Meer dan 63.000 rijksmonumenten


Grote of Sint-Bavokerk in Haarlem

Kerkelijk Gebouw

Oude Groenmarkt 23
2011HL Haarlem
Noord Holland

Bouwjaar: rond 1515
Architect: Jan Fierens e.a.

Top 100 monument

Grote of Sint-Bavokerk

Haarlem, koorbanken en koorhek in de Grote of Sint Bavokerk: de koorbanken dateren uit 1512, de wapens zijn later in de 16de eeuw aangebracht. Als voorbeeld van voor-reformatorische kerkelijke kunst zijn de banken onovertroffen. Het koorhek is tussen 1509-1515 tot stand gekomen, het koperwerk is van de Mechelse kunstenaar Jan Fierens. De uitvoering van het koorhek duidt op groot vakmanschap en gevoel voor detail. Ondanks de ouderdom van diverse eeuwen heeft het niets aan zeggingskracht verloren. Uniciteit, hoogstaande uitvoering van het houtsnijwerk bepalen de niet te evenaren waarde van dit inventarisstuk.

Beschrijving van Grote of Sint-Bavokerk

De GROTE of ST. BAVOKERK, in 1479 tot kapittelkerk verheven, in 1559 kathedrale kerk, sinds 1876 in restauratie, gebouwd ter plaatse ener 1307 vermelden en XIVc grotendeels afgebrande kerk, wier laatste delen eerst 1470 gesloopt werden (tufstenen grondslagen hiervan in 1843 gevonden), is een kruiskerk, bestaande uit: een grotendeels bergstenen schip (begonnen pl.m. 1400)met twee zijbeuken (voltooid 1483) van baksteen, met toepassing van bergsteen, waaruit de gehele westgevel opgetrokken is; een dwarspand (1445-XVc) doch verhoogd (de noordarm voor 1496 in bergsteen); een driezijdig gesloten koor (XVd) van bergsteen met 9/18 gesloten omgang van baksteen, voltooid in 1483; en de volgende aanbouwsels tegen schip en koor, beginnende van het Westen: aan de zuidkant a. de leprozenkapel (nu collectantenkamer); b. de geheel op de zuidbeuk geopende vondkapel (kapel De Raat, 1423-1426, XVIIa verbouwd, naar men wil door Lieven de Key, die de steunberen en de geveltop in classicistische trant behandelde); c. de H. Geestkapel (nu kamer van diakenen); d. de doopkapel met een dichtgemetselde ingang in haar zuidwand; e. een ruimte (oorspronkelijk portaal, nu predikantenkamer) met zandstenen portiek (XVd), ten Z. waarvan een wenteltrap, leidend naar een zolderruimte; f. tegen de westmuur van de zuidelijke dwarsarm de H. Grafkapel (XVc); g. tegen de zuidelijke dwarsarm een modern portaal (ter plaatse van een XVd); h. ten O. van deze arm, en geheel geopend op de kooromgang, de Brouwerskapel (XV B) met een in de zuidoosthoek ingebouwde bergplaats (v.m. archief van het Brouwersgilde); i. de sacristie der vicarissen (XV) met een ingang in de noordwand en een wenteltrap, leidend naar een erboven gelegen vertrek en naar de 'Librye' en, hoger op, naar de omgang boven langs het koor; j. de vergaderkamer van kerkvoogden (XVIIb); k. de grote sacristie (1428), waarboven de "Librye" (Kerkvoogden archief); l. ten Z. hiervan de kosterswoning (ten dele XV); m. ten ZO. van de koorsluiting een gebouw (1659, door Salomon de Bray in gotiserende trant hersteld 1903), bevattende de kerkeraadskamer en het "heerenkantoor" (voormalige vergaderzaal der kerkmeesteren) en in welks gevels zich twee gebeeldhouwde cartouches bevinden; n. tegen een zuidoostelijke sluitingswand een portaal (bovendeel later herbouwd en gewijzigd XVIb); met geprofileerde ingangen aan oost- en zuidzijde, hoekberen (vermoedelijk gewijzigd XVII), versierde borstwering en geveltop aan de noordkant; o. tegen de derde travee van het W. de Cellebroederskapel (1428, later Hondenslagerskapel genoemd), over de gehele hoogte op de noordbeuk geopend; p. ten O. van de noordelijke dwarsarm (dus tegenover de Brouwerskapel) de over de gehele hoogte op de kooromgang geopende Kerstkapel (XV B, herbouwd sinds 1557), in wier noordwand zich nog een fragment van een balustrade (XVId) met obelisk bevindt; q. ten