en de gevelopbouw. In de voorgevel van de conciërgewoning is een dichtgezette serre aan te treffen. De achtergevel van het internaat is wat de hoofdvorm betreft conform de voorgvel, met uitzondering van de beide uiteinden die een risaliet bezitten. De risalieten worden beëindigd door balkons op vierkante bakstenen pijlers. De zijgevels van de risalieten bevatten erkers. De steunberen waartussen deze erkers zich bevinden worden bekroond door terra-cotta dierfiguren. Deze stellen korhoenders, pelikanen, eekhoorns en eenden voor. De achtergevel bevat voorts hoofdzakelijk kruisvensters op de begane grond en tweelichtsvensters op de verdieping. De indeling van het interieur is nog nagenoeg geheel in originele staat. De begane grond bestaat uit een tochthal, waarin een dubbel trappenhuis ligt. Twee deuren geven toegang tot de hall, van waaruit de erachter gelegen conversatiezaal maar ook de ernaast gelegen tweede conversatiezaal en biljartkamer kunnen worden bereikt. Vanuit het trappenhuis lopen twee gangen naar de ruimten aan het einde van de vleugels, waaronder zich aan de rechterzijde de eetzaal, de garderobe en de congiergewoning bevinden en aan de linkerzijde de direkteurswoning. De erboven gelegen verdiepingen bevatten de slaapvertrekken en douchevoorzieningen. De bescherming van het interieur beperkt zich tot de begane grond.Op de begane grond zijn behalve de indeling de volgende elementen van belang. De gangen van de begane grond zijn voorzien van rood-zwarte tegelvloeren, de zalen bevatten de originele houten parketvloeren. De wanden in het entreeportaal, de hal en de gangen zijn betegeld met ongeglazuurde tegels met een welvend oppervlak (peulvrucht-motief). De entree wordt afgescheiden door klapdeuren met beslag in hout en chroom. In het trappenhuis zijn eveneens betegelde plantenbakken aangebracht. De trappen zijn van hout met dito spijlen en leuningen. Op de trappalen bevinden zich uit hout gebeeldhouwde aapjes van de hand van W.C. Brouwer. De grote halvensters zijn voorzien van gekleurd geometrisch glas-in-lood. De hall is geleed door natuurstenen Toskaanse zuilen en pilasters die met elkaar verbonden zijn door rondbogen. Aan de zijde van het trappenhuis is in de hal een in kleine handvormsteen gemetselde schouw met keramische afdekplaten en roosvormige terra-cotta details. In de conversatiezalen, de biljartzaal en de eetzaal zijn de plafonds met hout beklede stalen balken afgewerkt (moer- en kinderbalken). De korbelen zijn voorzien van snijwerk in de vorm van peulvruchten. De eetzaal bevat een originele schouw en buffet. De garderobe is eveneens in originele staat. Dit gedeelte bevat geglazuurde terra-cotta tegels als lamberizering. Ook in de direkteurswoning bevindt zich nog een originele schouw. Tot de inventaris behoren de genoemde aapjes die in de hal op de trappalen zijn opgesteld. Waardering Het internaatsgebouw annex directeurswoning uit 1920 is van architectuurhistorische waarde vanwege het bouwtype, de bijzondere terra-cotta ornamentiek in ex- en interieur, de combinatie van traditionele architectuur met Amsterdamse School-elementen alsmede de gaafheid van zowel het exterieur als het interieur. Het pand kent voorts een hoge ensemblewaarde vanwege de ligging in de bosrijke omgeving op de as van een bospad dat deel uitmaakte van de aanleg van het zeventiende eeuwse Zeister slot. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 510279
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Het voormalige Christelijk Jongersinternaat, tegenwoordig Bijbelschool De Wittenberg.

Het Christelijk Jongensinternaat was een christelijk internaat dat van 1909 tot 1980 bestond. Het grootste deel van zijn bestaan was het gevestigd in Zeist.

Het Christelijk Jongensinternaat werd in 1909 in Zetten (Betuwe) gesticht als tehuis voor zonen van predikanten en medici. Het was onderdeel van de Vereeniging voor Christelijk Hooger en Middelbaar Onderwijs, een van de vele christelijke filantropische instellingen in Zetten die op initiatief van Ottho Gerhard Heldring waren ontstaan. Oprichters waren ds. W. Bieshaar (predikant te Zetten), ds. A.W. Ippius Fockens (predikant te Hemmen) en dr. H.A. Weststrate (directeur van de Christelijke Normaalschool voor onderwijzeressen te Zetten).

