Meer dan 63.000 rijksmonumenten


't Joppe: hoofdgebouw in Joppe

Kasteel Buitenplaats

Joppelaan 110
7215AH Joppe (gemeente Lochem)
Gelderland

Bouwjaar: ca. 1740 1740 ca. 1740


Beschrijving van 't Joppe: hoofdgebouw

(Huis 't Joppe, Joppelaan 110) HOOFDGEBOUW. In rode baksteen opgetrokken onderkelderd hoofdgebouw, bestaande uit een terugliggend centraal gelegen paviljoen, dat door twee vooruitspringende paviljoens wordt geflankeerd. De paviljoens zijn met afgeknotte met Hollandse blauwe pannen gedekte schilddaken overkapt, die elk van een houten omgaande balustrade met diagonale spijlen en centraal gelegen rechthoekige vakken zijn voorzien. Oorspronkelijk waren beide hoekpaviljoens even groot. In 1853 werd het rechter paviljoen naar achteren vergroot. Het voorste (NW-)gedeelte van het centrale paviljoen is evenals de zijpaviljoens hoger gelegen dan het achterste gedeelte van het centrale paviljoen, dat van een onderhuis is voorzien. Waarschijnlijk duidt dit niveau-verschil van deze twee gedeelten op een eerdere ontstaansdatum van het achterste gedeelte van het centrale paviljoen. De bouwdatum van het huis is onbekend. Aan de hand van stijlkenmerken van de stuc-plafonds en schouwen in het huis in Lodewijk XV-stijl zou het huis omstreeks 1760 gedateerd kunnen worden, hetgeen in tegenspraak is met de vormgeving van de balustervormige spijlen van het trappehuis en van de pilasters van de omlijsting van de ingangspartij, die eerder in de jaren '30 van de 18e eeuw thuis horen; laatstgenoemde datering is meer in overeenstemming met de paviljoenvormige opzet van het huis, die in de tweede helft van de 18e eeuw in Nederland een ongewoon verschijnsel is. Uit het oogpunt van de bewonersgeschiedenis van 't Joppe zou verondersteld kunnen worden, dat de huidige opzet van het huis in drie paviljoens in de jaren 1739 -1742 werd gerealiseerd, toen Geertruid Bouwer eigenaresse was. In de jaren '60 van deze eeuw werd het huis gerestaureerd. Toen zijn de empire schuifvensters vervangen door neo 18e-eeuwse schuiframen. Ingangs(NW-)zijde: de ingang is centraal in het middenpaviljoen gelegen en wordt benadrukt door een uitzonderlijke monumentale omlijsting, die tot halverwege de kap is doorgetrokken, en door een klokketoren met uurwerk op de nok van het dak. De omlijsting bestaat uit twee pilasters tegen lisenen met blokmotief. Het gebuikte voetstuk van de pilasters is versierd met een schelpmotief en met régence traliewerk in reliëf. Aan de onder- en bovenzijde van de schacht van de pilasters een palmetmotief. De pilasters worden door een modillon met schelpmotief afgesloten. De omlijsting wordt bekroond door een klokvormig houten kuifstuk, waarin twee door rijk gesneden krulwerk omgeven wapenschilden, waarboven een kroon. De kroon is aangebracht bij de restauratie in de jaren '60, toen ook de oorspronkelijk blanke schilden met de wapens van Van Hovell tot Westerflier en Weezeveld (links) en Boreel de Mauregnault (rechts) werden beschilderd. Boven het kuifstuk een vierkante klok met aan de voor(NW-)zijde de wijzerplaat, waarboven een 8-zijdige open klokketoren met bel, waarin het jaar 1741 is gegraveerd. Binnen de omlijsting een dubbele voordeur met halfronde (boven) en in omtrek gebuikte (beneden) panelen met rocaille snijwerk. Erboven, op de eerste verdieping, een schuifraam met (thans) 56-ruitsindeling. Voor de restauratie bevond zich hier een fenetre a terre met halfrond bovenlicht en met een empire Frans balkon. Hierboven, op de tweede verdieping, een (thans) 28-ruits schuifvenster. Aan weerszijden van de ingangspartij en op de naar elkaar toeliggende zijden van de hoekpaviljoens beganegronds (thans) een 30-ruits schuifvenster en op de eerste verdieping een schuifvenster met (thans) 40-ruitsindeling. Aan elk der voorzijden van de hoekpaviljoens op de beganegrond twee schuifvensters met (thans) 30-ruitsindeling en op de eerste verdieping twee schuifvensters met (thans) 40-ruitsindeling. De vensters aan de voorzijde van de hoekpaviljoens zijn van persiennes voorzien. Op de tweede verdieping aan beide hoekpaviljoens een getoogde dakkapel met (thans) een 16-ruits