O. hiervan de kapel der zeven weeen (XVc, sinds XVId ook kapel van Schagen geheten), waarboven een verdieping. Traptorens: in de hoek tussen de noordelijke arm en het schip; in de hoek tussen de laatstgenoemde kapel en de kooromgang; in de westgevel naast de zuidelijke steunbeer. Op de kruising een met lood beklede, ten dele open, klokketoren (1520, door Jacob Symonsz. van Edam), ter vervanging van een stenen, sinds 1505 onder leiding van Anthonis Keldermans gebouwd, die te zwaar bleek voor de kruisingspijlers. In de vernieuwde westgevel een dubbele ingang, waarboven een groot (XVIIIb dichtgemetseld) venster (waarin zich een door bisschop Joris van Egmond geschonken, glasschildering van 1545, naar, in het Rijksmuseum te Amsterdam bewaarde, cartons van Gerrijt Boels naar ontwerpen van Barend van Orleij bevond). De muurversterkingen van de hoge lichtbeuk hebben inkassingen, wijzend op aanvankelijk beraamde luchtbogen en stenen overwelving. De gevels van de dwarsarmen vertonen in de top nissen, de middelste waarvan aan de noordzijde een Mariabeeld (1496) bevatte (thans in de archiefkamer geborgen) en aan de zuidzijde nog een beeld van de H. Bavo (XVd) bevat. Traceringen, balustrades, pinakels en bekroningen der westelijke beren nieuw. Gesmeed ijzeren leliekruis (thans in de kooromgang geborgen). Als bouwmeesters worden, behalve de reeds genoemde, vermeld: Godevaert de Bosscher en Steven van Afflighem (schip), en Mr Evert van Antwerpen (dwarspand). Inwendig: in het schip zuilen met bladkapitelen, in het koor zonder kapitelen (in plaats hiervan dunne lijsten, waarboven de boogprofielen te niet lopen). In het koor een triforium, in het schip en het dwarspand borstweringen onderlangs de vensternissen. Over het koor en het schip houten stergewelven (1532-1538), gedragen door muurzuilen op kraagstenen en met kapitelen. Stenen kruisribgewelven met versierde sluitstenen over de zijbeuken (in de noordbeuk: 1483), de kooromgang, de kapellen en het oostelijk portaal; stenen stergewelf (1500, blijkens een opschrift boven de noordelijke boog) over de kruising; stenen kruisribgewelven (1891-1892) over de dwarsarmen. In de leprozen-kapel een gotisch deurtje. In de H. Geestkapel versierde kraagstenen (engelen met Passie-werktuigen) en sluitsteen (H. Geest); gotisch deurtje; in de noordwand een kruisvormige opening naar de kerk. In de predikantenkamer gebeeldhouwde kraagstenen. In de H. Grafkapel twee gebeeldhouwde sluitstenen (Salvator en H. Geest), en dito kraagstenen; in de oostwand een nis voor het H. Graf; kruisvormige opening naar het dwarspand. In de Brouwerskapel twee gebeeldhouwde sluitstenen (St. Maarten en St. Bavo). In de sacristie der vicarissen een gotische nis (lavabo); op de verdieping een opening, uitzicht gevend in de Brouwerskapel; eiken tongewelf op gesneden koppen. In de vergaderkamer van kerkvoogden een eiken deur in omlijsting (XVIIb). In de grote sacristie gebeeldhouwde kraag- en sluitstenen; op de verdieping een gotische schouw en een tegelvloer (ten dele XVI). In de Cellebroederskapel gebeeldhouwde kraagstenen (o.a. een hondenslager) en kapiteel op de middenzuil. In de Kerstkapel een sluitsteen (1557 en wapen van Pieter van Dorp). Over de verdieping boven de kapel der zeven weeen een eiken kap met geprofileerde schinkels. De kerk bezit: Eiken koorhek (XVIa) met gesneden panelen en koperen spijlen (1514, ten dele vernieuwd), gegoten door Jan Fyerens van Mechelen naar modellen, gesneden door Mr Steven. De bekroning over het middendeel is van 1877. Eiken koorafscheidingen met laat-gotische panelen (1536,door Damiaan Hendriks) en gesneden spijlen (XVIc). Twee koorafsluitingen (XVII). Fragmenten van een zandstenen afsluiting (XVIc) aan de oostzijde van het koor; de bekroning