De eerste regent was Daniël Koets die het jongensinternaat samen met zijn vrouw leidde. Koets werd in 1913 opgevolgd door ds. H. van Dijk, door de jongens 'de Do' genoemd. In 1917 werd door het internaatsbestuur besloten naar Zeist te verhuizen op instigatie van de NCSV-secretarissen dr. Herman Cornelis Rutgers en Maarten van Rhijn. Deze vereniging had van 1916 tot 1917 haar secretariaat in Zeist

Van 1918 tot 1922 verbleven de internisten in een zijvleugel van Slot Zeist die gehuurd werd van de familie Labouchère. Het curatorium van internaat en school werd vanaf 1919 voorgezeten door de gereformeerde voorman Hendrikus Colijn (ARP-politicus en later minister-president van vijf kabinetten). In die periode verrees een internaatsgebouw aan de Krakelingweg en werd in de buurt daarvan het Christelijk Lyceum aan de Lyceumlaan gebouwd. In 1922 kon van het Slot verhuisd worden naar de Krakelingweg. In het nieuwe internaatsgebouw konden aanvankelijk 50, later 81 'internisten' in een eigen kamer wonen. Ds. Van Dijk overleed in 1926 aan de gevolgen van leukemie. Het jaar erna werd hij opgevolgd door ds. G.W.C. Vunderink.

Formeel is in 1980 het Jongensinternaat Zeist, dat toen geleid werd door oud-marineman C.Ph. van Dulm, gesloten. In het cursusjaar 1980-1981 werd het instituut voortgezet aan de Krakelingweg onder de naam De Nieuwe Weg. De leiding was overgenomen door drs. G.K. (Guido) Wiersma. In 1981 is het internaat in gemengde vorm voortgezet op landgoed De Hoogt in Maarn onder de naam Internaat De Hoogt. Dit internaat bouwde voort op de waarden uit de Zeister periode en heeft tot 1999 bestaan.

Het internaatsgebouw aan de Krakelingweg is tegenwoordig grotendeels in gebruik bij Bijbelschool De Wittenberg, voorheen de Reformatorische Bijbelschool. Ook deze opleiding is een internaat.

Over de geschiedenis van het Christelijk Jongensinternaat is in 2013 een 692 bladzijden tellend boek verschenen bij de Delftse uitgeverij Eburon, geschreven door P.V.J. (Jan) van Rossem (ISBN 978-90-5972-791-5) met de titel Het Internaat. Het boek was een project van meerdere decennia voor Van Rossem (zelf oud-internist) en bevat zeer gedetailleerde beschrijvingen van het internaatsleven.


Monumenten in de buurt van Bijbelschool De Wittenberg (voorheen Christelijk Jongensinternaat) in Zeist

Wingerdhof

Boulevard 16
Zeist
Inleiding Villa Berkenhof, thans Wingerdhof genaamd, gebouwd in 1910 door architect J. Stuivinga als eigen woonhuis. In het ontwerp zijn in..

De Dieptetuin

Van Tetslaan 2
Zeist
Inleiding Door de Van Tetslaan, Valckenboschlaan, Burgemeester van Tuylllaan en Lindenlaan omsloten en grotendeels door bebouwing aan het o..

Blindeninstituut

Prins Alexanderweg 78
Huis ter Heide (Gemeente Zeist)
Inleiding Van oorsprong als Blindeninstituut in 1910 gebouwd, naar ontwerp van architect C.B. Posthumus Meyjes voor het bestuur van de Prin..

Houten tuinhuis

Acacialaan 18A
Zeist
Inleiding Dit houten tuinhuis is in 1919 naar ontwerp van bouwkundige M.J. Boot gebouwd door de NV Nederlandse Meubelindustrie Van Dijk en ..

Houten villa

Prof. Lorentzlaan 64
Zeist
Inleiding Houten villa gebouwd in 1920 naar ontwerp van en uitgevoerd door Franz Scherrer, een Duitse fabrikant van uitneembare en verplaat..

Kaart & Routeplanner

Route naar Bijbelschool De Wittenberg (voorheen Christelijk Jongensinternaat) in Zeist

Foto's (1)