schuifvenster. In de zijgevel van het linker hoekpaviljoen vier blinde vensters. Aan de achterzijde van beide hoekpaviljoens op de beganegrond (thans) een 30-ruits schuifvenster, op de eerste verdieping (thans) een schuifvenster met 40-ruitsindeling en op de tweede verdieping een dakkapel als aan de voorzijde. Het centrale paviljoen is naar achteren 3-zijdig uitgebouwd. Wellicht vond deze aanbouw naderhand in de 18de eeuw plaats. Op de beganegrond aan de achterzijde een dubbele deur met een (thans) 24-ruitsindeling. Links en rechts hiervan een blind venster. Op de eerste verdieping, alwaar de koepelkamer is gesitueerd, in de drie uitgebouwde zijden een schuifvenster met (thans) 40-ruitsindeling. De NO-zijde van het midden paviljoen is in drie traveeën geleed met op de beganegrond twee schuifvensters met (thans) 25-ruitsindeling en aan de rechterzijde (thans) een 30-ruits schuifvenster. Onder de twee eerstgenoemde vensters aan deze zijde twee keldervensters met links een luik en rechts een rooster. Op de eerste verdieping drie schuifvensters met (thans) een 40-ruitsindeling en op de tweede verdieping een dakkapel als aan de voorzijde van de hoekpaviljoens. De ZW-zijde van het midden paviljoen is in drie traveeen geleed met beganegronds drie (thans) 30-ruits schuifvensters en op de eerste verdieping drie (thans) 40-ruits schuifvensters. Op de tweede verdieping een dakkapel als aan de voorzijde van de hoekpaviljoens. Aan de zijgevel van het rechter paviljoen een open aanbouw uit de jaren '50 van deze eeuw, die voor de bescherming van ondergeschikte betekenis is. Op een foto van voor de Tweede Wereldoorlog bevond zich aan deze zijde een serre van circa 1900, die zich bijna over de gehele lengte van het paviljoen uitstrekte. Rechts op de beganegrond een dubbele 19e-eeuwse deur met getoogde vensters met per deur een 11-ruitsindeling. Hierboven op de eerste verdieping een schuifvenster met (thans) een 40-ruitsindeling en links hiervan een identiek venster, dat in deze eeuw opnieuw is geopend en tijdens de restauratie van de jaren '60 is aangebracht en voorzien is van deze indeling. Ook het schuifvenster met 30-ruitsindeling aan de linkerzijde op de beganegrond is in 1933 opnieuw geopend. Inwendig: het voorste gedeelte van het centrale paviljoen wordt over zijn volle breedte ingenomen door een vestibule, die tevens trappehuis is. De wanden en plafonds van de vestibule, het trappehuis en de gang van dit gedeelte op de eerste en tweede verdieping vertonen rijke stuc-decoraties in Lodewijk XV-stijl, die waarschijnlijk omstreeks 1760 zijn aangebracht. Dit geldt ook voor rijke vormgeving in Lodewijk XV-stijl van de marmeren mantels en schoorsteenboezems met spiegel-omlijstingen van de vertrekken aan de voorzijde van de hoekpaviljoens op de beganegrond en van het vertrek aan de voorzijde van het zuidwestelijke paviljoen op de eerste verdieping. De beganegronds gesitueerde kamer in het noordwestelijke paviljoen heeft rood damasten behang en gordijnen uit circa 1890. De houten balustrade van de centraal in de vestibule gelegen bordestrap is van rijk gestoken régence balusters voorzien, die vermoedelijk omstreeks 1730-1740 zijn aangebracht. De kleine halfronde galerij in het trappehuis, die op de tweede verdieping van het achterste gedeelte van het centrale paviljoen is gelegen en die de haaks op deze galerij en het trappehuis gesitueerde gang in dit achterste gedeelte van licht voorziet, heeft een identieke balustrade. Aan de achterzijde van het centrale paviljoen bevindt zich een ronde koepelkamer uit de laatste kwart van de 18e eeuw, die naar vijf zijden een gezicht op het park biedt. Het koepelgewelf rust op een als attiek behandelde in zeven traveeen gelede tamboer. Aansluitend is ook de wand van de koepel door acht pilasters in zeven traveeen geleed; tussen de pilasters, de vijf genoemde vensters, een dubbele ingangsdeur aan de NW-zijde en ter weerszijden hiervan een halfronde nis. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 455947
Laatste wijziging: 2014-10-12 20:04:29.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Huis 't Joppe in 1908