hiervan bevindt zich in de doopkapel. Gesmeed ijzeren hek (1426, door Mr Geurt) voor de vontkapel. Koorgestoelte (XVIa) met twee gesneden figuren en met rustklampen ('misericordes'), ten dele vernieuwd; in de rugpanelen van vijf-en-dertig zitplaatsen geschilderde wapens (XVIc); overhuiving met gesneden kroonlijst, waarin de wapens van Haarlem en St. Bavo. Vierkante hardstenen doopkuip. Eiken preekstoel (1679, door Abr. Snellaert naar ontwerp van Erasmus den Otter) met gesneden versiering (XVIIa) boven het klankbord (1844) en een bekroning (vermoedelijk XIXb); geelkoperen leuningen (1679, door Gilles Wybrandts, naar modellen van Abr. Snellaert). Eiken preekstoel (XVIIa) in het koor. Koperen lutrijn: pelikaan, in 1498 gegoten door Jan Fyerens van Mechelen. Koperen predikantslezenaar; dito voorzangerslezenaar; dito doopbekkenhouder (XVIId). a. Hoofdorgel: orgel met Hoofdwerk, Bovenwerk, Rugwerk en vrij Pedaal, in 1738 gemaakt door Christiaan Muller. Orgelkas met versiering van J. van Luchteren met galerij en front naar ontwerp van Dan. Marot. Hieronder een marmeren allegorisch reliëf (1735) door J.B. Xavery. b. Koororgel: tegen noordwand een eenklaviers vroeg-18e eeuws orgel van zuidelijke factuur. In 1906 vanuit het Liefdegesticht te Breda. Eiken gestoelte (H. Geestbank, ongeveer 1500, hersteld 1880) tegen de westmuur van de zuidbeuk. Hiernaast een steen met opschrift (1553). Enige eiken regeringsbanken (XVII). Drie eiken tochtportalen, waarvan twee in 1640 naar ontwerp van Pieter Post, en een (XVIIb). Grafmonumenten. Gebeeldhouwde cartouche (1569-1572) voor Ermgaert Coenraetsdr. tegen de zuidwestelijke kruisingspijler; dito cartouche (1607) voor Nic. van der Leurin de Brouwerskapel; epitaaf de Raet-Schuylenburch (1771); marmeren gedenkteken (1843, door Jos. Geefs te Antwerpen voor Christ. Brunings en Fred. Will. Conrad); grafteken (1806) door P.J. Gabriel te Amsterdam; gedenkteken (1831) voor Bilderdijk. Twee roodzandstenen doodkisten. Talrijke zerken, de oudste van 1479 (van Berkelrode), verschillende XVI-XVIII; zerk (1649) in koperen rand; enige zerken met koperen handvatsels (XVIIIc). In het koor de zerk van Frans Hals. Verminkte stenen groep (XVd, Christus voor Pilatus ?) in de noordelijke arm. Gipsen borstbeeld van Koning Willem I (1825, door J.F. Sigault te Amsterdam). Tapijtschilderingen (XVIa, op een: 1506) tegen de zuilen van het koor; twee schilderijen (teksten in omlijsting, resp. 1580 en 1585, deze laatste door Jacob Savrye) tegen de kruisingspijlers; schildering (XVI) in de oostelijke scheiboog van het koor aan de noordzijde; schildering (XVI) op een muurzuil in de kooromgang. Gebrandschilderde glazen: een (ongeveer 1655, afkomstig uit de Ned. Herv. Kerk in De Rijp); een (1679, door Krijn Gerritsz. Cuylenburgh, afkomstig uit de Ned. Herv. Kerk te Beverwijk, met oud en nieuw wapen van Haarlem en in de inneming van Damiate); een (1698, door Willem van Cleeff en Pieter Loover te Rotterdam, afkomstig uit de Ned. Herv. Kerk te Lisse)met het wapen van Rijnland en de wapens van Dijkgraaf, secretaris en hoogheemraden; een (1741, afkomstig uit de in 1846 afgebrande Grote Kerk te Hoorn) met afbeeldingen van ambachten; enige fragmenten (1788-1790), afkomstig uit de Ned. Herv. Kerken te Warder en te Alkmaar), met geslachtswapens. Schilderij (XVIa, door van Mander aan Geertgen tot St. Jans toegeschreven), op paneel, voorstellende de St.Bavokerk aan de zuidzijde, met de toren van 1505. Twee koperen wandluchters (XVIa); een aantal graflantaarns (XVIIIc) met het wapen van Haarlem. Twee tekstborden (XVId) vier psalmborden (XVIc), twee opschriftborden (1573); in de kooromgang een eiken bord (1581, maar met frontons XVIIb); in de Brouwerskapel een bord (1652, door Nic.Boddingius) met namen van predikanten; een bord met vers, geschilderd 1738, en met de voorstelling (XVIIb) van een weesjongen en een weesmeisje (hierbij een geldkist); een bord (1658) met de wapens van diakenen en een vers, ondertekend D.G.(uldewagen). Zilverwerk (gedeeltelijk ook van de Bakenesser en de Nieuwe Kerk). Twee gegraveerde avondmaalsbekers (1592, door Corn.Willems Doren), met afbeelding der kerk; twee eenvoudige (blijkens de merken 1645, door G. Meynertsz Fabritius); een (1649); twee (1653, door Jan Akersloot); een (1654, door dezelfde); twee (1732, door Jacob Groeneweg); twee (1737); twee collecteschalen (1728); acht blaadjes (1737). In 1919 is in een graf een fragment van een laat-gotische zilveren paternoster gevonden. Klokken: een in 1503 gegoten door Gerijt van Wou, twee in 1667 door Petrus Hemony te Amsterdam, een in 1686 door Claude Fremy; twee (de z.g. 'Damiaantjes') gegoten in 1732 (door C.Crans ? te Amsterdam). Klokkenspel, waarvan 10 klokken gegoten door F. Hemony 1661/62. Trommelspeelwerk uit ca. 1664. In de Librije wordt een klokje (1638) bewaard, dat vroeger bij het orgel hing. Uurwerk (1665) van J. Sprakel te Zutphen. Varia: drie scheepjes (XVII, een in 1686 vervaardigd door David Koenen), een ijzeren traliekist en een ijzeren geldkist (XVI); een ijzeren offerkist (XVI); twee ijzeren zegelstempels (1616 en 1631); in de doopkapel een wijzerklokje (1731, door Is. Hasius); staven (XIXa) der officieren van de brandweer, beschilderd met afbeeldingen der kerk. In de sacristie der vicarissen een reeks van predikantenportretjes, waarvan twee (XIXa), getekend door J.P. Visser Bender. In de kerkeraadskamer: een schoorsteen met gebeeldhouwde zandstenen wangen (ongeveer 1600) en een ijzeren haardplaat (XVIII); enige panelen (XVII) ener betimmering; een eiken portaal, waarvan het schotwerk afkomstig is uit een huis in de Zijlstraat-hoek Nassaulaan; twee koperen wandarmen (XVII); een schilderij (XVIIc); aanbidding der herders (in de trant van A. Bloemaert); vier gesneden leeuwtjes (XVII), afkomstig van een herenbank. In het 'heerenkantoor' een schoorsteen als in het vorig vertrek, met een schilderij (XVIId, bloemstuk in de trant van G.P. Verbruggen) in een omlijsting (XVIIc); eiken betimmering (pl.m. 1650); beschilderde zoldering (XVIIc), een eiken kast (XVII B), een spiegelkast (XVIIIc), twaalf stoelen (XVIII) vier gesneden leeuwtjes (XVII, afkomstig van een herenbank); lijst met de namen der kerkvoogden (1737-1765); twee koperen wandarmen; enig tinwerk (XVII-XVIII). In de vergaderkamer van kerkvoogden: een eiken deur met omlijsting(pl.m. 1650) vier eiken kasten (XVII), zes stoelen (XVIII B); bord met de namen van regenten der diaconie (XVIId-XVIIIa).) In de grote sacristie: een waterverftekening (1804, door H.P. Schouten), gezicht op het klokhuis uit het Westen; een dito tekening (1844), naar een schilderij van P. Saenredam, gezicht door de kerk naar het Zuiden; een in O.I. inkt gewassen pentekening (1789, door V. van der Vinne), gezicht in de kerk naar het Oosten. Waterverftekening (XVII B), gezicht in de St. Laurenskerk te Rotterdam, uit het Oosten. In de kosterij: een kruisribgewelf (over de voormalige kleine sacristie); een eiken kast (XVII); een beschilderd grafbord (1595). Aan de zuidzijde der kerk lage winkels (XVIIa, maar gemoderniseerd). De volgende schilderijen, uit de St. Bavokerk afkomstig, zijn thans in het Frans Halsmuseum: St. Lucas de H. Maagd schilderend (1532, altaarstuk der St. Lucaskapel door Maarten van Heemskerck); twee zijstukken van een drieluik (1546, door M. van Heemskerck), behoord hebbende tot het Drapeniersaltaar; de jongelingen in de gloeiende oven, altaarstuk (1575, door P. Pietersz). van het Bakkersgilde. (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