Huis 't Joppe is een landhuis iets ten oosten van de buurtschap Joppe. Het landgoed dateert van omstreeks 1740 en heeft een ingangspartij in Lodewijk XIV-stijl.

Erg oud is dit landhuis niet in vergelijking met kastelen, want de eerste vermelding van een landgoed op deze plaats is van 1565. Dit landgoed was bezit van Lubbert van Kuinre, die omstreeks deze tijd de Nijelanden nabij Gorssel liet ontginnen. In een document uit 1609 is sprake van Jobstede of Nieulant, de herkomst van de naam Job in dit verband is niet bekend.

Bewoners

Ook omtrent de eerste eigenaren is weinig met zekerheid te zeggen. Het is wel waarschijnlijk dat Joppe van Baar hier met zijn gezin in de winter woonde, zomers woonde hij in Egmond aan de Noord-Hollandse kust. De eigenaar heeft het kasteel dus waarschijnlijk naar zichzelf genoemd. Hij is in 1616 overleden. In 1617 was Goossen Kremer de eigenaar, deze werd ervan verdacht land in te pikken van de gemeenschap (marke) door stiekem grenssloten te verleggen. In 1673 was Jan van Suchtelen, burgemeester van Deventer, de eigenaar. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Willem van Suchtelen, die luitenant was bij de cavalerie en stierf in 1703.

Waarschijnlijk kwam het goed toen aan Willems zuster, Vreda van Suchtelen, die in 1676 was getrouwd met Hendrik van Markel, eveneens burgemeester van Deventer. Hun jongste dochter trouwde met Arnold Bouwer, ook burgemeester van Deventer. Zij lieten omstreeks 1740 het huidige huis bouwen, waarbij vermoedelijk materialen van het oudere huis zijn gebruikt.

Hun zoon, Hendrik Frederik Brouwer, erfde het goed en werd tevens burgemeester van Deventer. Hij was getrouwd met Antonetta Gesina Jordens, scheidde van haar en hertrouwde met Harmanna van Suchtelen. Dit echtpaar kreeg als zoon: Arnold Hendrik van Markel Bouwer, die getrouwd was met de adellijke Sophia Adriana Everdina van Heeckeren. Toen zij weduwe was geworden, verkocht ze het goed in 1826 aan de speculant Lukas Binkhorst. Deze verkocht het goed in 1827 aan Antonie Brants, die schoonzoon was van Anthony Christiaan Winand Staring, die stierf in 1862. Deze is drie maal getrouwd geweest en had twaalf kinderen, van wie er nog tien in leven waren. Dit gaf zoveel complicaties bij de erfenis, dat men het goed opnieuw verkocht heeft, en wel aan drie broers Van Hövell tot Westerflier, van wie uiteindelijk Frans Ernst Alexander Van Hövell tot Westerflier in het landhuis zou gaan wonen. Deze liet in 1867 de katholieke kerk Onze Lieve Vrouw Tenhemelopneming bij het landhuis bouwen, zodat hij niet in Zutphen ter kerke behoefde te gaan. Door huwelijk zou Frans uiteindelijk kasteelheer van Asten worden.

L.F.M. de Maes Janssens-von Heijden (1920-2011), lid van de familie von Heyden, bewoonde tot haar overlijden Huis 't Joppe dat via haar moeder, L.J.F. von Heijden-baronesse van Hövell tot Westerflier en Wezeveld (1893-1984) die op het huis werd geboren en er overleed, in haar bezit kwam.

Natuur en landschap

't Joppe is een landgoed van 100 ha met parkbos en kleine stukjes naald- en loofbos, maar ook weilanden en akkers, waarop een aantal fraaie alleenstaande bomen staan. Er leven ringslangen en vleermuizen.

Het gebied is vrij toegankelijk, behalve het landhuis en de directe omgeving ervan. Daarom is ook de zogenaamde berceau, een looftunnel van haagbeuken, niet te bezichtigen.

Er loopt een wandelroute, de Drie Kieftenroute, langs het landhuis en over het landgoed.


Monumenten in de buurt van 't Joppe: hoofdgebouw in Joppe

't Joppe: historische tuin- en parkaanleg

Joppelaan 110
Joppe (Gemeente Lochem)
(Joppelaan bij 110) HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG. De oudste historische bronnen van de aanleg van 't Joppe gaan terug tot in 1565, toen L..

't Joppe: koetshuis annex stal

Joppelaan 110
Joppe (Gemeente Lochem)
(Joppelaan bij 110) KOETSHUIS ANNEX STAL. In rode baksteen opgetrokken koetshuis annex stal onder met Hollandse blauwe pannen gedekt zadelda..

't Joppe: oranjerie

Joppelaan 110
Joppe (Gemeente Lochem)
(Joppelaan bij 110) ORANJERIE: in rode baksteen opgetrokken oranjerie op rechthoekige grondslag uit ca. 1850, waarvan de naar het zuiden ger..

't Joppe: tuinmuren

Joppelaan 110
Joppe (Gemeente Lochem)
(Joppelaan bij 110) TUINMUREN. Twee 18e-eeuwse rode bakstenen muren, die de moestuin en boomgaard aan de ZW- en ten dele aan de NO-zijde afb..

't Joppe: koepel

Joppelaan 110
Joppe (Gemeente Lochem)
(Joppelaan bij 110) KOEPEL. In de as van het huis geplaatste in oorsprong 18e- of vroeg 19e-eeuwse achtzijdige rode bakstenen koepel, met ac..

Kaart & Routeplanner

Route naar 't Joppe: hoofdgebouw in Joppe

Foto's (2)