Rijksmonument nummer: 19264
Laatste wijziging: 2015-01-12 19:49:54.0

Recensies en ervaringen

Toevoegen

Wikipedia artikel

Dit artikel is volledig afkomstig van Wikipedia en valt onder de CC BY-SA licentie
Zie het artikel Niet te verwarren met de Kathedrale basiliek Sint Bavo, eveneens in Haarlem.
Grote of Sint-Bavokerk
Aanzicht vanuit het noordwesten
Aanzicht vanuit het noordwesten
Plaats Haarlem
Denominatie Van 1370 tot 1573 katholiek, sindsdien protestant.
Gebouwd in 1370-1520
Gewijd aan Sint-Bavo
Monumentnummer  19264
Architectuur
Bouwmethode kruisbasiliek
Toren 75 m (vieringtoren, 1520)
De vieringtoren
De vieringtoren
Portaal  Portaalicoon   Christendom
De Grote Markt in 1696, schilderij van Gerrit Adriaensz. Berckheyde
Houten gewelven in de Sint-Bavokerk te Haarlem

De Grote of Sint-Bavokerk is de grootste kerk in de Nederlandse stad Haarlem, gelegen aan de Grote Markt. Hij is gewijd aan Sint-Bavo. De middeleeuwse kruiskerk (bouwperiode: 1370-1520) die midden in het oude centrum van de stad staat is opgetrokken in de gotische bouwstijl. Midden op het kerkgebouw staat een ruim 75 meter hoge houten, met lood bedekte, laatgotische vieringtoren. De kerk behoort tot de 'Top 100 van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg' uit 1990.

De kerk werd oorspronkelijk gebouwd als een katholieke kerk. In 1559 werd de kerk de kathedraal van het nieuw opgerichte bisdom Haarlem, totdat de kerk na de Reformatie een protestants bedehuis werd.

Bouwgeschiedenis

De huidige Grote of Sint-Bavokerk heeft verscheidene voorgangers gehad, zowel houten als stenen parochiekerken. In 1370 werd de laatste voorganger, een in romaanse stijl gebouwde parochiekerk, door een brand zwaar beschadigd. Deze kerk is toen grotendeels hersteld, ook bouwde men een nieuw gotisch koor. Dit koor dat omstreeks 1400 tot stand kwam, staat er nu nog steeds. De bouwmeester van dit koor was waarschijnlijk Meester Engelbrecht van Nijvel.

In 1445 begon men onder leiding van de Brabantse architect Everaert Spoorwater aan de kruising en transepten, die rond 1500 werden voltooid. In 1470 werd een overeenkomst gesloten met Godevaert de Bosser en Steven Elen om een schip aan de kerk toe te voegen. Een jaar later, in 1471, werd de oude parochiekerk afgebroken, waarna men met de bouw van het schip begon. In 1481 kwam het schip tot stand en twee jaar later de twee zijbeuken. In het plan van Spoorwater was ook een forse westtoren opgenomen, die echter nooit werd gebouwd.

In 1502 maakte Cornelis de Wael, bouwmeester van de Dom van Utrecht, een ontwerp voor een stenen kruisingtoren, een Vlaams-Brabants element dat een unicum is in de noordelijke Nederlanden. De Wael stierf in 1505 en werd door Antoon I Keldermans opgevolgd. Snel bleek dat de vier kruispijlers het gewicht van de stenen toren niet konden dragen. Daarom werd de toren tussen 1514 en 1517 weer afgebroken. De veel gehoorde veronderstelling dat met het vrijgekomen bouwmateriaal een lantaarn op de romp van de toren van de Haarlemse Bakenesserkerk gebouwd werd is niet houdbaar.[1] Men besloot een 74 meter hoge, met lood bedekte, houten toren op de kruising van de kerk te bouwen, bestaande uit een open achtkant en bekroond door een open ui. Het ontwerp van deze lichtere toren was vermoedelijk van Michiel Bartssoen. Na zijn dood voltooide Jacob Symonsz. van Edam zijn werk. De bouw van de toren begon in 1518 en werd in 1520 voltooid.

Opmerkelijk is het ontbreken van de luchtbogen terwijl de aanzetten wel aanwezig zijn. De bogen konden vervallen omdat men de zware stenen gewelfconstructie verving door hout. Waarschijnlijk durfden de bouwers het risico van deze zware constructies op de slappe onbetrouwbare bodem niet aan. Een andere lezing is, dat de bekendheid met de scheepsbouw toentertijd, heeft geleid tot dit aparte Hollandse kerkinterieur.[2]

Hoewel de Grote of Sint-Bavokerk door verschillende bouwmeesters is gebouwd, vertoont de kerk als geheel toch een eenheid van gotische stijl.

Interieur

In 1529 begon men met de bouw van een netgewelf in het koor, twee jaar later was de bouw voltooid. Tussen 1535 en 1538 werd onder leiding van Jacob Symonsz het schip van een houten netgewelf voorzien.

Voor de Reformatie stonden er vier biechtstoelen en behalve het hoofdaltaar in het koor nog tweeëndertig altaren. Deze werden op 6 maart 1573 door de Hervormden verwijderd.

Het interieur van de kerk werd op 29 mei 1578, Sacramentsdag, zwaar beschadigd door calvinisten, gesteund door de Staatse troepen. Daarbij werd ook de plebaan van de kerk gedood. De kerk werd veiligheidshalve door de stedelijke overheid gesloten en later aan de calvinisten overgedragen.

In de Grote of Sint-Bavokerk liggen ongeveer vierhonderd grafstenen. In veel zerken zijn zogenaamde huismerken, eenvoudige merktekens of wapenschilden gebeiteld van de eigenaars van de graven. De nummers op de stenen staan in zogenaamde grafboeken geregistreerd, de namen van de begraven personen staan erin opgetekend. Onder het koor bevindt zich het graf van de schilder Frans Hals. Andere bekende personen die in de Grote of Sint-Bavokerk begraven liggen, zijn de kerkschilder Pieter Saenredam en de schrijver Willem Bilderdijk, die als laatste in de kerk begraven werd.

Interessant zijn de 17e-eeuwse preekstoel met gotische verhuiving, de koorbanken (1512) met amusant houtsnijwerk, de koperen lezenaar met pelikaan (1499) en vooral het mooie koorhek met koperen maaswerk.

Klokken

Het voormalige 'klokhuis' de houten klokkentoren achter de koorsluiting van de 'Grote Kerk'.

In 1429 werden de klokken uit de laatste voorganger van de Grote of Sint-Bavokerk in een groot houten klokhuis achter het koor van de kerk opgehangen. In 1804 werd, om de financiën van de stad te versterken, deze toren gesloopt en werden de klokken verkocht. In 1918 werd een kleinere ijzeren replica neergezet door de firma Joh. Enschedé.

In de grote vieringtoren op de kerk hangt de klok Roeland van de Kamper klokkengieter Geert van Wou uit 1503. Het is de bourdon dwz. de zwaarste klok in de toren. Ze bezit toon A0, weegt ± 4900 kg en slaat de hele uren. Om de uurslag aan te kondigen werd er in 1524 een voorslag aangeschaft die in Mechelen werd gegoten door Cornelis Waghevens. Het was op veel plaatsen in Holland gebruikelijk dat er ongeveer 10 tot 15 klokken werden gebruikt voor deze voorslag die in veel gevallen ook met de hand werd bespeeld. Omdat de middeleeuwse klokkengieters niet in staat waren de klokken helemaal zuiver te stemmen zijn er veel klachten terug te vinden in de Haarlemse stadsarchieven; echter kwam er niet eerder dan in 1662 een klokkenspel van François Hemony uit Amsterdam, die een aanzienlijk groter klokkenspel maakte voor de Grote of Sint-Bavokerk namelijk 32 klokken. Het klokkenspel werd in 1670 nog uitgebreid tot 35 klokken door zijn broer Pieter Hemony. Dit klokkenspel werd bij de laatste restauratie in 1968 door Eijsbouts grotendeels vervangen en gelijk uitgebreid tot een concertbeiaard van 47 klokken. De reeks klokken is gestemd in de Middentoonstemming op basis Des1. De bij deze restauratie vrijgekomen 25 Hemonyklokken hangen sinds die tijd in de Bakenessertoren als tweede klokkenspel van Haarlem. In 2010 waren de laatste werkzaamheden aan het carillon van de Grote Kerk om de bespeelbaarheid te verbeteren. Wekelijks wordt het carillon door de stadsbeiaardier bespeeld op de marktdag dat is op maandag van 12 tot 13u en op vrijdag van 12.45 tot 13.15u Verder is er in de zomer op dinsdagavond voor de aanvang van de gemeentelijke orgelconcerten een carillon concert wat meestal door gastbeiaardiers gegeven wordt. De stadsbeiaardier is ook verantwoordelijk voor het versteken van de de speeltrommel die acht keer per uur de klokken laat klinken om de tijd aan te geven en de uurslag aan te kondigen. De nootjes (pinnen) op de speeltrommel worden twee maal per jaar verstoken om nieuwe melodieën te realiseren. Rien Donkersloot is door de gemeente Haarlem aangesteld als stadsbeiaardier van Haarlem als opvolger van Bernard Winsemius.

Kleppen van de damiaatjes
Vista-kmixdocked.png
(download·info)

Volgens de "Legende van het Haarlemse schild", werden de twee klokken in de bovenste lantaarn van de toren tijdens de 'Vijfde Kruistocht' door Haarlemse strijders meegenomen uit Damiate en in de toren geplaatst. In werkelijkheid waren ze een geschenk van ene Johannes Dircks uit Aalst, als geschenk aan Nicolaas van Nieuwland, de bisschop van Haarlem in 1562. Sindsdien worden de twee klokken elke avond tussen 21:00-21:30 uur geklept, Oorspronkelijk als een signaal voor het sluiten van de stadspoorten. In 1732 werden de klokken die Piet en Hein worden genoemd, hergoten door Jan Albert de Grave een klokkengieter uit Amsterdam. Ondanks dat Haarlem niet langer een vestingstad met stadspoorten is, werd de traditie van het dagelijkse kleppen in stand gehouden om de verovering van Damiate te herdenken op 25 augustus 1219.

    • Tegenwoordige klokken situatie in de toren
      • Bourdon
    • 1 door Geert van Wou 1503 (Roeland) A0
      • Beiaard op basis des1
    • 10 door François Hemony, 1661-1662
    • 37 door Eijsbouts, 1968
      • Damiaatjes
    • 2 door Jan Albert de Grave (Piet en Hein) 1732 bes2 en d3
      • Luidklokken
    • 1 door Claude Fremy - c2 - 1686 (Kermisklok)
    • 1 door Pieter Hemony g2 - 1667
    • 1 door Eijsbouts (als vervanging van een gescheurde P. Hemony klok) a2 - 1965

Orgel

1rightarrow blue.svg Zie Hoofdorgel Grote of Sint-Bavokerk Haarlem voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Sint-Bavokerk met Müllerorgel

Vanuit het schip van de Grote of Sint-Bavokerk heeft men een prachtig uitzicht op het Müllerorgel, het gigantische pijporgel dat tussen 1735 en 1738 werd gebouwd door de uit Duitsland afkomstige Christian Müller. De met bladgoud versierde, houten orgelkast is gemaakt door Jan van Logteren. Bij zijn voltooiing was het orgel het grootste ter wereld. Het heeft 62 stemmen en ongeveer vijfduizend pijpen, de kleinste daarvan hebben het formaat van een potlood, de grootste zijn zevenendertig centimeter in doorsnede en ruim tien meter lang. Sinds 1990 is Jos van der Kooy stadsorganist. Anton Pauw bespeelt het orgel tijdens de kerkdiensten.

Op de hoek van de koorsluiting bevindt zich een klein koororgel.

Veel beroemde personen hebben op het Müllerorgel gespeeld, onder wie Mendelssohn, Händel en de tien jaar oude Mozart in 1766.

Wetenswaardigheden

Sinds 1853 (Herstel van de bisschoppelijke hiërarchie) is er weer een bisdom in Haarlem gevestigd, en sinds 1930 heeft de stad ook weer een kathedraal, de Kathedrale Basiliek Sint Bavo.

De Grote of Sint-Bavokerk heeft een vereniging van vrienden. De Vereniging Vrienden van de Grote Kerk is opgericht in 1975. Doel van de vereniging is het behoud en de restauratie van uit cultuurhistorisch oogpunt waardevolle objecten in de Grote of Sint-Bavokerk te Haarlem.

Begraven in de Grote of Sint-Bavokerk

Glas-in-loodramen

Externe links



Monumenten in de buurt van Grote of Sint-Bavokerk in Haarlem

Lage huisjes tegen de Grote Kerk aan gebouwd

Oude Groenmarkt 1
Haarlem
Lage huisjes tegen de Grote Kerk aangebouwd.

Pand met lijstgevel met fraai gesneden consoles

Oude Groenmarkt 22A
Haarlem
Pand met lijstgevel met fraai gesneden consoles, 18e eeuw.

Fraaie gevel met verhoogd middenstuk, gebeeldhouwde zijstukken, gebogen fronton bekroning, gedodekopte muren, moderne winkelpui

Oude Groenmarkt 24
Haarlem
Fraaie gevel met verhoogd middenstuk, gebeeldhouwde zijstukken, gebogen fronton bekroning, gedodekopte muren, 19e eeuwse winkelpui.

Pand met trapgevel, sterk gerestaureerd

Oude Groenmarkt 16
Haarlem
Pand met trapgevel, sterk gerestaureerd.

Pand met klokgevel met horizontale banden, bekroond door driehoekig fronton met vazen op de hoeken

Oude Groenmarkt 14
Haarlem
Pand met klokgevel met horizontale banden, bekroond door driehoekig fronton met vazen op de hoeken, eind 17e eeuw.

Kaart & Routeplanner

Route naar Grote of Sint-Bavokerk in Haarlem